Op zoek naar de ziel. Deel 1: De Wetenschap

Midas Dekkers opent met een column over lichaam en ziel, geschreven voor Winternachten en gaat in gesprek met psycholoog Douwe Draaisma en filosofe/schrijfster Désanne van Brederode. Gespreksleiding: Michaël Zeeman. Nederlandstalig.

Désanne van Brederode en Midas Dekkers - foto Serge Ligtenberg

Informatie

Datum en tijd zaterdag 13 januari 2007 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs € 23,50 (Uitpas € 22,00 CJP/studentenkaart/ooievaarspas € 11,75)

‘Je ziel is een heilig iets, ze is door God ingeblazen en als je ouder wordt groeien er haartjes op.’ Zo dacht men over de ziel in de Middeleeuwen. Maar hoe zit dat nu, wordt ze nog steeds door God ingeblazen en zo ja: door welke? Is de ziel biologisch te verklaren, zelfs nu we er niet langer op kunnen rekenen dat zij 21 gram weegt? Is de ziel alleen nog maar terug te vinden in de kunst, of levert ontzieling juist betere kunst op? Schrijvers, wetenschappers, filosofen, religiedeskundigen en kunstenaars gingen samen op zoek naar de ziel. Een expeditie in drie delen. Gespreksleider was Michaël Zeeman.

Strikt genomen is er geen enkel wetenschappelijk bewijs voor het bestaan van de ziel. Vanuit drie wetenschappelijke disciplines lijkt een zoektocht dus een onbegonnen taak. Het was aan Midas Dekkers om de richting te bepalen. Dat deed hij met een verhaal over lichaam en ziel dat hij speciaal voor Winternachten schreef. Douwe Draaisma, hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie, en schijfster en filosofe Désanne van Brederode reageerden vanuit hun vakgebied. Gedrieën kwamen ze tot meer inzicht in de biologische, neurologische en ethische waarde van de ziel. Nederlandstalig.

Michaël Zeeman

(1958-2009) was dichter, schrijver en publicist en werkte als vaste columnist voor de Forum-pagina en Cicero van de Volkskrant. Eerder was Zeeman chef kunstredactie bij de Volkskrant en van 2006-2007 correspondent in Rome. Sinds 1997 was hij als adviseur en gespreksleider betrokken bij festival Winternachten. In 2006 verscheen Wie Kan het Paradijs Weerstaan, een briefwisseling met Abdelkader Benali, waarin beide schrijvers van gedachten wisselen over politiek, het leven, de liefde en literatuur. In 2002 ontving Zeeman de Gouden Ganzenveer, vanwege zijn verdiensten voor de Nederlandse literatuur. Zeeman verwierf in de jaren negentig bekendheid als gespreksleider door zijn maandelijkse boekenprogramma 'Laat op de avond na een korte wandeling', dat later 'Zeeman met boeken' ging heten. In 1991 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel Beeldenstorm, waarvoor hij de C. Buddingh-prijs ontving. Zijn tweede bundel, Verhoudingen, verscheen in 1995. In datzelfde jaar publiceerde hij ook de verhalenbundel De Verduistering. In 2009 overleed hij aan de gevolgen van een hersentumor.
Michaël Zeeman - foto Serge Ligtenberg

Midas Dekkers

(Haarlem, 1946) is bioloog. Als student publiceerde hij stukjes over dieren in onder andere NRC Handelsblad, de Volkskrant en de Vara-gids. Een groot deel van Dekkers' oeuvre bestaat uit bundels columns over mens en (vooral) dier. Deze persoonlijke schetsen leest hij sinds 1980 voor in het radioprogramma Vroege vogels. De volstrekt eigen - verre van stichtelijke - insteek waarmee hij zijn thema's te lijf gaat vormt een organisch geheel met zijn abrupte, plastische stijl. Dezelfde eigenzinnige toon klinkt door in zijn jeugdboeken, waarvoor hij drie Zilveren Griffels en een Vlag en Wimpel heeft ontvangen. In 1985 schreef hij het Kinderboekenweekgeschenk Houden beren echt van honing? Indrukwekkend zijn de boeken Lief dier (1992), een essay over bestialiteit, en De vergankelijkheid (1997) waarin Dekkers zich met de nodige smaak verdiept in dood, verval, het onherroepelijke voortschrijden van de tijd. Ook veel succes oogstte Dekkers met De Larf (2002), over kinderen en hun ouders. In zijn nieuwste boek, Lichamelijke oefening (2006), legt hij op ironische wijze uit dat gezwoeg in de sportschool ‘umsonst’ is en dat je beter regelmatig naar het café of de boekhandel kunt lopen dan naar tennisbanen en voetbalvelden rijden om je daar een uurtje in het zweet te werken.
Midas Dekkers - foto Jeroen Mantel

Désanne van Brederode

(1970) studeerde filosofie. In 1994 debuteerde ze met de veelbesproken roman Ave verum corpus/gegroet waarlijk lichaam. In 1997 publiceerde ze Oerboek en Credo: bezielde verhalen uit de Nederlandse literatuur. Een jaar later verscheen de bundel essays Stiller leven. Vervolgens verschenen de romans Mensen met een hobby (2001), Het opstaan (2004) en Hart in hart (2007). De laatste werd bekroond met de Gerard Walschap Literatuurprijs en is inmiddels al aan de vijfde druk toe. Van Brederode schrijft artikelen en houdt lezingen over levensbeschouwelijke onderwerpen. Ze is columniste in het politieke televisieprogramma Buitenhof. In het pamflet Modern dédain dat in maart 2006 verscheen, laat ze zien dat de minachting voor de verdieping van de geest zulke groteske vormen aanneemt dat zelfs culturele media en educatieve instellingen zich aanpassen aan de vooroordelen van de massa.
Désanne van Brederode - foto Leo van der Noort

Douwe Draaisma

(1953) is bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie aan de Rijksuniversiteit te Groningen. Hij promoveerde in Utrecht op het  proefschrift De metaforenmachine over de metaforische aard van de taal waarin we over het geheugen denken en spreken. Zijn monografie Ontregelde geesten gaat over naamgevers in de geschiedenis van de neurologie en psychiatrie als Parkinson, Korsakov, Alzheimer, Gilles de la Tourette en Asperger. Over het autobiografisch geheugen schreef Draaisma tot dusver vier boeken waaronder het meervoudig bekroonde Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt (2001) en Als mijn geheugen mij niet bedriegt (2016).
Douwe Draaisma - foto Sake Elzinga

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor