WINTERNACHT 2

foto Serge Ligtenberg

Wat weten we eigenlijk van de ziel? Vraag het Midas Dekkers en hij ontneemt je al je illusies. Hij opende de tweede Winternacht, en daarmee een zoektocht naar de ziel. Op andere podia jonge dichters, vrouwen op ontdekkingsreis, pure performers uit de Cariben, het dictee Sranatongo, film en muziek. Een programma op vijf podia met o.a. Allard Schröder, Karen Armstrong, Pankaj Mishra, Ramsey Nasr, Izaline Calister en Cynthia McLeod.

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 van 20:00 tot 01:30 uur
Locatie Theater aan het Spui & Filmhuis Den Haag
Prijs € 23,50 (Uitpas € 22,00 CJP/studentenkaart/ooievaarspas € 11,75)

Tijdschema 13 januari

Filter op locatie:
Filter op gesproken taal:
Tijd Locatie
20:00 - 23:55 Theater aan het Spui - foyer Boeken, platen en het achtergelaten land
20:10 - 21:00 Theater aan het Spui - grote zaal Op zoek naar de ziel. Deel 1: De Wetenschap
20:10 - 21:00 Theater aan het Spui - kleine zaal Vrouwen op ontdekkingsreis
20:10 - 21:30 Filmhuis - zaal 6 Dictee Sranantongo
20:10 - 21:05 Filmhuis - zaal 7 Jonge dichters - deel 1
21:10 - 21:30 Theater aan het Spui - grote zaal Haytham Safia
21:10 - 21:30 Theater aan het Spui - kleine zaal Izaline Calister - gezongen verhalen
21:10 - 21:35 Filmhuis - zaal 7 Scholierendichters
21:40 - 22:01 Theater aan het Spui - grote zaal Op zoek naar de ziel. Deel 2: De Religie
21:40 - 22:01 Theater aan het Spui - kleine zaal Performers pur sang: Suriname en Sint Maarten
21:40 - 22:30 Filmhuis - zaal 6 Film: Promised Paradise
21:40 - 22:01 Filmhuis - zaal 7 Jonge dichters - deel 2
22:35 - 23:00 Theater aan het Spui - grote zaal Haytham Safia
22:35 - 23:00 Theater aan het Spui - kleine zaal Izaline Calister - gezongen verhalen
22:35 - 23:01 Filmhuis - zaal 7 Film: Goudlijn
22:35 - 00:05 Filmhuis - zaal 6 Film: Mana Beyond Belief
23:05 - 23:55 Theater aan het Spui - grote zaal Op zoek naar de ziel. Deel 3: De Kunst
23:05 - 23:55 Theater aan het Spui - kleine zaal Omwille van liefde - Surinaamse en Arubaanse schrijfsters in Nederland
23:55 - 01:30 Theater aan het Spui - foyer De Afrikaanse dansvloer: Benkadi

Line-up

Benkadi International

bestaat sinds 1989 en speelt moderne West-Afrikaanse muziek. Zij heeft de Mandingo muziek in Nederland geïntroduceerd. Ondanks het gebruik van moderne instrumenten blijft de traditionele klank bewaard, vooral dankzij zanger Idrissa Magassa, gitarist Zoumana Diarra en drummer Dramane Diarra. De unieke stijl van Benkadi is een krachtige combinatie van oude volksliedjes, die algemeen maatschappelijke morele waarden bezingen, en moderne swingende muziek. Ook met Richard Has: bas, Bas Blanken: gitaar en Mamour Seck: percussie.
Benkadi International

Adriaan van Dis

(Bergen, 1946) groeide op in een gezin met een Indische achtergrond. Dit is terug te vinden in meerdere van zijn romans waaronder Indische duinen (1995), Familieziek (2002) en in Naar zachtheid en een warm omhelzen (2023), bekroond met de NS Publieksprijs. Van Dis werd beroemd met zijn TV-programma Hier is… Adriaan van Dis (1983-1992). Naast romans schreef hij novellen, reisverhalen, essaybundels en toneelstukken; presenteerde hij tv-documentaireseries. Hij won onder meer de Libris Literatuurprijs en is onderscheiden met de Constantijn Huygens-prijs voor zijn gehele oeuvre. Recent verschenen de bundel Vijf vrolijke verhalen (2021), de roman KliFi, woede in de republiek Nederland (2022) en het essay De kolonie mept terug: over witte arrogantie en voortschrijdend inzicht: een denkoefening en leesreis (2024)Tijdens het Writers Unlimited Festival 2026 is Van Dis op zaterdagmiddag 24 januari hoofdgast van een gesprek n.a.v. de verschijning van zijn nieuwe boek Alles voor de reis, en maken hij en zijn interviewer Simon Dikker Hupkes zondagochtend 25 januari, live met publiek, een nieuwe aflevering van zijn podcastreeks Van Dis Ongefilterd.

Bekijk de website van Adriaan van Dis
Adriaan van Dis - foto: Jeanette Huisman

Changa Hickinson

(Aruba, 1957) is een van de bekendste en beste dichters van Sint Maarten. Hij woonde in Trinidad en Nederland, voordat hij zich vestigde op Sint Maarten. Daar verscheen zijn eerste bundel Illegal Truth (1991) onder de naam Ras Changa. Vanaf het midden van de jaren tachtig tot vroeg in de jaren negentig maakte hij naam vanwege zijn geloof, het Rastafari, en vooral vanwege de voordracht van zijn donderende poëzie op culturele manifestaties. Changa is niet alleen dichter, hij ontpopt zich ook als acteur. Tevens is hij actief als vakbondsmedewerker: hij heeft zich opgeworpen als organisator van de organisatie van buschauffeurs in het zuiden van St. Maarten. De grote opkomst van bus- en taxichauffeurs bij de centrale TourMap transport vergadering in 2005 was mede aan hem te danken. Zijn werk is verschenen in een bloemlezing van Sint Maartense literatuur. Hij schrijft over de multiculturaliteit van Sint Maarten. Op dat Bovenwindse eiland wonen meer dan zeventig verschillende nationaliteiten. De oorspronkelijke bevolking is inmiddels in de minderheid. Changa zet vraagtekens bij het feit dat Europeanen zich vrijelijk mogen vestigen op Sint Maarten terwijl Caribische migranten een visum nodig hebben om op het eiland te kunnen wonen. Met Winternachten trad hij op in Nederland (Den Haag) en ging hij mee op tournee in Indonesië en de Nederlandse Antillen.
Changa Hickinson

Celestine Raalte

(Paramaribo, 1948) is dichter, schrijver, voordrachtskunstenaar en doet schooltheater. Zij heeft twee gedichtenbundels uitgegeven: Akwenda Streven en Ma Awitya. 'Mijn grote inspiratiebron zijn de oma's uit de volksbuurt waar ik als kind gewoond heb. Verder alle alleenstaande moeders die hard moeten werken om hun kinderen op te voeden.' Zij werd diverse keren gehuldigd, onder meer toen zij in 1997 de Kwakoe Award kreeg voor haar bijdrage aan de Surinaamse kunst. Zij verzorgt workshops op basisscholen, mavo en havo. Ze werkt mee aan het Studium Generale van de hogeschool te Rotterdam. In Amsterdam is zij bezig met de workshop Life Lines. Haar thema's zijn: de kracht van de vrouw, apartheid, hoop, liefde en alles wat haar raakt.
Celestine Raalte 

Sombra

(ps. van Stanley Richard Slijngard, 1939) is woordkunstenaar en dichter. Sombra werd geboren in Totness, Coronie, Suriname. Hij is sterk maatschappelijk betrokken. In 1973, ten tijde van de grote onderwijzersstakingen, ging hij twee keer in hongerstaking om aandacht te eisen voor de maatschappelijke ellende. Sombra deed ook mee aan straattheater Fri Makandra, 1975. Hij is mede-oprichter van Schrijversgroep '77 en 25 jaar actief geweest in het bestuur. Hij publiceerde de dichtbundels Tarta (1974), Dagwe (1976), Ten-Tijd (1989) en Griot (1992). Daarnaast zijn verhalen van hem opgenomen in Hoor die Tori (1990), Sirito (1993) en de Ware Tijd Literair. Sombra is de laatste jaren vooral actief als voordrachtskunstenaar. Hoewel hij zijn moslimgeloof daarbij niet onder stoelen of banken steekt, staat Sombra open voor de multiculturele samenleving waar hij deel van uit maakt. Sombra dicht voornamelijk in het Sranan.
Sombra - foto Ismene Krishnadath

Thomas Rosenboom

(Doetinchem, 1956) groeide op in Arnhem. Na het atheneum ging hij naar Nijmegen om psychologie te studeren. Drie jaar later brak hij die studie af. Omdat hij schrijver wilde worden ging hij Nederlands studeren in Amsterdam. Hij bleef daar na het behalen van zijn doctoraal examen wonen. In 1982 debuteerde hij met het verhaal Bedenkingen (later opgenomen in De mensen thuis) in De Revisor. Thomas Rosenboom won met Publieke werken als enige schrijver voor de tweede keer de Libris Literatuurprijs. Eerder won hij deze prijs al voor de roman Gewassen vlees. Minder bekend maar even spannend is Vriend van verdienste (1985) die aan deze bestsellers voorafging. Zijn boeken hebben hun weg inmiddels naar het grote publiek weten te vinden en zijn alle leverbaar.
Thomas Rosenboom tijdens Winternachten 2004 - foto Serge Ligtenberg

Pankaj Mishra

(India, 1968) is een van de invloedrijkste auteurs van fictie en nonfictie van onze tijd. Hij maakte zijn internationale doorbraak als romanschrijver met The Romantics, over een Indiase student die in de heilige stad Benares geconfronteerd wordt met Westerse gewoonten en denkwijzen. Hij bereikte wereldwijd een groot publiek met From the Ruins of Empire (2012), een studie naar de creatie en ontwikkeling van een Aziatische ideologie en zelfbewustzijn na 1905, los van Europees kolonialisme. In 2017 verscheen Age of Anger: A History of the Present, een nonfictieboek waarin Mishra de wederopstanding van reactionaire en rechtse politieke bewegingen in de late jaren 2010 beschrijft en onderzoekt. Hij draagt politieke en literaire essays bij aan The Guardian, de London Review of Books, de New York Review of Books en The New Yorker. Recent verscheen zijn The World After Gaza: A History.
Pankaj Mishra - foto: Maya Mishra

Nukila Amal

(Ternate, Indonesië, 1971) heeft gestudeerd aan de Tourism College of Bandung en heeft een aantal jaar in de toeristenindustrie gewerkt. In 1997 is ze begonnen met schrijven, maar ze heeft haar werk pas ter publicatie gestuurd in 2000. Haar debuutroman Cala Ibi verscheen in 2003 en is lovend ontvangen. De roman kreeg een plaats op de shortlist van The Khatulistiwa Literary Award 2002-2003.
Nukila Amal - foto Serge Ligtenberg

Zeffry Alkatiri

(1960) is geboren en getogen in Jakarta. Zijn familiegeschiedenis – met Arabische, Pakistaanse en Betawi voorouders - weerspiegelt het cosmopolitische karakter van zijn geboortestad. Hij studeerde Russisch en Amerikaanse studies aan de Universitas Indonesia in Jakarta. Momenteel werkt hij als docent aan de vakgroep Russisch van de Universitas Indonesia. Het dichterschap van Zeffry werd in een klap gevestigd toen hij met zijn dichtbundel Dari Batavia sampai Jakarta, 1619-1999 de prijs voor ‘De beste Indonesische dichtbundel 1998-2000’ won. Andere publicaties die op zijn naam staan zijn Manusia, Mitos, dan Mitologi (1998), Pintu, Etalase, Batavia Centrum (verzamelde gedichten, 1998), en Konflik Nilai dalam Sejarah Perkembangan Sastra Rusia.
Zeffry Alkatiri tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Ajip Rosidi

(1938) is in Indonesië een bekend romanschrijver, literair criticus en voorheen uitgever van moderne Indonesische literatuur. Daarnaast zet hij zich al meer dan veertig jaar in voor het behoud en de bevordering van de taal en cultuur van zijn geboortegebied, het Sundanees. Hij schrijft in die taal, onderzoekt en documenteert historische geschriften en bevordert ook de bestudering van andere regionale talen in Indonesië. Op jonge leeftijd publiceerde hij zijn eerste bundels verhalen en gedichten, zoals het semi-autobiografische Perjalan pengantan (1958). Rosidi ontwikkelde zich snel tot een van de meest productieve en gezaghebbende literaire essayisten en critici. Ajip Rosidi heeft altijd waar mogelijk de samenwerking met het buitenland gezocht, ook in projecten met Nederlanders en Nederlandse instellingen. In samenwerking met het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) in Leiden werkte hij aan een project voor documentatie, conservering en publicatie van Sundanese pantuns (lange epische gedichten, in nachtenlange sessies voorgedragen). Rosidi ontving in 2004 de Professor Teeuwprijs, vanwege zijn inzet voor de versterking van de culturele relaties tussen Nederland en Indonesië.
Ajip Rosidi

Sitor Situmorang

(Sumatra 1924) is dichter van de generatie 1945. Hij werkte in Indonesië o.a. als journalist en als docent aan de nationale Theateracademie in Jakarta. Hij was voorzitter van de Nationale Raad voor Kultuur. Van 1967 tot 1976 zat hij gevangen onder het regime van Soeharto. Van 1982 tot 1990 was hij docent aan de Universiteit van Leiden. Daarna woonde hij achtereenvolgens in Pakistan, Parijs en Jakarta. Nu woont hij weer in Nederland. Bij uitgeverij De Geus verschenen in 1990 Bloem op een rots (gedichten) en in 1996 De oude tijger (verhalen). In oktober 2004 verscheen in Jakarta de tweetalige verzamelbundel Lembah Kekal/Eeuwige Vallei, ter gelegenheid van zijn 80e verjaardag. Momenteel wordt er gewerkt aan een filmportret. In oktober 2006 ontving hij de South East Asian Write Award in Bangkok.
Sitor Situmorang in 2003 - foto Ton van de Langkruis

Allard Schröder

debuteerde in 1989 met de roman De gave van Luxuria, twee jaar later gevolgd door De muziek van de zwarte toetsen. Met Raaf drong Schröder door tot een groter publiek. Hij schildert de bizarre lotgevallen van Raaf, zijn ex-vrouw en zijn jeugdvriend met grote, indringende kracht. De verhalen in Het pak van Kleindienst (1995) spelen zich af tijdens uiteenlopende momenten in de geschiedenis. In zijn roman Grover onderzoekt Allard Schröder een aantal essentiële levensvraagstukken. De hydrograaf, genomineerd voor de Libris-prijs en bekroond met de AKO-literatuurprijs, is een wonderlijke roman waarin de wetmatigheden van de zee zich spiegelen in die van de liefde. In 2005 verscheen de roman Favonius en begin 2006 de essaybundel Nieuwe tijden. Naast romans publiceerde Allard Schröder verhalen en schreef hij hoorspelen. Hij is redacteur van De Revisor.
Allard Schröder - foto Jan-Reinier van der Vliet

Michaël Zeeman

(1958-2009) was dichter, schrijver en publicist en werkte als vaste columnist voor de Forum-pagina en Cicero van de Volkskrant. Eerder was Zeeman chef kunstredactie bij de Volkskrant en van 2006-2007 correspondent in Rome. Sinds 1997 was hij als adviseur en gespreksleider betrokken bij festival Winternachten. In 2006 verscheen Wie Kan het Paradijs Weerstaan, een briefwisseling met Abdelkader Benali, waarin beide schrijvers van gedachten wisselen over politiek, het leven, de liefde en literatuur. In 2002 ontving Zeeman de Gouden Ganzenveer, vanwege zijn verdiensten voor de Nederlandse literatuur. Zeeman verwierf in de jaren negentig bekendheid als gespreksleider door zijn maandelijkse boekenprogramma 'Laat op de avond na een korte wandeling', dat later 'Zeeman met boeken' ging heten. In 1991 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel Beeldenstorm, waarvoor hij de C. Buddingh-prijs ontving. Zijn tweede bundel, Verhoudingen, verscheen in 1995. In datzelfde jaar publiceerde hij ook de verhalenbundel De Verduistering. In 2009 overleed hij aan de gevolgen van een hersentumor.
Michaël Zeeman - foto Serge Ligtenberg

Fouad Laroui

(Marokko, 1958) won in 2013 de Prix Goncourt de la Nouvelle voor zijn verhalenbundel L'étrange affaire du pantalon de Dassoukine. Sinds zijn debuut in 1996 is humor zijn wapen tegen intolerantie, zowel in zijn romans als in zijn overige werk. In zijn fictie, zoals de verhalenbundel Poldermarokkanen (2010) en de romans Een kleine bedrieger (2012) en De rijkste vrouw van Yorkshire (2014) beschrijft Laroui keer op keer de botsing van de Noord-Afrikaanse cultuur met de westerse. Zijn roman L'insoumise de la porte de Flandre (2017) gaat over Fatima, een vrouw uit Molenbeek die voor alles zoekt naar vrijheid. Fouad Laroui groeide op in Casablanca en studeerde econometrie en wis-, natuur- en bouwkunde in Parijs. Hij doceert Franse letterkunde en Arabische culturen aan de Universiteit van Amsterdam.
Fouad Laroui - foto Eduard Lampe

Alaa al Aswani

(Cairo, 1957) is schrijver, tandarts, en een van de oprichters van de oppositiebeweging Kefaya die aan de wieg stond van de Egyptische Revolutie. Hij brak internationaal door met Het Yacoubian, een roman over de levens van de bewoners van een flatgebouw in Caïro. Hoewel Al Aswani een onthutsend beeld schetst van de Egyptische samenleving was zijn roman jarenlang een bestseller in Egypte. Het boek werd verfilmd en er werd een tv-serie van gemaakt. Al Aswani schrijft vlot en geestig en zijn korte hoofdstukken zitten vol actie, sfeer en drama. Zijn novelle Eigen vuur uit 2004, over een jongeman die zeer kritisch is over de corruptie in Egypte, werd verboden. Krantencolumns van Al Aswani over de politieke ontwikkelingen in Egypte werden gebundeld in Over Egypte - Reflecties op het ontstaan van de revolutie.Tijdens het festival wordt zijn meest recente roman in het Nederlands gepresenteerd: De automobielclub, over Cairo eind jaren veertig toen Egypte een Brits protectoraat was.
Alaa al Aswani

Michiel van Kempen

(Oirschot, 1957) leefde vijf jaar in Suriname en vervolgens bijna tien jaar in de Amsterdamse Bijlmermeer. Van Kempen is de samensteller van twee omvangrijke bloemlezingen: Spiegel van de Surinaamse poëzie (1995) en Mama Sranan. 200 jaar Surinaamse verhaalkunst (1999). Hij promoveerde in 2002 met zijn proefschrift Een geschiedenis van de Surinaamse literatuur, een studie van de Surinaamse literatuur tot aan de onafhankelijkheid in 1975. Hij publiceerde de verhalenbundels Landmeten (1992), Bijlmer, oh Bijlmer! (1993) en Pakistaanse nacht (2002), de roman Plantage Lankmoedigheid (1997) en een reisverslag over India, Het Nirwana is een lege trein (2000). Tijdens Winternachten 2005 werd de bloemlezing Noordoostpassanten, die hij samenstelde met Wim Rutgers, gepresenteerd. In 2006 verscheen zijn roman Vluchtwegen.
Michiel van Kempen tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Rustum Kozain

(Paarl, Zuid-Afrika, 1966) studeerde Engels aan de Universiteit van Kaapstad. Hij deed onderzoek naar Engelstalige Zuid-Afrikaanse poezie van 1970 tot 1990. Zijn poezie verscheen in tijdschriften in Zuid-Afrika en in het buitenland. Kozain publiceert ook recensies, korte verhalen en essays. Zijn poeziedebuut This Charting Life is uitgegeven in 2005. Hij was enige tijd verbonden aan de Universiteit van Kaapstad als docent Engelse literatuur maar is nu werkzaam als freelance redacteur. Momenteel werkt hij aan een bloemlezing poëzie voor het middelbaar onderwijs.
Rustum Kozain - foto C. Fourie

Ramsey Nasr

(Rotterdam, 1974) is dichter, schrijver, acteur en regisseur. Hij debuteert als dichter hij in 2000 met 27 gedichten & Geen lied. Nasr speelt in films en tv-series en behoort tot het ensemble van International Theatre Amsterdam. Voor zijn acteren is hij tweemaal bekroond met de Louis d'Or. Ook schrijft hij toneel, columns, essays en opiniestukken, en is van 2009-2013 Dichter des Vaderlands. Zijn vertolking van Ischa Meijer in de tv-serie I.M. (2020), naar de roman van Connie Palmen, is bekroond met een Gouden Kalf. In zijn essaybundel De fundamenten (2021) maakt hij een balans op van een land in coronatijd; in Nasr compacter (2021) brengt hij het beste uit 20 jaar dichterschap bijeen. Hij speelt in de tv-serie Oogappels, die in 2023 de Gouden Televizier-ring wint. In 2023 maakt hij voor NTR een tv-serie over objecten uit zijn verzamelingen, Dr Nasrs Wunderkammer.
Ramsey Nasr - foto Lenny Oosterwijk

Gerda Jansen Hendriks

studeerde in 1984 af bij de vakgroep Nieuwe en Theoretische Geschiedenis van de Universiteit van Amsterdam met een scriptie en bijbehorende documentaire over het beeld dat de Nederlandse bioscoopjournaals gaven van onze koloniale oorlog met Indonesië van 1945 tot 1950. Daarna was ze werkzaam als verslaggever bij de rubrieken Panoramiek, NOS Laat, NOVA en Diogenes en maakte ze verschillende afleveringen voor de historische programmaseries Na de Oorlog en De Affaire. Ze is mede-oprichtser van het programma Andere Tijden en daar werkzaam als regisseur. Spraakmakende afleveringen betroffen de verloving van Prinses Beatrix en Prins Claus, en de bemoeienis van Prins Bernhard met Papoea Nieuw Guinea.
Gerda Jansen Hendriks

Katinka van Heeren

is lid van het Indonesisch Bemiddelings Project dat, als deel van het grotere KNAW Project van Indonesie in ontwikkeling, onderzoek doet naar media in het post Suharto tijdperk. Ze schreef haar MA scriptie aan de Universiteit van Leiden, waarin ze twee Indonesische films met elkaar vergelijkt waarin strategieen van culturele hertaditionalisering en detraditionalisering in het kader van moderne Indonesische socio-politieke ontwikkelingen en identiteitspolitiek aan de orde worden gesteld. Verbonden aan het NWS en Universiteit Leiden werkt Van Heeren nu aan haar promotieonderzoek naar contemporaine Indonesische film.
Katinka van Heeren

Fadma El Ouariachi

(1957) is een eigenzinnige woordkunstenares. Ze werd geboren in het Noord-Marokkaanse Farkhana, een dorpje in de omgeving van Nador. Fadma El Ouariachi publiceerde in 1998 haar bundel Yesremd - ayi wawar (Door Taal Onderwezen). De bundel is geschreven in het Tarifit. El Ouariachi vestigde met deze bundel haar naam als dichter. De bundel werd met veel lof ontvangen. Bekende Riffijnse artiesten zoals Khalid Izri, Ithran, Mimoun Rafroua en Irizam gebruiken enkele van haar gedichten als songtekst. Fadma’s gedichten hebben een emancipatoir karakter: ze wil taboes omtrent de vrouw en de Amazigh doorbreken. Zij treedt door heel Marokko op met haar gedichten. Fadma El Ouariachi is als onderzoeker verbonden aan het instituut IRCAM (Institut Royal de la Culture Amazighe), het Koninklijk Instituut van de Amazigh Cultuur.
Fadma El Ouariachi

Karin Amatmoekrim

(Suriname, 1976) debuteert met Knipperleven (2004), gevolgd door Wanneer wij samen zijn (2006), gebaseerd op het verhaal van haar Javaans-Surinaamse familie. In haar roman Het gym (2011) beschrijft ze hoe de Surinaamse Sandra stand houdt tussen de witte hockeymeisjes. In 2013 verschijnt De man van veel over het leven van Anton de Kom, en in 2016 de memoir Tenzij de vader, een intiem verslag van de kennismaking met haar vader. Ze schrijft het scenario van het stripalbum Suske en Wiske en de Tollende Toverkol getekend door Hanco Kolk, en de tekst van het kinderboek Tori, bedacht en geillustreerd door Brian Elstak. Haar biografie In wat voor land leef ik eigenlijk? (2023) over Anil Ramdas is de handelseditie van het proefschrift waarop ze aan de Universiteit Leiden is gepromoveerd. Ze publiceeert met regelmaat verhalen, columns en opiniestukken.
Karin Amatmoekrim - foto Bob Bronshoff

Reggie Baay

(Leiden, 1955) oogstte veel lof met zijn boeken over de njai, vrouwen in Nederlands-Indië die samenleefden en kinderen kregen met Nederlandse mannen. Baay debuteerde in 2006 met het deels autobiografische De ogen van Solo, over migratie en ontworteling van Indische Nederlanders. In 2012 verscheen Gebleekte ziel, een op historische feiten gebaseerde roman over de zoon van een Balinese edelman die naar Nederland wordt gestuurd om hem te 'bleken', te ontdoen van zijn inheemse identiteit. Daar werd wat gruwelijks verricht is een non-fictie boek over de onbekende geschiedenis van de slavernij in Nederlands Oost-Indië. In 2018 verscheen zijn documentaire roman Het kind met de Japanse ogen, een persoonlijke zoektocht en historisch onderzoek naar het leven zijn vader.
Reggie Baay

Alfred Schaffer

(Leidschendam, 1973) is dichter, vertaler en docent aan de Universiteit van Stellenbosch, Zuid-Afrika. Hij debuteerde in 2000 met de dichtbundel Zijn opkomst in de voorstad. In de loop der jaren werden zijn dichtbundels vaak bekroond of genomineerd voor meerdere belangrijke prijzen, en verschenen vertalingen in onder meer Engels, Afrikaans, Frans, Chinees, Indonesisch en Zweeds. Voor de bundel Kooi ontving hij in 2008 de Jan Campert-prijs en de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Zijn werk is soms humoristisch, soms zakelijk en tegelijk vol absurde vondsten. In 2014 verscheen zijn, opnieuw veelbekroonde bundel Mens Dier Ding. In 2021 publiceerde hij de persoonlijke bundel Wie was ik?, waarvoor hij de Herman De Coninckprijs kreeg. Dat zelfde jaar kreeg Alfred Schaffer de P.C. Hooft-prijs, de grootste jaarlijkse oeuvreprijs in de Nederlandse letteren, toegekend.
Alfred Schaffer - foto Luke Kuisis

Tsead Bruinja

(1974, Rinsumageest) debuteerde in 2000 met de Friestalige dichtbundel De wizers yn it read (De wijzers in het rood). In 2008 verscheen de tweetalige bloemlezing uit zijn Friese gedichten, De Berte fan it swarte hynder/De geboorte van het zwarte paard. Bruinja heeft de gedichten zelf vertaald en in veel gevallen bewerkt. In deze bundel geeft hij een beeld van zijn jeugd op het Friese platteland, waarbij de ziekte en dood van zijn moeder een prominente plaats innemen. Bruinja stelde diverse bloemlezingen samen waaronder Droom in blauwe regenjas (2004), een compilatie van Friese gedichten, Klotengedichten (2005, poëzie over het scrotum) en Kutgedichten (2005, over het vrouwelijke geslachtsdeel). In 2007 verscheen de dichtbundel Bang voor de bal. Tsead Bruinja schreef recensies over poëzie voor Trouw, Awater, Ietsmetboeken en Boeken.vpro.nl. Bruinja combineert zijn voordrachten vaak met live muziek, zoals flamenco, trance en hiphop en interviewt regelmatig andere dichters voor publiek.
Tsead Bruinja - foto Hilde Brandsma

Vrouwkje Tuinman

(Den Bosch, 1974) studeerde Algemene Letteren en Muziekwetenschap en is sinds 1997 freelance journalist en recensent. Ze debuteerde in september 2004 met de dichtbundel Vitrine. In 2005 verscheen de roman Grote acht. Ze organiseert literaire evenementen, schrijft columns, publiceert bloemlezingen en treedt regelmatig op tijdens festivals en literaire avonden. Vrouwkje Tuinman ontving de Hollands Maandblad Poëziebeurs 2003/2004 en werd genomineerd voor de Libra Prijs en de Debutantenprijs. Momenteel werkt zij aan korte verhalen en aan de nieuwe dichtbundel Receptie, die in januari 2007 verschijnt. Ze is columnist voor Zone030 en de talkshow Cafe Z., geeft lessen poëzie- en prozaschrijven aan o.a. de Trouw Schrijfcursus 'Schrijf!', de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en de Hogeschool Utrecht.
Vrouwkje Tuinman - foto Serge Ligtenberg

Neeltje Maria Min

(Bergen Noord-Holland, 1944) publiceerde op achttienjarige leeftijd gedichten onder het pseudoniem Sophie Perk in het Algemeen Handelsblad. Handelsbladmedewerker en dichter Ed Hoornik nam naar aanleiding van de publicatie contact met haar op. Spoedig daarna werden gedichten van haar hand in het literaire tijdschrift De Gids geplaatst. In 1966 verscheen haar debuutbundel Voor wie ik liefheb wil ik heten bij uitgeverij Bert Bakker. Het werd een van de succesvolste Nederlandse dichtbundels uit de twintigste eeuw, waarvan anno 2003 80.000 exemplaren verschenen zijn, in 21 drukken. In 1985 bracht ze haar tweede bundel uit: Een vrouw bezoeken. De gedichten in de bundel Kindsbeen (1995) werden geprezen om hun heldere gekkigheden.
Neeltje Maria Min - foto Chris van Houts

Majid Bekkas

is geboren en getogen in Salé, Marokko. Gnawa-muziek werd hem bijgebracht door meester Ba Houmane. Zoals de blues via de 'Black Atlantic' haar eindpunt vond in Amerika, zo zocht gnawa zijn weg door de Sub-Sahara naar Noord-Afrika. Een weg die liep via de slavenroutes die de Marokkanen gebruikten na hun inname van Timboektoe (Mali) in de 15e eeuw. "Blues en gnawa delen dezelfde geschiedenis, zij zijn als broers die één moeder hebben: zwart Afrika." Zijn muzikale opvatting verraadt een grote kennis van de oude muzikale waarden maar hij weet ze meesterlijk te versmelten met hedendaagse muziek.
Majid Bekkas - foto Ton Maas

Izaline Calister

(Curaçao, 1969) is behalve zangeres ook componist en songwriter. In haar composities verweeft ze traditionele muziek van haar geboorte-eiland Curaçao met jazz. Bijzonder aan Calister is dat ze internationale erkenning krijgt, terwijl ze jazz zingt in een minderheidstaal: het Papiaments. Op Curaçao scoorde ze er zelfs twee nummer-1 hits mee. Calister kwam op haar achttiende naar Nederland waar zij zang studeerde aan het conservatorium. Ze treedt op met haar eigen band maar werkt ook regelmatig met andere formaties en theatergezelschappen. In opdracht van Winternachten, verzamelde ze verhalen op de Nederlandse Antillen, Aruba, in Zuid-Afrika, Indonesië, Suriname en Nederland waar ze muziek bij componeerde. Zo ontstond een repertoire van gezongen verhalen over onder andere de spin Anansi, de legende van Borobudur en het vrouwtje van Stavoren.
Izaline Calister - foto Serge Ligtenberg

Margot Dijkgraaf

(Amsterdam, 1960) is literatuurcriticus, schrijver, curator, interviewer, debatleider en ‘ambassadeur tussen Frankrijk en Nederland op het gebied van de letteren’, zoals een Franse ambassadeur ooit zei. Ze schrijft al zo’n dertig jaar over literatuur, voornamelijk voor NRC. Ze publiceerde boeken over Franse en Europese literatuur, en over Hella S. Haasse en Cees Nooteboom. In de voetsporen van mijn grootvader (2021) is een autobiografische zoektocht naar haar literaire genen. Daarvoor publiceerde ze Met Parijse pen. Literaire omzwervingen (in samenwerking met fotograaf Bart Koetsier, 2020), dat de lezer meeneemt naar Parijs, voor wandelingen in de voetstappen van beroemde Nederlandse en Franse schrijvers. In 2024 was ze artistiek curator van het gastlandschap op de boekenbeurs in Leipzig 2024, in een duo met de Duitse journaliste Bettina Baltschev.

Bekijk de website van Margot Dijkgraaf
Instagram: @margotdijkgraaf
Margot Dijkgraaf - foto Bart Koetsier

Bas Heijne

(Nijmegen, 1960) schrijft romans, essays, verhalen en toneelstukken en hij is columnist van NRC Handelsblad. Hij publiceerde de romans Laatste woorden en Suez, ontving in 2005 de Henriëtte Roland Holst-prijs en presenteerde in 2008 hij het TV-programma Zomergasten. In Moeten wij van elkaar houden, het populisme ontleed (2011) laat hij zien hoe globalisering en toenemend individualisme het populisme in de hand werken. In 2013 verscheen Angst en schoonheid, een essay over de door hem bewonderde Louis Couperus. In hetzelfde jaar werd zijn documentaire Louis Couperus - niet te stillen onrust uitgezonden. In 2015 presenteerde hij de vijfdelige documentaire De volmaakte mens. In 2016 verscheen zijn essay Onbehagen – nieuw licht op de beschaafde mens. In 2017 ontving Heijne de P.C. Hooft-prijs. Hij krijgt de oeuvreprijs voor zijn beschouwend proza.
Bas Heijne - foto Serge Ligtenberg

Estrella Acosta

(Cuba, Matanzas) zingt eeuwenoude traditionals in een ode aan haar moederland. Met haar soepele stem neemt ze haar luisteraar direct mee op reis, terug naar Cuba, waar in het dorp San José de los Ramos twee zangers een muzikale discussie voeren in de guajira-muziekstijl ‘controversia’. In deze improvisaties liggen de fundamenten van Estrella’s Cubaanse jazz. “Tijdens feesten kwamen families en vrienden samen om te zingen, te dansen en te eten. Veel verhalen werden in dichtvorm verteld en ter plekke op muziek gezet, vandaar het spontane en improvisatorische karakter.” De 'música guajira’ of ‘música campesina' staat voor veel. Het is een smeltkroes van stijlen, overgewaaid van de Canarische eilanden, Afrika en Europa, met karakteristieke melodische wendingen, poëtische teksten en de centrale rol van de gitaar als ritme-instrument. Met drummer Armando Vidal, contrabassist Pedro Luis Pardo, gitarist Carlos Irarragorri, en pianist/arrangeur Marc Bischoff.
Estrella Acosta, de zangeres van Estrella's Guajira

Cynthia Mc Leod

(Suriname, 1936) debuteerde met Hoe duur was de suiker? (1987), de roman die haar op slag de bekendste schrijver van Suriname maakte en die in 2013 werd verfilmd. Als een van de eersten beschreef McLeod de geschiedenis, het slavernijverleden en de kolonisatie van haar land vanuit een Surinaams perspectief. Inmiddels expert op dat gebied geeft ze colleges over het slavernijverleden aan diverse Amerikaanse en Canadese universiteiten, en organiseert ze educatieve tochten langs vroegere Surinaamse plantages en stadswandelingen door Paramaribo. Ze schreef andere historische romans, waaronder De Vrije Negerin Elisabeth, gevangene van kleur (1992), studies, kinderboeken en -musicals. Haar laatste boek, No kwik in het bos (2017) is een jeugdroman over een tienjarig meisje en de gevaren van kwik bij goudwinning. McLeod is een dochter van Johan Ferrier, de eerste president van Suriname.
Cynthia McLeod - Serge Ligtenberg

Cees Nooteboom

(Den Haag, 1933) debuteerde in 1955 met de roman Philip en de Anderen die al snel gevolgd werd met de dichtbundel De Doden zoeken een Huis (1956). In de romans die Nooteboom daarna publiceerde, Een lied van schijn en wezen (1981) en De ridder is gestorven (1963), lopen werkelijkheid en fictie meer en meer door elkaar. In zijn meest bekende romans Rituelen (1980) en Allerzielen (1998) is de stijl toegankelijker maar rijk aan de diepgravende intellectuele manier van schrijven van Nooteboom, die ook in zijn reisverhalen naar voren komt. Sommige reisverhalen neigen naar essayistiek terwijl een roman als In Nederland ook gelezen kan worden als een literatuurwetenschappelijk betoog. Nooteboom toont zich in zijn gedichten de taalvirtuoos die met hermetische en soms raadselachtige gedichten de lezer aanspreekt op een heel persoonlijk niveau. Vuurtijd, ijstijd, Gedichten (1984) bevat al zijn gedichten van 1955 tot 1983.
Cees Nooteboom - foto Serge Ligtenberg

Lieve Joris

(1953, België) schrijft met name over Afrika en het Midden-Oosten. In 2006 publiceerde zij de roman Het Uur van de Rebellen, over een jonge Congolees die betrokken raakt bij de strijd tussen de Hutu en Tutsi. Het Uur van de Rebellen is het derde boek van Joris dat zich afspeelt in Congo. Eerder verschenen Terug naar Congo (1987) en Dans van de Luipaard (2001). Naast Afrika richt Joris zich ook op het Midden-Oosten. Zij heeft zowel in Syrië als in Egypte gewoond. Dit resulteerde in De Poorten van Damascus (1993) en Een Kamer in Cairo (1991). Joris won verschillende prijzen, waaronder de Henriëtte Roland Holst-prijs (1993), de Cultuurprijs van de Vlaamse Gemeenschap (1999) en de Prix de l'Astrolabe (1999). In het voorjaar van 2010 benoemde Frankrijk haar tot Ridder in de Orde van Kunst en Letteren en in 2014 werd Lieve Joris bekroond met zowel de Spiegelprijs als de VPRO Bob den Uyl Prijs.
Lieve Joris - foto Serge Ligtenberg

Willem Thies

(1973) woont en werkt in Amsterdam. Hij was medeoprichter van het literair punkrocktijdschrift Zeroxat en redacteur van en schrijver voor cultureel jongerenmagazine Simpel. Een groot aantal gedichten verscheen eerder in: Passionate, De Tweede Ronde, De Brakke Hond, Nymph, De Academische Boekengids, Krakatau en The Polranny Times. In 2006 verscheen zijn debuutbundel Toendra, waarvoor hij de C. Buddighprijs ontving.
Willem Thies

Midas Dekkers

(Haarlem, 1946) is bioloog. Als student publiceerde hij stukjes over dieren in onder andere NRC Handelsblad, de Volkskrant en de Vara-gids. Een groot deel van Dekkers' oeuvre bestaat uit bundels columns over mens en (vooral) dier. Deze persoonlijke schetsen leest hij sinds 1980 voor in het radioprogramma Vroege vogels. De volstrekt eigen - verre van stichtelijke - insteek waarmee hij zijn thema's te lijf gaat vormt een organisch geheel met zijn abrupte, plastische stijl. Dezelfde eigenzinnige toon klinkt door in zijn jeugdboeken, waarvoor hij drie Zilveren Griffels en een Vlag en Wimpel heeft ontvangen. In 1985 schreef hij het Kinderboekenweekgeschenk Houden beren echt van honing? Indrukwekkend zijn de boeken Lief dier (1992), een essay over bestialiteit, en De vergankelijkheid (1997) waarin Dekkers zich met de nodige smaak verdiept in dood, verval, het onherroepelijke voortschrijden van de tijd. Ook veel succes oogstte Dekkers met De Larf (2002), over kinderen en hun ouders. In zijn nieuwste boek, Lichamelijke oefening (2006), legt hij op ironische wijze uit dat gezwoeg in de sportschool ‘umsonst’ is en dat je beter regelmatig naar het café of de boekhandel kunt lopen dan naar tennisbanen en voetbalvelden rijden om je daar een uurtje in het zweet te werken.
Midas Dekkers - foto Jeroen Mantel

Theo Jansen

is een in Nederland wonend en werkend kunstenaar. Hij studeerde natuurkunde aan de Technische Universiteit van Delft. De eerste zeven jaar van zijn kunstenaarschap maakte hij schilderijen. Daarna begon hij aan een project om een vliegende schotel echt te laten vliegen. In 1980 vloog het object over de stad Delft en zorgde voor de nodige commotie. Geïnteresseerd in het mechanisme van het lopen bouwt Theo Jansen van pvc-buizen skeletachtige constructies die daadwerkelijk kunnen lopen. Door gebruik te maken van de wind zijn deze strandbeesten, zoals hij ze noemt, in staat zich voort te bewegen. Het eerste dier dat hij zo construeerde is de animaris, het dier (animal) van de zee (maris). Theo Jansen heeft een column in de Volkskrant.
Theo Jansen - foto Loek ven der Klis

Haytham Safia

(Jeruzalem, 1980) is een klassiek Arabisch geschoolde musicus. Hij ontdekte op jonge leeftijd zijn passie voor de ud. In 2001 maakte hij zijn debuut in Nederland met een ensemble dat het moderne dansgezelschap Galili Dance begeleidde. In 2002 is hij cum laude afgestudeerd aan de Academy of Music and Dance in Jeruzalem. In 2004 vormde hij zijn eigen ensemble, het Haytham Qu4rtet. Het kwartet bestaat uit musici met verschillende muzikale achtergronden. Zij spelen Haytham's eigen composities met invloeden van jazz en Afrikaanse muziek waarin de klassieke Arabische achtergrond sterk aanwezig blijft. De cd Blossom is in 2006 uitgebracht door Rounder Europe.
Haytham Safia

Jakarta Street Band

werd in 1997 opgericht door Tino Liauw. De band speelt een mix van verschillende stijlen die tegenwoordig nog steeds in Indonesië te beluisteren zijn. Het repertoire loopt uiteen van krontjong tot dangdut, van seriosa tot straatliedjes uit Jakarta. Geen folklore, maar levende muziek. Bestaande Indonesische songs zijn in een nieuw jasje gestoken. Traditionals als Bengawan Solo krijgen ineens een heel andere zeggingskracht, doordat ze met een Nederlandse tekst worden gebracht. Terwijl een andere klassieker: het krontjong-nummer Terang Bulan met een vette knipoog door de uit Jakarta afkomstige Tino Liauw in plat dialect wordt gezongen.
Jakarta Street Band  - foto Luiz Henrique Yudo

Gerrit van Dijk

begon zijn carrière als schilder na zijn studie aan de Academie voor Kunst en Architectuur in Tilburg. Omdat het schilderen hem niet voldoende uitdrukkingsmogelijkheden bood, stapte hij begin jaren zeventig over naar het maken van animatiefilms. Sindsdien werkt hij in zijn woonplaats Haarlem aan een oeuvre van korte, onafhankelijk geproduceerde animatiefilms. Zowel nationaal als internationaal geldt Van Dijk als toonaangevend animatiecineast, hetgeen blijkt uit de vele prijzen die zijn films ten deel vielen. Van Dijk beschouwt zijn animatiefilms als "bewegende schilderijen", die hem - in tegenstelling tot ‘stilstaande schilderijen' - de mogelijkheid bieden het element tijd in zijn werk te beïnvloeden. Uit zijn werk spreekt een grote maatschappelijke betrokkenheid.
Gerrit van Dijk

Ian Buruma

(Den Haag, 1951) is sinoloog, japanoloog, journalist en schrijver. In zijn omvangrijke oeuvre zijn de Aziatische cultuur, democratie, religie, politiek, het islamitisch fundamentalisme en de nasleep van de Tweede Wereldoorlog terugkerende thema's. Zijn essays verschijnen onder meer in The New York Times, The Guardian, NRC en The New York Review of Books. Buruma groeit op in Den Haag als zoon van een Britse moeder en een Nederlandse vader. In Hun beloofde land, mijn grootouders in tijden van liefde en oorlog vertelt Buruma het verhaal van zijn in Londen geboren Duits-Joodse grootouders. Hij is sinds 2003 hoogleraar democratie, mensenrechten en journalistiek in New York. In 2008 ontving hij de Erasmusprijs.
Ian Buruma - foto Merlijn Doomernik

Abdelkader Benali

(Marokko, 1975) is een veelbekroond schrijver, dichter, toneelschrijver en conservator. Zijn debuut Bruiloft aan Zee (1996) was meteen een succes. Voor zijn roman De langverwachte (2002) ontving hij in 2003 de Libris Literatuurprijs. De onderwerpkeuze van Benali is divers, maar sport en de migrant die zich nergens helemaal thuis voelt zijn terugkerende thema’s. Zo schreef hij romans over zijn grote passie - hardlopen -, over reizen (De weg naar Kaapstad, Oost=West, Zandloper) en over de culturele identiteit van de migrant (Bad boy, De stem van mijn moeder het daglicht). Zijn werk wordt internationaal uitgegeven. Recent publiceerde hij onder meer de roman Paradijsvogel boven de Hoge Woerd (2022) en Het andere verhaal (2022), een vertelling over zijn onderzoek naar 75 jaar Marokkaanse moderne kunst. Zijn nieuwe roman De opdracht van de Moor verschijnt in januari 2025.
Abdelkader Benali - foto: Merlijn Doomernik

Laila Lalami

is geboren en getogen in Marokko en heeft Engels gestudeerd in Rabat, Londen en Californië. Ze is redacteur van de literaire weblog www.moorishgirl.com, dat in USA Today en de The Washington Post werd besproken, en daarnaast zijn artikelen van haar verschenen in onder andere de Los Angeles Times, The Boston Globe, The Nation, The Baltimore Review en de Independent. Hoop en andere gevaarlijke verlangens is Laila Lalami’s fictiedebuut en is in oktober 2005 verschenen bij Algonquin Books. Ze woont met haar man en dochter in Portland (Oregon), de Verenigde Staten.
Laila Lalami - foto Sara Corwin

Atte Jongstra

(Terwispel, 1956) is een veelzijdig prozaschrijver, dichter, criticus en essayist. In 1985 verscheen zijn eerste publicatie: de anthologie De multatulianen ter gelegenheid van het 75-jarig jubileum van het Multatuli-Genootschap. Zijn verhalenbundel De psychologie van de zwavel werd in 1990 bekroond met de Geertjan Lubberhuizenprijs. Nadien volgen vele titels, o.a. Cicerone (1992), Het huis M. Memoires van een spreker (1993), Familieportret (1996), Disgenoten (1998). De romans passen in het 26-delige ‘modern geheugenlexicon' waaraan de schrijver werkt. Behalve onder eigen naam publiceert Jongstra onder diverse pseudoniemen, waaronder Arno Breekveld en Agna Eygenraam. Zijn recente romans Worst (2014) en De aardappelcentrale (2019) gaan over opportunisme in oorlogstijd. Aan Jongstra is in 2016 de Constantijn Huijgens-prijs toegekend voor zijn hele literaire oeuvre.
Atte Jongstra - foto Serge Ligtenberg

Maarten Asscher

(Alkmaar, 1957) is Nederlands dichter, prozaïst, vertaler en uitgever. Hij studeerde rechten. Asscher was jarenlang werkzaam in de literaire uitgeverij, laatstelijk als algemeen directeur van J.M. Meulenhoff. Tussen 1998 en 2004 was hij directeur Kunsten op het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, thans is hij directeur van boekhandel Athenaeum in Amsterdam. In 1992 debuteerde Asscher met de verhalenbundel Dodeneiland, vier geschiedenissen. Hij publiceerde verhalen, gedichten, poëzievertalingen, essays, twee novellen, en een roman (Het uur en de dag, 2005). Van zijn novellen werden de filmrechten verkocht aan producent Rob Houwer. De verstekeling kreeg een plaats op de longlist voor de AKO Literatuurprijs 2000.
Maarten Asscher - foto Chris van Schravendijk

Giselle Ecury

werd in 1953 geboren op het eiland Aruba. Begin 1960 vertrok het gezin naar Nederland, het land van haar moeder. Hoewel Ecury heel Hollands werd opgevoed, ontkwam ze niet aan de Antilliaanse invloeden van haar Arubaanse vader. Bij Uitgeverij Conserve publiceerde ze in mei 2005 de dichtbundel Terug die tijd - Herinneringen aan dementie. Gedichten en gedachten over de laatste levensfase van haar aan dementie lijdende moeder en herinneringen aan een gedeeld verleden hier en op Aruba. In april 2006 verscheen haar debuutroman Erfdeel. Uit haar werk blijkt dat haar leven onlosmakelijk verbonden blijft met de twee culturen die zij in zich draagt.
Giselle Ecury

Carel Alphenaar

was enkele decennia dramaturg/artistiek leider van Toneelgroep Centrum. Hij vertaalde tientallen stukken (o.a. van Moliere, Shakespeare en Pinter) en schreef libretti voor opera en ballet. Voor het Koninklijk Concertgebouworkest maakte Alphenaar een vertaling van Het verhaal van de soldaat van Stravinsky/Ramuz, die hij zelf uitvoerde met orkest. Hij trad op als solist met het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Voor de jeugd maakte hij samen met Paul Vermeulen Windsant een vertaling en toneelbewerking van Lewis Carolls Alice in Wonderland voor het Zuidelijk Toneel. Als cellist/annonceur betrad hij gedurende vijftien jaar de Nederlandse podia met het roemruchte Resistentie Orkest. Als declamator leverde Alphenaar bijdragen aan de meest uiteenlopende manifestaties. Hij werkt nu als theatermaker in de Balie te Amsterdam, en bedrijft mobiele dramaturgie op vele plekken in het land.
Carel Alphenaar tijdens zijn voordracht van het Hooglied, Winternachten 2002 - foto Serge Ligtenberg

Tino Trimo

(Guinee Bissau) is een talentvolle muzikant met een prachtige stem. Hij is al ruim vijftien jaar bezig met muziek en is een bekendheid in Guinee Bissau. Door de jaren heen treedt Tino op in diverse Afrikaanse landen zoals Guinee Bissau, Senegal, Gambia en Ivoorkust, maar ook in Europese landen als Portugal, Frankrijk en Nederland. Hij maakt Afrikaanse muziek, die geïnspireerd is op 'Gumbe' (een nationale muziekstijl uit het West Afrikaanse Guinee Bissau). Samen met een band zorgt hij voor swingende semi-akoestische dansmuziek, bestaande uit sprankelende ritmes van het Afrikaanse continent.
Tino Trimo

Joris Luyendijk

(Amsterdam, 1971) toog op z’n 24e naar Egypte om onderzoek te doen onder Egyptische leeftijdgenoten. Dat leverde hemniet alleen zijn bul religieuze antropologie op, maar ook zijn debuut, Een goede man slaat soms zijn vrouw. Dat was meteen zo’n succes dat de Volkskrant en het Radio 1 Journaal hem vroegen om correspondent Arabische Wereld te worden. Later werkte hij ook voor NRC Handelsblad en de NOS. In 2001 schreef hij Een tipje van de sluier en na terugkeer in Nederland in 2003 Het zijn net mensen, over zijn ervaringen als correspondent. Inmiddels heeft Luyendijk zijn aandacht verlegd naar andere thema’s: de Nederlandse politiek en duurzaamheid.  Zijn nieuwe boek, Je hebt het niet van mij, maar…Een maand aan het Binnenhof, deed  veel stof opwaaien in journalistiek Nederland. Joris Luyendijk deed hiervoor een maand lang onderzoek naar de Haagse kaasstolp, o.a. in sociëteit Nieuwspoort. Hij  beschrijft met enige verwondering hoe nauw de band tussen journalisten, lobbyisten, voorlichters en politici is. In 2006 en 2007 presenteerde Luyendijk Zomergasten en in 2007-2008 en 2008-2009 Wintergasten. Sinds maart 2010 is hij vaste presentator van Met het oog op morgen.
Joris Luyendijk  - foto Serge Ligtenberg

Paul van der Gaag

(Den Haag, 1958) is sinds 2002 eindredacteur/presentator van het VPRO-radioprogramma OVT, een twee uur durend programma over de historische achtergronden van de actualiteit, over nieuw verschenen historische boeken, over films, herdenkingen en alles wat verder met geschiedenis te maken heeft. Met live gesprekken, reportages, columns en in het laatste half uur de wekelijkse documentaire. Hij is al sinds 1992 bij OVT betrokken als programmamaker en werkte in het verleden als freelancer ook voor andere omroepen als de VARA en de IKON.
Paul van der Gaag - foto Serge Ligtenberg

DJ Jairzinho

(1973) gaat in het dagelijks leven over straat als Jaïr Tchong. Hij werkt momenteel als projectleider wereldmuziek bij het Muziek Centrum Nederland en is lid van de Raad van Toezicht bij Global Dance Lab. In het verleden was hij onder andere wereldmuziekprogrammeur bij de Melkweg en voorzitter van de commissie internationalisering bij het Fonds Podiumkunsten. Behalve dj is Jairzinho ook wereldmuziekjournalist. Hij heeft een Arubaans-Chinese vader en een Nederlandse moeder. Vanaf zijn vijftiende dook hij in de muziek, achtereenvolgens punk, new wave, soul, jazz, funk, Afrikaans, Braziliaans en salsa/latin. In 2000 ging hij in Amsterdam aan de slag als dj en als freelance journalist bij OYE Listen, Het Parool, De Groene Amsterdammer, Nieuwe Revu, Preludium, Ontdek Afrika en NIW. Jairzinho draait vooral afro-latin: alle zwarte dansmuzieksoorten hebben zijn belangstelling. Daarnaast gebruikt hij ook steeds vaker Oost-Europese en oriëntaalse muziek in zijn eclectische mix. Jairzinho draaide onder andere op Oerol, in de Bloemendaalse Republiek, RASA in Utrecht en in het Bimhuis, Bitterzoet, Melkweg en Paradiso in Amsterdam.
DJ Jairzinho in Theater aan het Spui/Filmhuis Den Haag op vrijdagavond 18 januari in Winternachten 2008.  - foto Serge Ligtenberg

Douwe Draaisma

(1953) is bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie aan de Rijksuniversiteit te Groningen. Hij promoveerde in Utrecht op het  proefschrift De metaforenmachine over de metaforische aard van de taal waarin we over het geheugen denken en spreken. Zijn monografie Ontregelde geesten gaat over naamgevers in de geschiedenis van de neurologie en psychiatrie als Parkinson, Korsakov, Alzheimer, Gilles de la Tourette en Asperger. Over het autobiografisch geheugen schreef Draaisma tot dusver vier boeken waaronder het meervoudig bekroonde Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt (2001) en Als mijn geheugen mij niet bedriegt (2016).
Douwe Draaisma - foto Sake Elzinga

Ruben Severina

(Curaçao, 1956) was jarenlang het gezicht van de Antilliaanse gemeenschap in Nederland. Hij kwam in 1989 naar Nederland om te studeren en wilde daarna terug naar Curaçao. Hij bleef hier echter vanwege zijn jonge gezin en vond een nieuwe missie: de belangenbehartiging van Arubanen en Antillianen in Nederland. Met de stichting SPLIKA zette hij zich in voor de bevordering van het Papiamentu, de taal die hij ook doceert. Vervolgens was hij jarenlang voorzitter van het MAAPP, het platform voor de maatschappelijke participatie van Antillianen en Arubanen in Nederland. Bij zijn afscheid op 1 maart 2009 kreeg hij de MAAPP-award Mi ta yuda uitgereikt, een nieuwe onderscheiding die voortaan elk jaar op Severina’s verjaardag zal worden toegekend aan mensen die zich hebben ingezet voor de Antilliaanse en Arubaanse gemeenschap. Ruben Severina zat enige tijd voor de PvdA in de gemeenteraad van Zoetermeer en hij is thans voorzitter van HAAB (Haags Antilliaans Arubaans Beraad).
Ruben Severina tijdens Winternachten 2005 - foto Serge Ligtenberg

Pieter Steinz

(Rotterdam, 1963 - Haarlem 2016) publiceerde in 2010 Grote Verwachtingen. Opgroeien in de letteren in 25 schema’s, waarin hij 25 literaire werken bespreekt en dwarsverbanden legt. Hetzelfde deed hij in Luisteren & cetera met 25 popalbums uit de jaren zeventig. Hij schreef Made in Europe , Steinz – Gids voor de wereldliteratuur (met zijn dochter Jet) en het Boekenweekessay 2015, Waanzin in de wereldliteratuur. In 2010 verscheen ook De Duivelskunstenaar, een reis door Europa op zoek naar Faust.  Eerder verscheen Macbeth heeft echt geleefd, over plekken waar literaire helden hebben gewoond. In Verleden in verf (2011) schetst Steinz de vaderlandse geschiedenis aan de hand van 40 schilderijen. Pieter Steinz werd in 1989 kunstredacteur bij NRC Handelsblad. Van 2005-2011 was hij chef van de boekenbijlage. Steinz studeerde Oude Geschiedenis en Engelse Taal- en Letterkunde. Sinds 2012 was Pieter Steinz directeur van het Nederlands Letterenfonds, tot aan zijn overlijden in augustus 2016.
foto Claartje Cox

Cavy G.

aka CG aka SirCavy G.O aka Cavy-R aka Cavy Rocc aka Cavlar is sinds zijn tiende fan van hiphop muziek. Op zijn twaalfde verliet hij Suriname en ging in Nederland wonen. Op de middelbare school ontmoette hij DNG, die hem voorzag van de nieuwste hiphop muziek. Op zijn zestiende ging hij zelf nummers schrijven. In eerste instantie zonder pretenties, maar later nam hij zijn eigen werk serieus. Met zijn rapvrienden DNG, Diversity en Slowgo deelde hij dezelfde passie. Ze hebben de rapgroep Coup de Villz opgericht.
Cavy G.

Rabin Baldewsingh

(Suriname, 1962) is sinds 2021 de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme. Baldewsingh was 12 jaar, van 2006 tot 2018, wethouder in Den Haag. Daaraan voorafgaand was hij redacteur van documentaires en vanaf 1998 Haags gemeenteraadslid. Als wethouder heeft hij diverse beleidsterreinen in zijn portefeuille gehad, zoals sociale zaken en werkgelegenheid, wijkaanpak, sport, stadsbeheer en milieubeleid, volksgezondheid, inburgering en integratie, personeel en organisatie en burgerzaken. Naast zijn werk als NCDR participeert hij als duale promovendus in het programma van Leiden University Dual PhD Centre The Hague. Zijn proefschrift zal gaan over het Sarnámi als een taal in verdrukking.
Rabin Baldewsingh

Peter Keppy

(1965, Amsterdam) studeerde in 1992 af in de antropologie en sociologie der niet-westerse samenlevingen aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is geïnteresseerd in de moderne sociaal-economische en politieke geschiedenis van Zuidoost-Azië, en in die van Indonesië in het bijzonder. Hij promoveerde aan de Vrije Universiteit van Amsterdam op een geschiedenis van Indonesische en etnisch Chinese textielondernemers in West-Java. Sinds november 2001 werkt hij voor het NIOD als onderzoekscoördinator van het Haalbaarheidonderzoek Indische Tegoeden. Sinds half augustus 2002 is hij begonnen met het onderzoek naar de afhandeling van de materiële schade als gevolg van de Japanse bezetting. Peter Keppy is ook zeer geïnteresseerd in de etnomusicologie. Naast wetenschapper is hij amateur muzikant en bandleider van het Orkes Kep & Tau.
Peter Keppy

Alit Djajasoebrata

(1935) werd geboren in Bandung, Indonesië, en heeft de Japanse bezetting en de bersiap-periode bewust meegemaak. Als kind vluchtte zij met haar ouders de bergen in voor het oorlogsgeweld. Haar vader was voor de oorlog in Nederlands-Indië lid van de Volksraad. In december 1949 kwam zij naar Nederland. Ze studeerde culturele antropologie aan de Universiteit van Amsterdam. Tot 2001 was ze als conservator werkzaam bij het Museum voor Land- en Volkenkunde in Rotterdam. Alit is opgegroeid tussen de Nederlandse en Sundanese cultuur en heeft uitgesproken ideën over de Sundanese taal en cultuur. Op 11 januari gaat ze hierover in gesprek met de Sundanese dichter Ajip Rosidi en de journalist Hawé Setiawan.

Bert Paasman

(Hoogeveen, 1939) promoveerde in 1984 op de discussie over de slavenhandel en slavernij, gevoerd in literaire en andere teksten (ca. 1625-1825). Paasman is sinds 1962 docent Nederlandse Historische en Moderne Literatuur aan de Universiteit van Amsterdam, met specialisaties Verlichting, koloniale-, postkoloniale- en migrantenliteratuur en Nederlands als bronnentaal. Hij is redacteur van reeksen en tijdschriften op het gebied van Verlichting en Oost- en West-Indische letteren. Hij verzorgde gastdocentschappen aan universiteiten en hogescholen in onder meer Indonesië, Zuid-Afrika en Suriname. Paasman is emeritus hoogleraar koloniale en postkoloniale cultuur- en literatuurgeschiedenis van de Universiteit van Amsterdam.
Bert Paasman tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

F. Starik

(Apeldoorn, 1958) is dichter, schrijver, zanger en kunstenaar. Hij debuteerde op zestienjarige leeftijd met de bundel Mot, of de neerslag van de twijfel. Hij studeerde fotografie en mixed media. In 1987 verscheen zijn officiële debuut Nepvuur, spoedig gevolgd door de geruchtmakende bloemlezing Maximaal. Hij richtte in Amsterdam het Starik Museum van kleine werken op. In 1993 verscheen zijn tot dusver enige roman in briefvorm, Mijn Leven Als Museum. Hij was zanger van de Willem Kloos Groep van 1992-2002. Vanaf 2002 verschenen de bundels Simpele Ziel, De grote vakantie (2003), Rode Vlam en De verdwijnkunstenaar (beide 2004). Sinds 2002 beheert Starik de Amsterdamse Poule des Doods, een groep dichters van wisselende samenstelling die bij eenzame uitvaarten gedichten schrijft en voordraagt. Het boek daarover, De eenzame uitvaart, met de gedichten van de deelnemende dichters, verscheen in 2005.
Frank Starik - foto Serge Ligtenberg

Karen Armstrong

(Engeland, 1944) is een van de meest vooraanstaande en meest gelezen schrijvers op het gebied van godsdienst. Haar werk is vertaald in veertig talen en omvat bestsellers als Een geschiedenis van God (1995), De strijd om God (2000), Islam (2001) en De kwestie God (2009). Compassie (2011) kwam tot stand nadat Armstrong een van de drie ted-prijzen had gewonnen. Met het prijzengeld nam ze het initiatief tot de inmiddels wereldwijd ondersteunde Charter for Compassion. In 2014 publiceerde ze Fields of Blood. Religion and the History of Violence (verschijnt in januari 2015 in vertaling als In naam van God), over de verstrengeling van religie en geweld. Hierin schrijft ze onomwonden dat oorlogen door de eeuwen heen vaak in naam van een god werden gevoerd. Maar ze laat ook zien dat naast de kruisridder en de jihadist er in religies ook altijd een Jezus of een Boeddha is geweest, die pleit voor vrede en verzoening. Ze toont bovendien aan dat de onderliggende motieven voor het gebruik van geweld juist vaak sociaal, economisch en politiek van aard zijn.
Karen Armstrong

Karin Anema

(1955) studeerde landschapsarchitectuur aan de Landbouwuniversiteit Wageningen. Enige tijd na haar afstuderen besloot zij voor een journalistieke toekomst te kiezen. Sinds 1985 heeft zij haar eigen bureau voor journalistieke producties en fotografie. Naast opdrachten uit de agri-culturele sfeer, schrijft zij over zeer uiteenlopende onderwerpen, met name over natuur, milieu en gezondheidszorg, maar ook over sociaal-culturele onderwerpen. In 2000 verscheen haar boek Mexicaanse sneeuw, een beeldend reisverhaal over de tijd die ze heeft doorgebracht bij de Tarahumara's, een primitieve indianenstam die in de ontoegankelijke hooglanden van Mexico leeft. De weg naar Villarbon is het verhaal van een verlaten dorp in Spanje, over de idealen van een bevlogen burgemeester, die heftig botsen met nieuwe initiatieven. Deze kleurrijke roman verscheen in 2004. In 2006 werd de roman De groeten aan de koningin gepubliceerd, het verslag van haar avontuurlijke reis door de binnenlanden van Suriname.
Karin Anema

Anneke Brassinga

(Schaarsbergen, 1948) volgde de opleiding tot literair vertaler aan het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam. In 1974 publiceerde ze haar eerste proza en poëzie onder het pseudoniem A. Tuinman in De Revisor. Ze debuteerde als dichteres in 1987 met de bundel Aurora en als romanschrijfster in 1993 met Hartsvanger. Ze verwierf bovendien bekendheid met haar vertalingen van werken van onder meer Vladimir Nabokov, Oscar Wilde, Sylvia Plath, Jules Verne en W.H. Auden. Haar thema's zijn de natuur en de liefde, maar ook de taal. Om haar rijke woordenschat wordt zij vaak geroemd, evenals om haar taalvaardigheid. In haar gedichten deelt Anneke Brassinga intieme speldenprikken uit. De Nijhoff-prijs 1978 voor haar vertaling van Nabokovs The Gift weigerde Anneke Brassinga in ontvangst te nemen. Ze nam later wel andere prijzen aan zoals de Herman Gorterprijs, de Paul Snoekprijs en de VSB poëzieprijs. Haar poëzie is van meet af aan gunstig onthaald door de meeste critici.
Anneke Brassinga - foto Serge Ligtenberg

Ineke Holtwijk

(1955) studeerde Nederlands in Groningen. Ze gaf daarna twee jaar les aan een scholengemeenschap te Veendam. Sinds 1981 werkt ze fulltime in de journalistiek; eerst bij de Winschoter Courant, daarna bij het derde wereld persbureau IPS. Ze heeft altijd veel gereisd, met name in Afrika. Eind 1989 vertrok ze naar Brazilië, waar ze in 1992 correspondent Latijns-Amerika voor de Volkskrant werd. Verder werkt ze voor Elsevier, het NOS-journaal en het Jeugdjournaal en heeft ze een column in Vice Versa, het blad van de Stichting Nederlandse Vrijwilligers. In 1995 verscheen van haar hand Engelen van het asfalt, een boek over de straatkinderen van Brazilië, dat in 1997 werd bekroond met een Glazen Globe. Voor het schrijven van dit boek heeft Ineke Holtwijk vier maanden met straatjongeren opgetrokken. Kannibalen in Rio is een roman voor volwassenen, eveneens verschenen in 1995. In 2006 verscheen Rooksignalen, een boek over semi-nomadische indianen die tien jaar geleden zijn ontdekt in een piepklein bos in Brazilië waar zij als schipbreukelingen overleefden.
Ineke Holtwijk

Florence Tonk

(Wageningen, 1970) is dichter, vertaler en freelance journalist. Ze studeerde Amerikanistiek in Nederland en de Verenigde Staten. Ze vertaalde Amerikaanse poëzie van o.a. Joel Brouwer. In 2002 vertaalde ze Permanente Oorlog voor Permanente Vrede, een bundel essays van Gore Vidal. Haar poëziedebuut Anders komen de wolven verscheen april 2006. Eerder verschenen haar gedichten en vertalingen in onder andere Awater, Parmentier, Bunker Hill en Hollands Maandblad.
Florence Tonk - foto Serge Ligtenberg

Renate Dorrestein

(Amsterdam, 1954) wilde als journalist voor o.a. Panorama, Opzij, Viva en De Tijd ‘de wereld wakker schudden’. In 1983 verscheen haar succesvolle debuutroman Buitenstaanders. Een hart van steen uit 1998 betekende, met vertalingen in meer dan 15 landen, haar internationale doorbraak. Dorrestein wordt wel de eerste Nederlandse ‘female gothic’ schrijver genoemd vanwege typisch gothische thema’s zoals verdrongen herinneringen, familiegeheimen en geestverschijningen. In de wereld van Dorrestein bevindt ‘het kwaad’ zich meestal dicht bij huis. De machtsverhoudingen binnen het gezin behoren tot haar favoriete thema’s. Haar leven en werk zijn sterk beïnvloed door de zelfmoord van haar zus in 1979 en de ziekte ME waar ze tien jaar aan leed. In 2015 verscheen Penvriendin in China, een verslag van haar correspondentie met de Chinese dissidente Liu Di. Renate Dorrestein was een van de initiatiefnemers van de Anna Bijns Stichting, die een tweejaarlijkse prijs uitlooft voor ‘de vrouwelijke stem in de letteren’. Ze overleed in 2018.
Renate Dorrestein - foto Serge Ligtenberg

Noraly Beyer

(Willemstad, 1946), geboren op Curaçao uit Surinaamse ouders, was redacteur/presentator van het NOS Journaal (1985-2009) en de Wereldomroep (1983-2008). Ze speelde rollen in theatervoorstellingen als Ajax, Hemel boven Berlijn, Medea, De Vagina Monologen en De Afscheidsmonologen en ze schrijft zelf ook toneelstukken. Daarnaast presenteert ze regelmatig debatten en publiceert ze columns. In 2009 ontving ze de Cosmic Award voor haar rol als pleitbezorger voor meer diversiteit in de Nederlandse media. Herinneringen aan haar jeugdjaren in Curaçao werden door John Leerdam opgetekend in De Antillen en ik (2008). In 2018 speelde ze de rol van verteller in The Passion.
foto Serge Ligtenberg

John Jansen van Galen

(Velp) studeerde politieke en sociale wetenschappen en werkte van 1968 tot en met 1990 bij de Haagse Post, waarvan de laatste vijf jaar als hoofdredacteur. Tot 2015 was hij één van de vaste presentatoren van het NOS radio-programma Met het Oog op Morgen. In 1970 kwam hij als radiojournalist voor de VPRO voor het eerst in Suriname en al snel werd hij dé Suriname-deskundige uit Nederland. In 2000 publiceerde hij het boek Hetenachtsdroom, over het Surinaamse nationalisme. In 2004 is zijn boek De toekomst van het koninkrijk uitgekomen, een boek over de dekolonisatie van de Nederlandse Antillen en Aruba. In 2016 verscheen De gouden jaren van het linkse levensgevoel: Het verhaal van Vrij Nederland.

John Jansen van Galen | foto Tessa Posthuma de Boer

Mito Croes

(Aruba, 1946) studeerde Nederlands recht aan de toenmalige Katholieke Hogeschool Tilburg. Hij was o.a. belast met de leiding van het Departement Staatkundige Structuur Eilanden van de Nederlandse Antillen en wetenschappelijke hoofdmedewerker staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen. Sinds 1982 is hij ook politiek actief. Croes promoveerde op vrijdag 12 mei 2006 in de aula van de Universiteit van Tilburg op het proefschrift "De herdefiniëring van het koninkrijk".
Mito Croes - foto Serge Ligtenberg

Klaas de Vries

(Terneuzen, 1944) studeerde piano en compositie aan het Rotterdams Conservatorium en vervolgde zijn studie compositie onder Otto Ketting aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Nadat hij in 1974 de prijs voor compositie behaalde, studeerde hij nog enige tijd bij Milko Kelemen in Duitsland. Hij was programmeur van de STAMP-concerten in Rotterdam en leraar theoretische vakken aan het Twents Conservatorium. Sinds 1979 is hij docent analyse, instrumentatie en compositie aan het Rotterdams Conservatorium. Samen met Peter-Jan Wagemans richtte hij in de jaren '80 de stichting Unanswered Question op, die uitvoeringen van nieuw werk van de compositieafdeling realiseerde. Zijn werk werd onder meer uitgevoerd door het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Residentie Orkest, het Noordhollands Philharmonisch Orkest, het Schönberg Ensemble en het Nederlands Saxofoonkwartet. In 1984 ontving Klaas de Vries de Matthijs-Vermeulenprijs 1983 voor zijn compositie Discantus, geschreven voor het Nederlands Studenten Orkest. In 1998 ontving hij wederom de Matthijs-Vermeulenprijs voor A king, riding en Interludium voor strijkorkest.
Klaas de Vries - foto Teo Krijgsman

Désanne van Brederode

(1970) studeerde filosofie. In 1994 debuteerde ze met de veelbesproken roman Ave verum corpus/gegroet waarlijk lichaam. In 1997 publiceerde ze Oerboek en Credo: bezielde verhalen uit de Nederlandse literatuur. Een jaar later verscheen de bundel essays Stiller leven. Vervolgens verschenen de romans Mensen met een hobby (2001), Het opstaan (2004) en Hart in hart (2007). De laatste werd bekroond met de Gerard Walschap Literatuurprijs en is inmiddels al aan de vijfde druk toe. Van Brederode schrijft artikelen en houdt lezingen over levensbeschouwelijke onderwerpen. Ze is columniste in het politieke televisieprogramma Buitenhof. In het pamflet Modern dédain dat in maart 2006 verscheen, laat ze zien dat de minachting voor de verdieping van de geest zulke groteske vormen aanneemt dat zelfs culturele media en educatieve instellingen zich aanpassen aan de vooroordelen van de massa.
Désanne van Brederode - foto Leo van der Noort

Mathijs Deen

(Hengelo, 1962) is radiojournalist en schrijver. Zijn meest recente boek is het in 2013 verschenen De Wadden, een poëtische geschiedenis van de Waddeneilanden. Zijn verhalenbundel Brutus heeft honger uit 2011 werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs. Met eten als leidraad hopt Deen door de wereldgeschiedenis. De 44 historische verhaaltjes zijn fijne miniatuurtjes van nauwelijks anderhalve pagina. Na zijn studie Nederlands in Groningen werkte Deen enige jaren voor Radio Noord. Zijn radiocolumns uit die tijd zijn gebundeld in twee uitgaven. Sinds 2001 is Deen programmamaker bij de VPRO radio, waar hij het historische radioprogramma OVT presenteert. Een aantal historische documentaires die hij voor de VPRO maakte, is uitgegeven als luisterboek. Ook de radioserie De lange weg naar Darwin verscheen op cd en als podcast. Deen was programmacoördinator van het Winternachten Festival tussen 2009 en 2011.
Mathijs Deen

Elsbeth Etty

(Hulshorst, 1951) ontving in 2008 de Anne Vondelingprijs voor politieke journalistiek vanwege haar scherpe analyses van maatschappelijke problemen. Etty is journaliste in de ruimste zin van het woord. Naast redacteur en columnist bij NRC Handelsblad is ze veelvuldig te gast op radio en tv. In 2007 debuteerde ze als romanschrijfster met Maak jezelf maar klaar, waarin Ada, een van de personages uit Harry Mulisch' De ontdekking van de hemel, hoofdfiguur is. Elsbeth Etty promoveerde cum laude aan de Universiteit Utrecht met een biografie over Henriëtte Roland Holst, Liefde is heel het leven niet (1996). Haar columns voor NRC Handelsblad verschenen onder de titels In het gras(1998), Een koe op zolder (2001), Tijdgenoot (2002) en Chilling! (2008). Haar recensies werden gebundeld in Dames gaan voor. Van Hella Haasse tot Connie Palmen (1999). Elsbeth Etty is bijzonder hoogleraar Literaire Kritiek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en werkt nu aan de biografie van dichter en tekstschrijver Willem Wilmink.
Elsbeth Etty - foto Serge Ligtenberg

Sjoerd de Jong

(Rotterdam, 1960) is ombudsman van NRC Handelsblad. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Van 1983 tot 1985 maakte hij het faculteitsblad Cimedart. In 1990 trad Sjoerd de Jong in dienst van NRC Handelsblad, achtereenvolgens als bureauredacteur, coördinator en adjunct-chef Binnenland. Hij was betrokken bij het opzetten van de website van de krant. Van 1999 tot 2005 was hij chef Boeken en columnist voor Opinie.  In 1989 schreef hij met 'studentenleider' Maarten van Poelgeest diens premature memoires Zo doen we dat dus. Daarnaast publiceerde hij mini-biografiën van Richard Burton, Marcel Proust en Bob Dylan en illustreerde hij dierenverhalen van Maarten Doorman voor de bundel Elk beest zijn vet. Een verzameling van zijn columns verscheen in 2005 onder de titel Spijtwraak.
Sjoerd de Jong - foto Serge Ligtenberg

Khadija al Mourabit

(Amsterdam, 1979) is een Amazight van Marokkaanse afkomst, woonachtig in Amsterdam Noord. Ze studeert filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Ze is erg maatschappelijk betrokken. Voor de twee jaar geleden opgerichte vrouwencommissie Buya in Utrecht is Khadija werkzaam als voorzitter in het bestuur. Deze organisatie zet zich in voor Marokkaanse vrouwen. Ze is bij verscheidene debatten te gast geweest als panellid. Hoewel in Nederland geboren is ze haar wortels niet vergeten. Het dichten in zowel het Nederlands als het Thmazight (Berbers) is voor haar een verrijking.
Khadija al Mourabit

H.J.A. Hofland

(1927, Rotterdam) studeerde Politicologie in Amsterdam. Sinds 1953 is hij actief op journalistiek gebied. Hij vervult hierbij uiteenlopende functies, variërend van verslaggever, redacteur, hoofdredacteur van NRC Handelsblad, tv-criticus en columnist tot correspondent in New York. Onder het pseudoniem S. Montag publiceerde Hofland in NRC Handelsblad zijn zaterdagse Overpeinzingen. Deze stukken zijn uitgegroeid tot vijf bundels columns en een reisverhaal. Daarnaast is hij schrijver van romans. In zijn autobiografie Het diepste punt van Nederland schetst hij de tragische en heroïsche geschiedenis van Rotterdam rond de Tweede Wereldoorlog. Daarnaast snijdt hij grote vraagstukken aan als: hoe reageert een kind als alles wat hij kent is verwoest. In 1995 verscheen de cultuurkritische essaybundel De Elite verongelukt. Hierin geeft Hofland de lezer stof tot denken door het reële schrikbeeld van onze beschaving te tonen. Op scherpe en geraffineerde wijze laat hij de lezer geloven dat de oplossing ligt in onderlinge samenhang van problemen. In 2002 verscheen de bundel Op zoek naar de pool; het beste van H.J.A. Hofland. In dat jaar werd hij uitgeroepen tot Nederlands journalist van de 20e eeuw.
WIN 2002
H.J.A. Hofland tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Eva Essed-Fruin

is taalkundige. Tot 1987 was zij directrice van het Instituut voor de Opleiding van Leraren in Suriname, en tot 1994 was zij cursusleider Nederlands aan datzelfde instituut. Sinds 2005 maakt ze deel uit van de redactie van het tijdschrift voor Surinamistiek, een gedegen en voor een breed lezerspubliek toegankelijk tijdschrift met artikelen, boekrecensies, debat en commentaar.
Eva Essed-Fruin

Bert Tahitu

(1957) promoveerde in 1989 in Leiden op het Melaju Sini, de variant van het Maleis van Molukse jongeren in Nederland. Vanaf 1990 tot en met augustus 2006 was Tahitu verbonden aan het Landelijk Steunpunt Educatie Molukkers en verzorgde de (na)scholing op het gebied van de Molukse gemeenschap (taal, cultuur en geschiedenis), bestemd voor beroepskrachten. Naast deze cursussen en trainingen aan o.a. leerkrachten basisonderwijs en voortgezet onderwijs, medewerkers gezondheidszorg, ambtenaren, burgemeesters, verzorgde Tahitu ook cursussen Moluks Maleis en cultuur. In zijn vrije tijd presenteert Tahitu feesten, evenementen en manifestaties, treedt hij op als dagvoorzitter en quiz-master en leidt hij talkshows. Geregeld is hij de gastheer van een Pasar Malam, ergens in Nederland. Vanaf september 2006 is Tahitu (fulltime) advocaat bij Wattilete Advocaten in Amsterdam.
Bert Tahitu

Remco Raben

(1962) is bijzonder hoogleraar Koloniale en postkoloniale literatuur- en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, en universiteit hoofddocent aan de Universiteit Utrecht. Voor die tijd was hij onderzoeker bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie en docent geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Hij promoveerde op de geschiedenis van etnische verhoudingen in Batavia en Colombo in de VOC-tijd. Hij publiceerde over Indonesië en Zuidoost-Azië in de vroegmoderne en moderne tijd. Boeken van zijn hand zijn onder meer De geschiedenis van Indische Nederlanders (2006), Being "Dutch" in the Indies. A history of creolisation and empire, 1500-1920 (2007), The world of Jan Brandes (2004), De oude Indische wereld (2003) en Beelden van de Japanse bezetting van Indonesië (1999).
Remco Raben - Winternachten 2002 - foto Serge Ligtenberg

Thomas Lindblad

(1949) woont sinds 1972 in Nederland maar is in Zweden geboren en getogen. Hij studeerde economie in de Verenigde Staten (Bowdoin College, Brunswick, Maine en Columbia University New York) en aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 1982 aan de Universiteit van Amsterdam op een studie over de handel tussen Nederland en Zweden in de achttiende eeuw. Sinds 1975 is hij werkzaam aan de Universiteit Leiden, thans als universitair hoofddocent bij zowel de opleiding Talen en Culturen van Zuidoost-Azië en Oceanië als bij de opleiding Geschiedenis. Thomas Lindblad is gespecialiseerd in de moderne economische geschiedenis van Indonesië. Binnen het onderzoeksprogramma Van Indië tot Indonesië is hij verantwoordelijk voor het onderzoek naar Indonesianisasi en nationalisatie dat wordt uitgevoerd in samenwerking met het IIAS (International Institute for Asian Studies) in Leiden.
Thomas Lindblad

Ratna Saptari

is onderzoekster bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam. Zij is als coördinator van het onderzoeksprogramma ‘Changing Labour Relations in Asia’ verbonden aan hetzelfde instituut. Haar huidige onderzoek richt zich op de sigarettenindustrie, vakbonden en de sociale beweging in Indonesië. Artikelen van haar hand zijn gepubliceerd in artikelenbundels en verschillende tijdschriften. Zij is co-redacteur van The Household and Beyond: Cultural Notions and Social Practices in the Study of Gender in Indonesia, Curzon Press-NIAS (1999) en van Labour in Southeast Asia: Local Processes in a Globalized World (in voorbereiding). Op dit moment werkt ze aan een boek over de arbeidersgemeenschappen van de sigarettenindustrie in Oost-Java.
Ratna Saptari

Hans Meijer

(1961) studeerde geschiedenis aan de Rijksuniversiteit in Groningen en promoveerde in 1994 bij de vakgroep Geschiedenis der Internationale Betrekkingen in Utrecht op een proefschrift over de Nederlands Indonesische betrekkingen tussen 1950 en 1962. Sinds 1996 is hij postdoctoraal onderzoeker naar de geschiedenis van Indische Nederlanders in Nederlands-Indië/Indonesië in de 20e eeuw. Hij is onder andere werkzaam geweest bij de Stichting Opvang en Terugkeer Oorlogsslachtoffers (SOTO) en bij de Stichting Dienstverlening Veteranen te Doorn. Op dit moment rondt hij een publicatie af over de Indo-Europese gemeenschap in Nederlands-Indië/Indonesië in de 20e eeuw. Binnen het onderzoeksprogramma Van Indië tot Indonesië is hij verantwoordelijk voor het onderzoek naar 'Backpay in internationaal perspectief' dat wordt uitgevoerd bij de Rijksuniversiteit Utrecht.

Muhamad Hisyam

is hoofd van het Onderzoekscentrum voor Maatschappij en Cultuur van het Indonesisch Instituut van Wetenschappen (LIPI) in Jakarta. Hij is betrokken bij het onderzoeksprogramma ‘Van Indië tot Indonesië’ als coördinator van het trainings- en onderzoeksprogramma voor jonge Indonesische historici dat werd uitgevoerd onder leiding van LIPI. De Indonesische historici deden onderzoek naar de gevolgen van de dekolonisatie van Indonesië voor de verschillende regio's. Muhamad Hisyam is de auteur van Caught between three fires: The Javanese Pangulu under the Dutch colonial administration, 1882-1942.
Muhamad Hisyam

Robert Cribb

(1957) is geboren in Brisbane, Australië. In 1984 promoveerde hij aan de 'School of Oriental and African Studies' van de Universiteit London op het proefschrift 'Jakarta in the Indonesian revolution, 1945-1949'. Van 1990 tot 2003 doceerde hij Zuidoost-Aziatische geschiedenis aan de universiteit van Queensland. Sindsdien is hij Senior Fellow bij de 'Research School of Pacific and Asian Studies' van de Australian National University. In 1993 was hij in Nederland gastdocent bij de opleiding Talen en Culturen van Zuidoost-Azië en Oceanië aan de Universiteit Leiden en in 1988 en 1989 Fellow-in-Residence aan het NIAS (Netherlands Institute for Advanced Studies) in Wassenaar. Binnen het onderzoeksprogramma Van Indië tot Indonesië is hij verantwoordelijk voor het onderzoek naar Nieuwe Ordes dat wordt uitgevoerd bij het NIOD in Amsterdam.
Robert Cribb

Freek Colombijn

(1961) studeerde culturele antropologie en geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij promoveerde in 1994 op de dissertatie 'Patches of Padang; The history of an Indonesian town in the twentieth century and the use of urban space'. Hij is sinds september 2003 werkzaam als universitair docent bij de opleiding Sociale en Culturele Antropologie van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Eerder werkte hij als universitair docent bij de opleiding Talen en Culturen van Zuidoost-Azië en Oceanië van de Universiteit Leiden, en als onderzoeker bij het Centrum voor Niet-Westerse Studies (Leiden), Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) en International Institute for Asian Studies (Leiden/Amsterdam). Tot september 2006 is hij twee dagen in de week gedetacheerd op het KITLV, om binnen het onderzoeksprogramma 'Van Indië tot Indonesië' samen met ir. Martine Barwegen het onderzoek 'De strijd om de stad' uit te voeren.
Freek Colombijn

Bambang Purwanto

(Bangka, 1961) studeerde geschiedenis aan de Universitas Gadjah Mada te Yogyakarta (Indonesië) en Oriental and African Studies aan de University of London (Engeland). In 1992 promoveerde hij aan laatstgenoemde instelling met zijn studie naar de inheemse rubbercultuur in Zuid-Sumatra van 1890 tot 1940. Zijn onderzoeksinteresses liggen op het vlak van de Indonesische geschiedschrijving en de economische geschiedenis van Indonesië en Zuidoost-Azië. Na verscheidene posities te hebben bekleed aan de Universitas Gadjah Mada, is hij vervolgens gastdocent geweest aan de Thammasat University in Thailand en de University of the Philippines in de Filippijnen. Op dit moment is dr. Purwanto hoofd van het Centrum voor Sociale en Zuidoost-Aziatische studies van de Universitas Gadjah Mada. Momenteel werkt hij aan een publicatie getiteld ‘Gagalnya Historiografi Indonesiasentris?’ waarin hij het het succes/falen van een Indonesië-centrische geschiedschrijving behandelt.
Bambang Purwanto

Martien de Vletter

(1972) is werkzaam in het Nederlands Architectuur Instituut (NAI) sinds 1997. Ze is verantwoordelijk voor tentoonstellingen, lezingen en discussieprogramma's en voor het educatieve programma. Ze heeft in Indonesie onderzoek gedaan naar de architect F.J.L. Ghijsels, die werkzaam was in Nederlands Indie tussen 1910 en 1927. In 1997 publiceerde De Vletter Batavia: Beeld van een stad, een boek over het na-oorlogs Jakarta en de stedelijke ontwikkeling in deze stad. In 2007 zal ze een tentoonstelling organiseren over koloniale architectuur in Nederlands Indie, getiteld 'Moderniteit in de Tropen'. De tentoonstelling zal te bezichtigen zijn in het NAI in Rotterdam en later in Indonesie.
Martien de Vletter

Martijn Apituley

(1948, Amsterdam) heeft een Molukse vader en een Nederlandse moeder. In de 70-er jaren heeft hij vijf jaar voor de klas gestaan als schoolmeester. Sinds 1982 is hij werkzaam in het theater als acteur, regisseur en schrijver. Rond 1990 was hij een tijdje een BN-er door de rol van Guus in Medisch Centrum West. Sinds 1998 is Apituley voornamelijk werkzaam als verhalenverteller met zelfgeschreven verhalen. Hij leent zijn stem uit aan commercials voor radio en TV en speelt basgitaar in een R&R band en een jazz/R&B/Brasil-band.
Martijn Apituley

Hawé Setiawan

(1968) werd geboren in Subang, West-Java. Hij voltooide zijn studie aan de faculteit Kunst en Design van het Technologisch Instituut van Bandung. Sinds 2003 werkt hij als hoofdredacteur van het Sundanese tijdschrift 'Cupumanik' en schrijft hij columns voor het dagblad 'Pikiran Rakyat' in Bandung.
Hawe Setiawan

Kaori Maekawa

(1970) werd geboren in Hiroshima, een stad waar de geest van de atoombom nog steeds rondwaart. In haar jeugd hoorde zij over 'de ramp'; nooit hoorde zij echter de details van het verhaal. Ze begon zich te interesseren voor de geschiedenis van haar land en vooral voor die episodes waar zelden over gesproken werd. Ze begon aan een studie geschiedenis en specialiseerde zich in de Tweede Wereldoorog in Azië. Tijdens een vakantie naar Indonesië ontmoette ze Indonesiërs die als heiho - Indonesische soldaat in het Japanse leger - hadden gediend tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het was wederom een ontmoeting met een in Japan bijna onbekend verhaal en Kaori verdiepte zich in de levens van de heiho. Momenteel werkt ze als onderzoekster op de afdeling Archiefstudies van het Nationaal Instituut voor Geesteswetenschappen in Tokio.
Kaori Maekawa

Wim Manuhutu

werd in 1959 geboren in het Molukse woonoord Lunetten bij Vught en woonde daarna lang in de Molukse woonwijk te Leerdam. Hij studeerde geschiedenis aan de Universiteit Utrecht, waar hij zich specialiseerde in de geschiedenis van de Molukken. Sinds 1987 is Manuhutu als lid van de directie verbonden aan het Moluks Historisch Museum. Hij publiceerde verschillende artikelen over Molukse geschiedenis en cultuur en was als redacteur medeverantwoordelijk voor de bundels Tijdelijk verblijf. De opvang van Molukkers in 1951 (1991) en Sedjarah Maluku. Molukse geschiedenis in Nederlandse bronnen (1992).
Wim Manuhutu

DJ Jan

(1965) is groot liefhebber van veel uiteenlopende soorten muziek, zowel om zelf te spelen als om te draaien. Als DJ is hij al jaren actief bij verschillende organisaties en groepen. Bij Cultureel Centrum de X (Leiden) richt hij zich op wereldmuziek, waar hij de mensen al dansend meeneemt op een muzikale reis om de wereld. Bij dichters- en muzikantencollectief N.V de Nieuwe Wanhoop en als helft van het DJ duo Fragment ligt het accent op het mixen van soundscapes, zelfgemaakte samples en klassieke muziek. Tijdens Winternachten laat hij in de foyer al deze verschillende stijlen op een subtiele manier bij elkaar komen.
DJ Jan

Joss Wibisono

(1959, Malang, Oost-Java) studeerde economie en werd journalist/onderzoeker bij een regionale krant in Midden-Java. Sinds 1987 werkt hij bij de Indonesische afdeling van Radio Nederland Wereldomroep, waar hij als programmamaker begon. In 1999 werd hij eindredacteur. Sindsdien is hij verantwoordelijk voor de actualiteitenrubriek die dagelijks in het Indonesisch wordt uitgezonden. Gedurende de jaren 80 was hij correspondent van een aantal Indonesische media. Joss Wibisono heeft zich in de loop der jaren gespecialiseerd in de betrekkingen tussen Indonesië en Nederland. Hij heeft ook onderzoek gedaan naar de invloed van het leger op het politieke en het economische leven in Indonesië en naar de eenheidsproblematiek van Indonesië. Wibisono is een kenner op het gebied van de invloed van de gamelan (traditionele Balinese en Javaanse muziek) op de westerse muziek.
Joss Wibisono

Asis Aynan

(Haarlem, 1980) studeerde filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Aynan, zoon van Marokkaanse immigranten, is een warm pleitbezorger van de Berbercultuur. In 2007 verscheen zijn debuut Veldslag en andere herinneringen, over zijn jeugd, of, zoals hij het zelf noemt, zijn 'katholieke-islamitische-berberachtergrond'. Aynan is de bedenker van de Berberbibliotheek; een reeks waarin klassiekers uit Berberlanden verschijnen. Hij schreef verder Ik, Driss (met Hassan Bahara), de verhalenbundel Gebed zonder eind en Linoleumkoorts - aantekeningen van een docent, over het leven op een hogeschool in een grote stad. Aynan werkt als docent aan de Hogeschool van Amsterdam, artikelen van zijn hand verschenen in NRC, Het Parool, Folia en Trouw.
Asis Aynan - foto Serge Ligtenberg

Valerie van Leersum en Gerco Aerts

Valerie van Leersum is beeldend kunstenaar. Samen met componist Gerco Aerts bouwde ze de interactieve installatie Anker land. Ze nodigen hun publiek uit om aan de hand van enkele voorwerpen mee te reizen naar Suriname, Marokko en Indonesie. Ze vertellen verhalen van een achtergelaten land, van een reis, van toekomst en verlangens, van familie en tradities.
Ankerland

Jos Janssen

(1953) is sonoloog, gamelanmusicus en geluidstechnicus. Hij studeerde elektronische- en computermuziek aan het Instituut voor Sonologie aan de Rijksuniversiteit van Utrecht. Janssen is gespecialiseerd in computerklanksynthese en gebruikt deze techniek in zijn composities en radiofonische werken. In zijn sonologische composities staan drie elementen centraal: natuurlijkheid, rationaliteit en emotionaliteit. De composities zijn geïnspireerd door de comparatieve filosofie, een samengaan van Westerse en Oosterse denkwijzen. Janssen noemt zijn werk daarom comparatieve elektronische muziek. Janssen is gefascineerd door de Javaanse gamelanmuziek. Tussen 1980 en 1986 heeft hij masterclasses gendher (een gamelaninstrument) gevolgd aan de ASKI (Akademi Seni Karawitan Indonesia) te Solo (Java). In het werk À la manière de Kulenty, gecomponeerd op gedichten van Ajip Rosidi, combineert Janssen gamelan met de westerse trompet/tuba en met elektronische klanken. Jos Janssen is meer dan dertig jaar nauw betrokken bij de Indonesische samenleving en cultuur. Met zijn muzikale activiteiten wil Janssen een bijdrage leveren aan een nieuw en zelfbewust Indonesië.
Jos Janssen

René Hart

is sinds 1968 leraar. Hij publiceerde het Leer- en werkboek Surinaamse taal en cultuur en heeft inmiddels een complete methode Surinaamse taal en cultuur ontwikkeld. Hij heeft hiermee een poging gewaagd om Sranantongo op beginners niveau aan te bieden. Zijn methode heet Mi Tori (Mijn verhaal). Zijn doel is om Sranantongo (Surinaams) weer als schooltaal ingevoerd te krijgen in Suriname. René Hart woont in Arnhem.
René Hart

Rachida Azough

(1975) studeerde Engelse taal en letterkunde en sociale geografie aan de Universiteit van Amsterdam. Vervolgens werkte zij enige tijd als vertaler van scenario's voor filmproductiebedrijven en was zij tekstschrijver voor kunstinstellingen zoals het Theater Instituut Nederland. In 2001 werd ze algemeen redacteur bij de Volkskrant en schrijft ze onder andere over de multiuculturele samenleving, media, economie en kunst. Zij schreef meerdere artikelen voor de serie 'Wat is links?' die in boekvorm is verschenen bij uitgeverij Meulenhoff. Zij is bestuurslid van het internationale filmfestival Africa in the Picture.
Rachida Azough - foto Serge Ligtenberg

Wim Tigges

(1947) was van 1974 tot 2004 werkzaam als (universitair) docent bij de Opleiding Engelse Taal en Cultuur van de Leidse Universiteit, aanvankelijk als mediëvist, meer recentelijk vooral op het terrein van de Britse letterkunde van 1700 tot 1940. Hij publiceerde over een verscheidenheid aan letterkundige onderwerpen, van Oudengelse raadselteksten tot postmoderne Ierse romans; daarnaast verscheen van zijn hand een aantal literaire vertalingen in het Nederlands, waaronder Thomas Malory's Morte d'Arthur en Alfred Tennysons In Memoriam. Zijn belangstelling gaat vooral uit naar de 19e-eeuwse en vroegmoderne roman, en naar de esthetiek van populaire cultuur (mythen, sprookjes, ridderromans, balladen, melodrama, science fiction, fantasie, actie-series) door de eeuwen heen.
Wim Tigges - foto Serge Ligtenberg

Boeken, platen en het achtergelaten land

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:00 tot 23:55 uur
Locatie Theater aan het Spui - foyer
Prijs WINTERNACHT 2
Giselle Ecury en Celestine Raalte signeren - foto Serge Ligtenberg
Een schijnbaar rustpunt in het theater was de foyer. DJ Jairzinho draaide zijn platen, schrijvers signerden hun boeken. De Kotomisi Shop nodigde bezoekers uit in zijn huiskamer van Surinaamse culturen. Beeldend kunstenaar Valerie van Leersum en componist Gerco Aerts lieten bezoekers in hun interactieve installatie reizen naar Suriname, Marokko en Indonesië, luisterend naar verhalen van een achtergelaten land, toekomst en verlangens, familie en tradities. Meer details bekijken

Op zoek naar de ziel. Deel 1: De Wetenschap

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Désanne van Brederode en Midas Dekkers - foto Serge Ligtenberg
‘Je ziel is een heilig iets, ze is door God ingeblazen en als je ouder wordt groeien er haartjes op.’ Zo dacht men over de ziel in de Middeleeuwen. Maar hoe zit dat nu, wordt ze nog steeds door God ingeblazen en zo ja: door welke? Is de ziel biologisch te verklaren, zelfs nu we er niet langer op kunnen rekenen dat zij 21 gram weegt? Is de ziel alleen nog maar terug te vinden in de kunst, of levert ontzieling juist betere kunst op? Schrijvers, wetenschappers, filosofen, religiedeskundigen en kunstenaars gingen samen op zoek naar de ziel. Een expeditie in drie delen. Gespreksleider was Michaël Zeeman.

Strikt genomen is er geen enkel wetenschappelijk bewijs voor het bestaan van de ziel. Vanuit drie wetenschappelijke disciplines lijkt een zoektocht dus een onbegonnen taak. Het was aan Midas Dekkers om de richting te bepalen. Dat deed hij met een verhaal over lichaam en ziel dat hij speciaal voor Winternachten schreef. Douwe Draaisma, hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie, en schijfster en filosofe Désanne van Brederode reageerden vanuit hun vakgebied. Gedrieën kwamen ze tot meer inzicht in de biologische, neurologische en ethische waarde van de ziel. Nederlandstalig. Meer details bekijken

Vrouwen op ontdekkingsreis

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Paul van der Gaag, Karin Anema, Bert Paasman en Ineke Holtwijk - foto Serge Ligtenberg
Welke dame kiest het ongebaande pad? Waarom zou ze de risico’s van ziekte, roof en de onbekende bush riskeren? Twee reisschrijfsters en een professor gingen in gesprek. Karin Anema trok de binnenlanden van Suriname in, Ineke Holtwijk maakte kennis met een recent ontdekte indianenstam in het hart van Brazilië. Bert Paasman, emeritus hoogleraar Koloniale Letteren, zocht naar de drijfveren van eerdere ontdekkingsreizigsters. Begrijpen Anema en Holtwijk hun voorgangsters? Nederlandstalig. Meer details bekijken

Dictee Sranantongo

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:10 tot 21:30 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs WINTERNACHT 2
Noraly Beyer schrijft mee met het dictee Sranantongo - foto Serge Ligtenberg
Primeur voor Nederland! Een openbaar dictee voor iedereen die Sranantongo spreekt. De lingua franca van Suriname heeft sinds de jaren tachtig een officiële spelling. Maar wie beheerst haar? We namen de stand van zaken op: sprekers van het Sranantongo testten hun kennis. De beste speller was zangeres Denise Jannah. Zij won het nieuwe vertaalwoordenboek Sranan-Nederlands/Nederlands-Sranan. Het dictee werd samengesteld door Cynthia McLeod. Zij en Rabin Baldewsingh, wethouder in Den Haag, dicteerden de tekst. Onder de Surinaams/Nederlandse deelnemers aan het dictee waren schrijver Clark Accord, musicus Ronald Snijders, zanger en acteur Juan Wells en actrice Gerda Havertong. Meer details bekijken

Jonge dichters - deel 1

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:10 tot 21:05 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs WINTERNACHT 2
Vrouwkje Tuinman en Rustum Kozain - foto Serge Ligtenberg
Het is onze uitdrukkelijke wens anoniem te blijven´, dichtte Alfred Schaffer in zijn laatste bundel Schuim. Desondanks droegen hij en vijf andere dichters van de jonge generatie hun werk voor. In het eerste deel: Alfred Schaffer, gedebuteerd in 2001 met de bundel Zijn opkomst in de Voorstad. Hij studeerde en werkte in Kaapstad, de stad van de dichter Rustum Kozain. Het debuut van Kozain, This Carting Life, verscheen in 2005. Hij deed onderzoek naar de Engelstalige Zuid-Afrikaanse poëzie uit de jaren zeventig. De eerste bundel van Vrouwkje Tuinman, getiteld Vitrine, kwam uit in 2004. Ze las uit haar nieuwe bundel De Receptie. Dichter Tsead Bruinja presenteerde de dichters en ging met ze in gesprek. Het gesprek was Engelstalig, voordrachten van Nederlandse gedichten werden simultaan in het Engels geprojecteerd. Meer details bekijken

Haytham Safia

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:10 tot 21:30 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Haytham Safia met zijn ud  - foto Serge Ligtenberg
Haytham Safia, de briljante jonge ud-speler uit Jeruzalem, laat klassieke Arabische muziek, jazz, oosterse en Afrikaanse klanken samenvloeien. Meer details bekijken

Izaline Calister - gezongen verhalen

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:10 tot 21:30 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Izaline Calister - foto Serge Ligtenberg
Gezongen gedichten horen we vaker, een gezongen verhaal ligt minder voor de hand. De Curaçaose jazz-ster Izaline Calister doet het toch. De verhalen die ze kent uit haar jeugd passen wonderwel in haar composities. In de komende jaren zal Izaline met Winternachten rond de wereld reizen, om tijdens de overzeese edities van het festival op zoek te gaan naar verhalen uit andere landen. Ze startte haar wereldreis in Den Haag. Meer details bekijken

Scholierendichters

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:10 tot 21:35 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs WINTERNACHT 2
Een scholiere in gesprek met Alfred Schaffer - foto Serge Ligtenberg
Onderschat ze niet, de jonge dichttalenten van de Haagse middelbare scholen. In de afgelopen jaren maakten ze veel indruk met de gedichten die ze voor Winternachten schreven. Alfred Schaffer presenteert de jonge dichters, die zich lieten inspireren door een dichter in de klas, films over poëzie en dichters op internet. Vanavond horen we het resultaat: hun persoonlijke ontdekkingreis in dichtvorm. Nederlandstalig. Meer details bekijken

Op zoek naar de ziel. Deel 2: De Religie

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:40 tot 22:01 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Michaël Zeeman, Karen Armstrong en Pankaj Mishra - foto Serge Ligtenberg
Is de ziel puur religieus? Het antwoord op die vraag en op de vermeende goddelijke kanten van de ziel gaven de Indiase schrijver Pankaj Mishra en de Britse schrijfster Karen Armstrong. Pankaj Mishra schreef de essayistische reisroman De Boeddha in de wereld, over zijn speurtocht naar Boeddha en de betekenis van het boeddhisme. Karen Armstrong is een van de grootste auteurs over religie. In de jaren zestig bracht ze zeven jaar door als non in een klooster van een katholieke onderwijscongregatie. Haar persoonlijke herinneringen en beschouwingen over het falen van de kerk, het wezen van het geloof, de eenzaamheid en de spirituele ervaringen beschreef ze in haar boek Door de nauwe poort. Haar boek Een geschiedenis van God, een cultuurgeschiedenis van duizend jaar christendom, jodendom en islam werd een wereldwijde bestseller. Daarin schreef ze: “De secularisatie die we momenteel meemaken is een volstrekt nieuw probeersel en nooit eerder in de geschiedenis van de mens voorgekomen.” Engelstalig. Meer details bekijken

Performers pur sang: Suriname en Sint Maarten

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:40 tot 22:01 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Sombra en Changa Hickinson - foto Serge Ligtenberg
Overdonderend en bezwerend brengt Changa Hickinson van Sint Maarten zijn geëngageerde, activistische poëzie op toneel, bulderend en zingend over kolonialisme en slavernij, dan weer fluisterend over armoede en onderdrukking. Even geëngageerd is de Surinaamse dichter Sombra. Een pure performer, die met zijn droogkomische voordracht het publiek in de tang houdt. Engelstalig. Meer details bekijken

Film: Promised Paradise

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:40 tot 22:30 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs WINTERNACHT 2
Het islamisme in Indonesië: Filmer Leonard Retel Helmrich laat zien hoe theatermaker Agus de confrontatie aangaat met de ter dood veroordeelde daders van de aanslag op de discotheek op Bali in 2002. Hij interviewt de enige nog levende dader, Imam Samudra, het brein achter de aanslag. Pa Leo helpt hem om in contact te komen met de overleden daders. Zijn zij dankzij de Jihad werkelijk lijnrecht naar de hemel opgestegen? En zo niet, hebben ze dan spijt van hun daad? Onverwachte antwoorden op onverwachte vragen. Nederlands ondertiteld. Meer details bekijken

Jonge dichters - deel 2

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 21:40 tot 22:01 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs WINTERNACHT 2
Ramsey Nasr  - foto Serge Ligtenberg
Het is onze uitdrukkelijke wens anoniem te blijven´, dichtte Alfred Schaffer in zijn laatste bundel Schuim. Desondanks droegen hij en vijf andere dichters van de jonge generatie hun werk voor. In dit tweede deel: Voormalig stadsdichter van Antwerpen Ramsey Nasr, gedebuteerd in 2000 met de bundel 27 gedichten & Geen lied. Hij las enkele gedichten uit onze-lieve-vrouwe-zeppelin. Willem Thies was oprichter van het literaire punkrockmagazine Zeroxat. Toendra is zijn eerste dichtbundel, gepubliceerd in 2006 en bekroond met de C. Buddingh'-prijs. In hetzelfde jaar debuteerde journaliste, vertaalster en dichteres Florence Tonk met de bundel Anders komen de wolven. Dichter Tsead Bruinja presenteerde de dichters en ging met ze in gesprek. Meer details bekijken

Haytham Safia

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 22:35 tot 23:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Haytham Safia met zijn ud  - foto Serge Ligtenberg
Haytham Safia, de briljante jonge ud-speler uit Jeruzalem, laat klassieke Arabische muziek, jazz, oosterse en Afrikaanse klanken samenvloeien. Meer details bekijken

Izaline Calister - gezongen verhalen

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 22:35 tot 23:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Izaline Calister - foto Serge Ligtenberg
Gezongen gedichten horen we vaker, een gezongen verhaal ligt minder voor de hand. De Curaçaose jazz-ster Izaline Calister doet het toch. De verhalen die ze kent uit haar jeugd passen wonderwel in haar composities. In de komende jaren zal Izaline met Winternachten rond de wereld reizen, om tijdens de overzeese edities van het festival op zoek te gaan naar verhalen uit andere landen. Ze startte haar wereldreis in Den Haag. Meer details bekijken

Film: Goudlijn

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 22:35 tot 23:01 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs WINTERNACHT 2
De ontdekking van een spoorwegkerkhof vormde voor filmmaker Hans Hylkema de aanleiding voor een gefilmde ontdekkingsreis door de binnenlanden van Suriname. Een documentaire over de Surinaamse 173 kilometer lange spoorlijn die ooit de goudzoekers naar hun concessies moest vervoeren. Nederlandstalig. Meer details bekijken

Film: Mana Beyond Belief

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 22:35 tot 00:05 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs WINTERNACHT 2
De 'balancing boulder' uit Mana Beyond Belief
Volgens de Maori in Nieuw Zeeland bezit zelfs het meest onbeduidende plantje in het bos mana, een bijzondere kracht. Elke cultuur heeft haar eigen objecten en wezens waaraan mana wordt toegekend. Het regisseursduo Peter Friedman en Roger Manley maakte een zoektocht naar mana en reisde de hele de wereld af. Het resultaat is een wonderbaarlijke verzameling: van gigantische boeddhabeelden, Afrikaanse voorvaders met een springlevende piemel, tot de Amerikaanse vlag, de verloren vingers van Hitler of een boom in volle bloei. Allemaal hebben ze mana en worden ze vereerd. Meer details bekijken

Op zoek naar de ziel. Deel 3: De Kunst

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 23:05 tot 23:55 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Klaas de Vries in Op zoek naar de ziel - foto Serge Ligtenberg
Als er één beroepsgroep is die zich buigt over het eigen zielenheil dan is het wel het kunstenaarsgilde. Zijn de ogen de spiegel van de ziel? Is de ziel het hoogste? Wat brengt de ziel het meeste heil, de wereld of het Elysisch eiland? Wat zou Achterberg bedoeld hebben met “En in een alom wervelend verliezen / van bloem en zon en horizon / stegen uw stille zielekimmen / blauw aan het hart rondom”? Kan een schrijver, beeldend kunstenaar of componist nu nog iets met een dergelijk hoogdravend ideaal? Schrijver Allard Schröder, beeldend kunstenaar Theo Jansen en componist Klaas de Vries zochten naar de bezieling en ontzieling van de kunst. Nederlandstalig. Meer details bekijken

Omwille van liefde - Surinaamse en Arubaanse schrijfsters in Nederland

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 23:05 tot 23:55 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs WINTERNACHT 2
Giselle Ecury, Karin Amatmoekrim en Celestine Raalte  - foto Serge Ligtenb
Familiebanden, migratie als ontdekkingsreis, en de zoektocht van de liefde. Dat zijn de thema’s in het werk van drie Caribische schrijfsters in Nederland. Ze schrijven over het zoeken naar een nieuw bestaan overzee. In de Sranantongo gedichten van de Utrechtse Celestine Raalte spelen de sterke familiebanden tussen Creoolse vrouwen een grote rol. De Arubaans-Nederlandse Giselle Ecury, schrijfster van de roman Erfdeel en de Surinaams-Javaanse auteur Karin Amatmoekrim (Wanneer wij samen zijn) schrijven over de migratie als ontdekkingsreis naar een nieuwe en eigen plek. Nederlandstalig. Meer details bekijken

De Afrikaanse dansvloer: Benkadi

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 23:55 tot 01:30 uur
Locatie Theater aan het Spui - foyer
Prijs WINTERNACHT 2
Dansen op de muziek van Benkadi International - foto Serge Ligtenberg
Deze Winternacht eindigde op de dansvloer met muziek van de zes mannen van de band Benkadi International. Een krachtige combinatie van oude volksliedjes en moderne swingende muziek uit Afrika. Meer details bekijken

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor