Winternachten vrijdagavond

Gerrit Komrij en Tsaed Bruinja vragen aandacht voor de verkiezing van de Dichter des Vaderlands - foto Serge Ligtenberg

‘Fake: of de manipulatie van de waarheid’: Op vijf verschillende podia werd de fake verbeeld en bekritiseerd, onthuld en geëerd. In literatuur, film en muziek verscheen hij in vele gedaanten.
Connie Palmen opende op vrijdagavond met een State of the Novel: 'Fake it till you make it' waarin zij haar visie gaf op de rol van fictie in het menselijk bestaan. Verder met optredens van de Indiase auteur Amitav Ghosh; met Alain de Botton; met de Aziatische, satirische schrijver Nury Vittachi; met een avondvullend programma vol voordracht, korte gesprekken en muziek in het nieuwe, succesvolle Wintercafe; met Herman Koch en Gerrit Komrij; en met onbekende, verrassende auteurs zoals Laksmi Pamuntjak (Indonesië), Youssouf Amine Elalamy (Marokko) en Jose Eduardo Agualusa (Angola).

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 van 20:00 tot 01:30 uur
Locatie Theater aan het Spui & Filmhuis Den Haag
Prijs €25,- (Uitpas €23,50 - CJP/Studenten/Ooievaarspas €12,50)

Tijdschema 16 januari

Filter op locatie:
Filter op gesproken taal:
Tijd Locatie
00:00 - 01:30 Theater aan het Spui - foyer Dansend de nacht in: Tierra Caliente
20:00 - 00:00 Theater aan het Spui - foyer Foyer: Boeken, Kunst en Muziek
20:00 - 21:00 Filmhuis - zaal 6 Film: The Fake Trade
20:10 - 21:00 Filmhuis - zaal 7 Wintercafé 1: Herman Koch
20:10 - 21:00 Theater aan het Spui - grote zaal Connie Palmens State of the Novel: 'Fake it till you make it'
20:10 - 21:00 Theater aan het Spui - kleine zaal 'Travellers Tales'
21:10 - 22:00 Filmhuis - zaal 7 Wintercafé 2: Maskerades
21:10 - 22:00 Theater aan het Spui - grote zaal True Fiction - gesprek met Amitav Ghosh
21:10 - 22:00 Theater aan het Spui - kleine zaal Muziek: Palio-Paréa
21:10 - 22:00 Filmhuis - zaal 6 De Fake-filmkeuze van Jan Baeke
22:10 - 23:00 Filmhuis - zaal 7 Wintercafé 3: Metamorfoses
22:10 - 23:00 Theater aan het Spui - grote zaal Muziek: Namgyal Lhamo
22:10 - 23:00 Theater aan het Spui - kleine zaal How Illusions Can Change Your Life - met Alain de Botton
22:10 - 23:30 Filmhuis - zaal 6 Film: Orson Welles' F for Fake
23:10 - 00:00 Filmhuis - zaal 7 Wintercafé 4: Je weet niet wat je ziet
23:10 - 00:00 Theater aan het Spui - grote zaal Waar gebeurd
23:10 - 00:00 Theater aan het Spui - kleine zaal The Fake Nation

Heddy Honigmann

(1951 Lima - 2022 Amsterdam) is een van de befaamdste documentairemaaksters van Nederland. Haar werk wordt vertoond op vele festivals over de hele wereld en onder meer het MoMa in New York wijdde een retrospectief aan haar. Honigmann stelt outsiders centraal in haar werk, maar ook herinnering, muziek en liefde vormen constanten. Haar laatste film El Olvido gaat over kinderen, kleine zelfstandigen en obers die proberen te overleven in Lima. In Emoticons (2007) zoomt ze in op 'dolende zielen' die in de nachtelijke uren op internet op zoek gaan naar vriendschap en liefde. Forever (2006), een portret van bezoekers van de begraafplaats Pere Lachaise in Parijs, werd bekroond met een Gouden Kalf op het Filffestival van Utrecht. Eerder maakte ze o.a. documentaires over Cubaanse ballingen in New Jersey (Dame la Mano, 2003) en de traumatische ervaringen van VN-soldaten (Crazy, 1999). Haar grote kracht is de enorme empathie waarmee ze haar onderwerpen benadert. 'Ik houd geen interviews', zegt ze zelf over haar stijl, "ik houd gesprekken".
Heddy Honigmann - foto Cobos Films

Nury Vittachi

(1958, Sri Lanka) schrijft fictie en non-fictie voor kinderen en volwassenen en is in Azië een geliefd journalist en columnist. In zijn bekendste boek, de whodunit De Feng Shui Detective (2000, vertaald in 2005) speelt hij met de dialecten van het Engels die in Azië in de omloop zijn. Ook neemt hij vooroordelen van westerlingen over Aziaten op de hak en vice versa. Vittachi maakt zich sterk voor een beter literair klimaat in Azië. Hij was initiatiefnemer van de Asia Literary Review en diverse literaire festivals en prijzen. Momenteel is hij jurylid van de eerste grote Aziatische literaire prijs, de Australia Asia Literary Award. Vittachi geeft (online) schrijfcursussen, bezoekt scholen en informeert zijn publiek dagelijks via www.jam100.com. Hij moest als baby zijn geboorteland ontvluchten vanwege doodsbedreigingen aan het adres van zijn vader die een boek had geschreven over de strijd tussen de Singalese meerderheid en de Tamils. Hij groeide op in Singapore, Kuala Lumpur en Londen en woont nu in Hong Kong.
Nury Vittachi - foto Nury Vittachi

Margriet de Moor

(Noordwijk, 1941) schrijft in haar laatste boek, de essaybundel Als een hond zijn blinde baas (2007), hoe ze ooit begon aan haar schrijverscarrière. 'Eens kijken of ik een verhaal kan schrijven,' dacht ze op een maandagochtend. En schrijven kon ze. Haar eerste verhalenbundel Op de rug gezien (1988) kreeg een Gouden Ezelsoor en met haar romandebuut Eerst grijs dan wit dan blauw (1991) won ze de AKO-literatuurprijs. Dat bleek meteen de weg naar internationale faam. Het boek is inmiddels verschenen in meer dan tien talen. Toeval met dramatische gevolgen en 'het raadsel van de ander' spelen een grote rol in De Moors werk. Ook de geschiedenis is een belangwekkend thema. Zo schrijft ze in de De hertog van Egypte over de lotgevallen van zigeuners in Europa in de vijftiende eeuw en speelt De Verdonkene tijdens de watersnoodramp. De Moor studeerde piano, zang, kunstgeschiedenis en archeologie en maakte videofilms voor ze begon met schrijven.
Margriet de Moor - foto Maria Neefjes

Laksmi Pamuntjak

(Indonesië, 1971) publiceerde in 2012 haar debuutroman Amba, die inmiddels in het Engels, Duits en Nederlands is verchenen. De roman is een moderne versie van een liefdesverhaal uit de Mahabharata, in de context van de bloedige gebeurtenissen tijdens de communistenjacht in 1965 en 1966. Pamuntjak, een van de weinige Indonesische schrijvers die in het Engels publiceren, brak in 2005 internationaal door met haar eerste dichtbundel Ellipsis, door de Herald UK uitgeroepen tot een van de beste boeken van het jaar. Haar laatste dichtbundel The Anagram verscheen in 2007. Verder schrijft Pamuntjak korte verhalen. Terugkerende thema's in haar vaak sensuele werk zijn identiteit en tolerantie, voedsel als metafoor voor cultuur, complexe liefdesverhoudingen en de relatie tussen moeder en dochter. Pamuntjak publiceert ook artikelen over kunst, literatuur, klassieke muziek, politiek, film en eten in onder andere het weekblad Tempo en The Jakarta Post. Begin 2008 lanceerde ze de alom geprezen gastronomische gids Jakarta Good Food Guide 2008-2009. Om 2014 verscheen haar tweede roman, Aruna dan Lidahnya, inmiddels een bestseller in Indonesië.
Laksmi Pamuntjak

Joumana Haddad

(Libanon, 1970) is dichteres, journalist, vertaalster en consultant. In haar werk staan erotiek en de bevrijding van de Arabische vrouw van het paternalistische juk centraal. Hoe ik Sheherazade heb vermoord, bekentenissen van een boze Arabische vrouw trok in 2010 internationaal veel aandacht. In dit autobiografische essay breekt ze een lans voor de seksuele bevrijding van de Arabische vrouw - maar veroordeelt ze ook westerse clichébeelden. Haddad spreekt zeven talen en vertaalde diverse prozawerken en poëziebundels van en naar het Arabisch. Als hoofd van de cultuurredactie van het Libanese dagblad An Nahar interviewde ze bekende schrijvers als Umberto Eco, Wole Soyinka en Paul Auster. Eind 2008 lanceerde ze Jasad (Arabisch voor lichaam), de eerste Arabische glossy met erotische verhalen. De flamboyante schrijfster werkt nu aan de Sorbonne aan een PhD over de vertaling van het werk van Markies de Sade in het Arabisch. Een selectie van haar poëzie is in Engelse vertaling te lezen op www.joumanahaddad.com. Haar werk is vertaald in vele talen, waaronder het Frans, Duits, Spaans, Pools, Engels en Italiaans, en ze won tal van internationale literaire prijzen.
Joumana Haddad - foto Giorgio Pace

Bas Heijne

(Nijmegen, 1960) schrijft romans, essays, verhalen en toneelstukken en hij is columnist van NRC Handelsblad. Hij publiceerde de romans Laatste woorden en Suez, ontving in 2005 de Henriëtte Roland Holst-prijs en presenteerde in 2008 hij het TV-programma Zomergasten. In Moeten wij van elkaar houden, het populisme ontleed (2011) laat hij zien hoe globalisering en toenemend individualisme het populisme in de hand werken. In 2013 verscheen Angst en schoonheid, een essay over de door hem bewonderde Louis Couperus. In hetzelfde jaar werd zijn documentaire Louis Couperus - niet te stillen onrust uitgezonden. In 2015 presenteerde hij de vijfdelige documentaire De volmaakte mens. In 2016 verscheen zijn essay Onbehagen – nieuw licht op de beschaafde mens. In 2017 ontving Heijne de P.C. Hooft-prijs. Hij krijgt de oeuvreprijs voor zijn beschouwend proza.
Bas Heijne - foto Serge Ligtenberg

Kristien Hemmerechts

(Brussel, 1955) schrijft over zeer uiteenlopende onderwerpen, variërend van de poëzie van haar overleden echtgenoot Herman de Coninck (Taal zonder mij, 1998) tot de strijd van een anorexiapatiënte in haar boek Ann (2008). Het menselijk onvermogen staat in haar omvangrijke oeuvre steeds centraal. In haar werk ruimt ze opvallend veel plaats in voor de vrouwelijke seksuele beleving. Hemmerechts speelt in haar roman De waar gebeurde geschiedenis van Victor en Clara Rooze met feit en fictie: een schrijfster met een writersblock grijpt een incestverhaal aan om haar gedachten te laten gaan over schrijven en literatuur. In 2012 verscheen Haar bloed, waarvoor ze meeliep op een afdeling hematologie. In 2014 ontstond ophef over de roman De vrouw die de honden eten gaf, waarvoor ze zich liet inspireren door de zaak Dutroux. In Alles verandert, haar meest recente roman, volgt ze nauwgezet de plot van J.M. Coetzee´s In Ongenade - maar nu met een vrouwelijke hoofdpersoon. Hoezeer bepaalt het geslacht van literaire personages ons oordeel over hun handelen?
Kristien Hemmerechts - foto Mike Nicolaassen

Ilija Trojanow

(Bulgarije, 1965). Duits auteur, vertelt in zijn in 2008 in het Nederlands verschenen roman De wereldverzamelaar over de omzwervingen van de Britse avonturier Richard Burton. Maar meer nog dan over Burton gaat de roman over de manier waarop anderen Europa zien. Het is de rode draad in Trojanows werk: hij wil het westen laten zien hoe de rest van de wereld voelt en denkt. Evenals Burton zag Trojanow veel van de wereld. Hij vluchtte in 1971 met zijn familie naar Duitsland en verhuisde vervolgens naar Nairobi. Terug in Duitsland studeerde hij rechten en volkenkunde, maar hij onderbrak zijn studie om twee uitgeverijen gespecialiseerd in Afrikaanse literatuur op te richten. Vervolgens trok hij in de voetsporen van zijn jeugdheld Burton door India en het Midden-Oosten. Hij debuteerde in 1996 met de in 2007 verfilmde roman Die Welt is groß und Rettung lauert überall. Inmiddels heeft hij ruim vijftien titels (fictie en non-fictie) op zijn naam staan waarvan drie in het Nederlands zijn vertaald.
Ilija Trojanow - by Thomas Dorn

Izaline Calister

(Curaçao, 1969) is behalve zangeres ook componist en songwriter. In haar composities verweeft ze traditionele muziek van haar geboorte-eiland Curaçao met jazz. Bijzonder aan Calister is dat ze internationale erkenning krijgt, terwijl ze jazz zingt in een minderheidstaal: het Papiaments. Op Curaçao scoorde ze er zelfs twee nummer-1 hits mee. Calister kwam op haar achttiende naar Nederland waar zij zang studeerde aan het conservatorium. Ze treedt op met haar eigen band maar werkt ook regelmatig met andere formaties en theatergezelschappen. In opdracht van Winternachten, verzamelde ze verhalen op de Nederlandse Antillen, Aruba, in Zuid-Afrika, Indonesië, Suriname en Nederland waar ze muziek bij componeerde. Zo ontstond een repertoire van gezongen verhalen over onder andere de spin Anansi, de legende van Borobudur en het vrouwtje van Stavoren.
Izaline Calister - foto Serge Ligtenberg

Youssouf Amine Elalamy

(1961, Marokko) verwierf faam met zijn in 2010 in het Nederlands vertaalde roman De Clandestienen (2000). In dit verhaal geeft hij Marokkanen die met de moed der wanhoop Europa proberen te bereiken en daarbij het leven laten een gezicht. Elalamy behoort tot de jonge lichting schrijvers die is opgegroeid na de Marokkaanse onafhankelijkheid van Frankrijk. De Marokkaanse identiteit vormt een belangrijk leidmotief in zijn werk. Zijn verhalenbundel Tqarqib Ennab (Roddels) uit 2004 is het eerste boek dat volledig in darija is geschreven, het Marokkaanse dialect van het Arabisch. “ Om te laten zien dat het een echte taal is, die leeft en creatief is,” zei hij hierover in een interview met Trouw. Elalamy heeft drie romans op zijn naam staan, waarvan Les Clandestins werd bekroond met de Grand Prix Atlas 2001. In 2004 publiceerde hij een serie portretten van Marokkanen in Marokko (Miniatures). Behalve schrijver is Elalamy ook beeldend kunstenaar en docent stijl en media aan de universiteit van Kenitra. In 2009 maakte hij de literaire installatie Nomade. In Marokko hebben scherpe analyses in zijn literaire collages geleid tot het censureren van zijn beeldend werk. Zijn romans zijn vertaald in het Nederlands, Arabisch, Engels, Spaans en Italiaans.
Youssouf Amine Elalamy

Michaël Zeeman

(1958-2009) was dichter, schrijver en publicist en werkte als vaste columnist voor de Forum-pagina en Cicero van de Volkskrant. Eerder was Zeeman chef kunstredactie bij de Volkskrant en van 2006-2007 correspondent in Rome. Sinds 1997 was hij als adviseur en gespreksleider betrokken bij festival Winternachten. In 2006 verscheen Wie Kan het Paradijs Weerstaan, een briefwisseling met Abdelkader Benali, waarin beide schrijvers van gedachten wisselen over politiek, het leven, de liefde en literatuur. In 2002 ontving Zeeman de Gouden Ganzenveer, vanwege zijn verdiensten voor de Nederlandse literatuur. Zeeman verwierf in de jaren negentig bekendheid als gespreksleider door zijn maandelijkse boekenprogramma 'Laat op de avond na een korte wandeling', dat later 'Zeeman met boeken' ging heten. In 1991 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel Beeldenstorm, waarvoor hij de C. Buddingh-prijs ontving. Zijn tweede bundel, Verhoudingen, verscheen in 1995. In datzelfde jaar publiceerde hij ook de verhalenbundel De Verduistering. In 2009 overleed hij aan de gevolgen van een hersentumor.
Michaël Zeeman - foto Serge Ligtenberg

Ahmed Essadki

Ahmed Essadki werd geboren in 1959 in Ait Bouayach in de Marokkaanse Rif. Hij studeerde politieke wetenschap aan de Universtiteit van Fez. De politieke en socio-economische verhoudingen boden hem in Marokko geen menswaardig bestaan en is als veel landgenoten naar west-Europa vertrokken. Momenteel werkt hij als sociaal cultureel werker in Den Haag. Eind jaren tachtig begon Essadki met het schrijven van poezie in het Tamazight (Berbers). In 1997 publiceert hij zijn eerste bundel De strijdkreet van de aarde met dertien verhalen, die in het Nederlands zijn vertaald door Roel Otten. Zijn tweede bundel ' de diepte van het leven" ligt inmiddels klaar voor uitgave. Zijn poezie kenmerkt zich door een kritische levensverhouding en gaat over thema's als onderdrukking, machtmisbruik, migratie, ontworteling en de waarde van de eigen cultuur. Essadki heeft in de afgelopen jaren deelgenomen aan diverse culturele manifestaties zowel in Nederland als in het buitenland. Voorjaar 2008 werd in Antwerpen een feestelijk programma als hommage aan de dichter georganiseerd.
Ahmed Essadki - Mohame El Hakkouni

Nese Yasin

(Cyprus, 1959) probeert niet alleen in haar poëzie een brug te slaan tussen het Griekse en Turkse deel van Cyprus, maar ook in het dagelijks leven. Haar beroemdste gedicht ‘Welk Deel’ schreef ze in 1974 maar is voor haar nog steeds actueel: ‘Mijn vader zegt - Hou van je vaderland - Mijn vaderland is in tweeën gedeeld - Van welk deel moet ik houden?’. De verdeeldheid van haar vaderland blijft een belangrijk thema in haar werk, maar ze schrijft ook over jeugdtrauma’s en de liefde. Yasin werd, als dochter van de Turks-Cypriotische dichter Ozker Yasin, geboren op het Turkse deel van het eiland, maar woont in het Griekse zuiden. In 2006 was zij de eerste Turks-Cyprioot sinds 1963 die meedeed aan de parlementsverkiezingen op het Griekse deel van het eiland. Yasin is docent Turks-Cypriotische literatuur aan de Griekstalige Universiteit van Cyprus. Daarnaast werkt ze als radiojournalist. Ze heeft vijf poëziebundels en een roman op haar naam staan en heeft verschillende literaire prijzen gewonnen. Haar werk is onder andere vertaald in het Grieks, Hongaars, Duits en Engels. In Nederland verschenen een aantal gedichten van haar in de bloemlezing van Cypriotische literatuur Wij wonen in een taal (2004).
Nese Yasin - kerim Belet

Asis Aynan

(Haarlem, 1980) studeerde filosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Aynan, zoon van Marokkaanse immigranten, is een warm pleitbezorger van de Berbercultuur. In 2007 verscheen zijn debuut Veldslag en andere herinneringen, over zijn jeugd, of, zoals hij het zelf noemt, zijn 'katholieke-islamitische-berberachtergrond'. Aynan is de bedenker van de Berberbibliotheek; een reeks waarin klassiekers uit Berberlanden verschijnen. Hij schreef verder Ik, Driss (met Hassan Bahara), de verhalenbundel Gebed zonder eind en Linoleumkoorts - aantekeningen van een docent, over het leven op een hogeschool in een grote stad. Aynan werkt als docent aan de Hogeschool van Amsterdam, artikelen van zijn hand verschenen in NRC, Het Parool, Folia en Trouw.
Asis Aynan - foto Serge Ligtenberg

Perihan Magden

(Turkije, 1960) wordt door Orhan Pamuk geprezen als 'een van de meest inventieve en uitgesproken schrijvers van deze tijd'. In juni verscheen bij uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep Moord op de boodschappenjongens, haar romandebuut uit 1991. Een hallucinant verhaal over een bizarre stad waar mysterieuze moorden plaatsvinden. Haar tweede roman, Two Girls (2002), was een bestseller in Turkije en is inmiddels verfilmd en vertaald in het Engels. Magden is in Turkije ook bekend als columniste. In 2006 werd ze aangeklaagd omdat ze de Turkse bevolking in een column zou hebben opgezet tegen het leger. Ze werd in het gerechtshof beschimpt door een woedende menigte maar uiteindelijk vrijgesproken. Die angstige periode heeft zijn weerslag gekregen in haar laatste roman Biz Kimden Kaciyorduk Anne (Voor wie zijn we op de vlucht, moeder?) uit 2007 waarin ze de doodsangst beschrijft van een vrouw en haar dochter.
Perihan Magden - foto Muhsin Akgun

El-Mahdi Acherchour

(Algerije, 1973) kwam in 2005 op uitnodiging van Stichting Amsterdam Vluchtstad naar Nederland. Zijn tweede roman Pays d’aucun mal (2008), verschijnt in januari 2009 onder de titel Landwee in het Nederlands. Landwee is een ingetogen kroniek van een balling die terugkeert naar zijn geboortedorp. Hij vindt de mensen van vroeger terug, met hun 1001 verhalen waarvan sommige slechts vanachter een deur mogen worden verteld. Het proza van Acherchour is poëtisch en geheimzinnig; zijn personages bewegen zich vaak in een droomwereld waarin absurde en mythische gebeurtenissen plaatsvinden. Acherchour woont momenteel in Nederland en heeft twee poëziebundels en twee romans geschreven.

foto el-Mahdi Acherchour

Sana Valiulina

(Estland, 1964) groeide op in Tallinn in een gezin van ongelovige islamitische Tataren. Ze studeerde Noorse taal- en letterkunde in Moskou en verhuisde in 1989 naar Amsterdam. In 2000 verscheen haar debuutroman Het Kruis, over het leven in een Moskouse studentenflat. In 2002 volgde de novellenbundel Vanuit nergens met liefde. Voor haar monumentale epos Didar en Faroek (2006), over de Tweede Wereldoorlog en de nasleep ervan in de Sovjet-Unie, werd ze genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs. Dit liefdesverhaal over twee mensen die worden gescheiden door oorlog en terreur maar elkaar uiteindelijk weer terugvinden, is deels gebaseerd op haar eigen familiegeschiedenis. ‘De roman roept reminiscenties op aan de grote Russische verteltraditie (...) een monument’, schreef De Groene Amsterdammer. Hierna richtte ze haar pijlen op de Nederlandse samenleving en schreef Honderd jaar gezelligheid (2010). In deze roman vraagt ze zich af hoe het is om jong te zijn in een land waar gezelligheid een nationale obsessie is geworden. Daarna volgden het bejubelde Kinderen van Brezjnev (2014) en Winterse Buien of ben ik wel geïntegreerd genoeg (2016).
Sana Valiulina - foto Otto Snoek

Nuruddin Farah

(1945, Somalië) wordt door velen genoemd als de belangrijkste Afrikaanse kandidaat voor de Nobelprijs voor de Literatuur. Hoewel hij al sinds 1970 niet meer in Somalië woont, staat zijn geboorteland in al zijn boeken centraal. Behalve over de langdurige dictatuur en bloedige burgeroorlog die het land verwoest hebben, schrijft hij ook over vrouwenrechten en de verhouding tussen de islam en pre-islamitische tradities. De kern van zijn oeuvre wordt gevormd door zijn romantrilogieën: 'Variations on the theme of an African Dicatorship', bestaande uit Sweet and Sour Milk (1979), Sardines’(1981) en Close Sesame’(1982); en ‘Blood in the Sun’, gevormd door Maps’(86), Gifts’(1990) en Secrets 1998). Momenteel werkt hij aan het laatste deel van zijn derde trilogie, reeds bestaande uit Links (2007) en Knots (2008). In zijn recente werk keren ballingen terug naar het door oorlog geteisterde Mogadishu. Farah schreef ook een non-fictie boek met getuigenissen van Somalische vluchtelingen: Yesterday, Tomorrow, Voices from the Somali Diaspora (2000).
In 1998 ontving hij de Neustadt International Prize for Literature. Zijn werk is vertaald in 17 talen en zeven van zijn boeken zijn in het Nederlands verschenen, waaronder Geheimen en Kaarten. De vertaling van Links verschijnt in 2009 bij De Geus. Farah woont in Kaapstad.
Nuruddin Farah - foto Brigitte Friedrich

José Eduardo Agualusa

(Angola, 1960) publiceerde een omvangrijk oeuvre romans (15 titels), korte verhalen en novelles (7 bundels) en veel journalistiek werk (o.a. voor de Braziliaanse krant O Globo). Als belangrijke literaire stem en toonaangevend auteur van de Portugeestalige wereld spreekt zijn rijke, bij vlagen magisch-realistische schrijfstijl vol historische context en verwijzingen naar Angola ook daarbuiten veel lezers aan: zijn werk is vertaald in zeker 25 talen. In Nederland verschenen in vertalingen van Harrie Lemmens onder meer de romans Het genootschap van onvrijwillige dromers en Regentijd. In de eerste brengen dromen vier personages bij elkaar in een dramatische reeks gebeurtenissen, in de tweede geeft Agualusa in een flitsend, zowel wrang en aangrijpend als humoristisch relaas zijn kijk op de turbulente tijd waarin Angola zich losmaakt van kolonisator Portugal. In januari 2026 verschijnt zijn nieuwste roman Meester van de trommels, ook vertaald door Lemmens, bij uitgeverij Koppernik. Daarin zet Agualusa de geschiedenis naar zijn hand en beschrijft hoe trommels een belangrijke rol speelden in het verzet tegen de Portugese kolonisator. Over dit thema schreef hij ook samen met Mia Couto het scenario voor de magisch realistische animatiespeelfilm Nayola van José Miguel Ribeiro (2022).

Bekijk de trailer van de film Nayola op YouTube
Instagram: @jose_eduardo_agualusa
José Eduardo Agualusa

Tsead Bruinja

(1974, Rinsumageest) debuteerde in 2000 met de Friestalige dichtbundel De wizers yn it read (De wijzers in het rood). In 2008 verscheen de tweetalige bloemlezing uit zijn Friese gedichten, De Berte fan it swarte hynder/De geboorte van het zwarte paard. Bruinja heeft de gedichten zelf vertaald en in veel gevallen bewerkt. In deze bundel geeft hij een beeld van zijn jeugd op het Friese platteland, waarbij de ziekte en dood van zijn moeder een prominente plaats innemen. Bruinja stelde diverse bloemlezingen samen waaronder Droom in blauwe regenjas (2004), een compilatie van Friese gedichten, Klotengedichten (2005, poëzie over het scrotum) en Kutgedichten (2005, over het vrouwelijke geslachtsdeel). In 2007 verscheen de dichtbundel Bang voor de bal. Tsead Bruinja schreef recensies over poëzie voor Trouw, Awater, Ietsmetboeken en Boeken.vpro.nl. Bruinja combineert zijn voordrachten vaak met live muziek, zoals flamenco, trance en hiphop en interviewt regelmatig andere dichters voor publiek.
Tsead Bruinja - foto Hilde Brandsma

Esther Jansma

(Amsterdam, 1958) debuteerde in 1988 met de poëziebundel Stem onder mijn bed en daarna volgde om de paar jaar een bundel. De pers was meteen positief maar echte erkenning kwam pas elf jaar later met de toekenning van de VSB-Poëzieprijs voor Hier is de tijd. In 2006 kreeg ze de prestigieuze A. Roland Holstpenning voor haar gehele oeuvre en in hetzelfde jaar ontving ze de Jan Campertprijs voor Alles is nieuw. Haar verzamelde proza en poëzie verscheen in 2006 onder de titel Altijd vandaag. Opvallende elementen in haar werk zijn de muzikaliteit en de krachtige beeldtaal. Haar gedichten zijn naar eigen zeggen sterk bepaald door haar onveilige jeugd. Haar vader stierf toen ze zes was en ze bleef achter met een harteloze moeder. Ook de dood van haar ongeboren dochter en pasgeboren zoon hebben een stempel op haar werk gedrukt, respectievelijk op Bloem, steen (1990) en Hier is de tijd (1998). Jansma is behalve dichter ook vertaler en hoogleraar dendrochronologie (jaarringenonderzoek).
Esther Jansma

Juli Zeh

(Bonn, 1974), volgens Trouw 'de spannendste Duitse schrijver van dit moment, is behalve schrijfster ook volkenrechtdeskundige, wat duidelijk blijkt uit de thematiek van haar boeken maar ook uit de gedetailleerde beschrijving van het recherchewerk in haar laatste roman Schilf (2007, vertaald als Vrije val, 2008). Vrije val is een filosofische detective over twee bevriende, rivaliserende natuurkundigen die te maken krijgen met een ontvoering en een moord. Ook haar tweede roman Speeldrift uit 2004 is in het Nederlands vertaald. Net als in Schilf speelt morele verantwoordelijkheid een belangrijke rol in dit werk, waarin twee gymnasiumleerlingen hun leraar tot het uiterste tarten. Als hun spel uit de hand loopt moet de rechter een oordeel vellen. Zeh schrijft ook non-fictie, essays en toneelstukken. Haar recentste werk Das land der Menschen (2008) is een kinderboek waarin ze op een speelse manier themata als vervolging en tolerantie behandelt. Haar romans zijn inmiddels in meer dan vijfentwintig landen verschenen.
Juli Zeh - foto David Finck

Chris Marnewick

(Zuid-Afrika, 1948) heeft met zijn debuut Shepherds & Butchers (2008) over de doodstraf flink wat stof doen opwaaien in Zuid-Afrika. Marnewick, van beroep advocaat en docent procesvoering, weet op ingenieuze wijze feit en fictie te verweven. Hij baseerde zijn roman op waargebeurde moordzaken en executies in 1987. De doodstraf werd eind jaren tachtig afgeschaft in Zuid-Afrika, maar veel van Marnewicks landgenoten pleiten voor herinvoering om het geweld in hun land te beteugelen. Met zijn gedetailleerde en feitelijke beschrijving van de executies en de emotionele gevolgen ervan toont Marnewick zijn lezers de morele bezwaren die kleven aan de doodstraf. Daarnaast heeft Shepherds & Butchers geleid tot discussie over de grens tussen feit en fictie die in het boek vaak compleet diffuus is.

Gerrit Komrij

(Winterswijk, 1944) was de eerste Dichter des Vaderlands. Hij is een van de beste columnisten van Nederland, romancier, gevierd bloemlezer en vertaler, en een zeer enthousiasmerend bespreker van poëzie. Komrij is een kat in een Vreemd pakhuis zoals zijn essaybundel uit 2001 heet. Nooit is de wereld vertrouwd of vanzelfsprekend, voor wie goed kijkt, is altijd wat verrassends te zien. 'Ik geloof niet dat ik een vent ben uit één stuk. Het is nogal rumoerig in mij'. Komrij, die sinds 1984 in Portugal woont en werkt, is ook een van de meest productieve schrijvers van Nederland. Sinds 1968 publiceerde hij bijna jaarlijks meerdere werken. Recent verschenen Komrij's canon in 100 gedichten (2008), De Nederlandse kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten (2007) en Kakafonie (2006), een 'encyclopedie van de stront'. In 2005 publiceerde hij Eendagsvliegen (literaire dagboekfragmenten) en de poëziebundel Fata Morgana.
Gerrit Komrij - Winternachten 2004 - foto Serge Ligtenberg 2004

Amitav Ghosh

(India, 1956) is een van de bekendste schrijvers van India. Ghosh debuteerde in 1986 met de roman Bengaals vuur of de macht van de rede (Nederlandse vertaling 1989) waarin hij onderzoekt in hoeverre de westerse rationele denkbeelden zijn in te passen in het traditionele Indiase denkpatroon. In zijn werk stelt hij de (post)koloniale problematiek van Azië centraal. In 2023 verscheen De vloek van de nootmuskaat (vertaald door Menno Grootveld) bij Atlas Contact. Hij ontving diverse prijzen over de hele wereld en zijn werk verscheen in The New Yorker, The New Republic en The New York Times. In het najaar van 2024 verschijnt Rook en as (vertaald door Menno Grootveld) bij Atlas Contact. In 2024 ontvangt Ghosh de Erasmusprijs voor zijn oeuvre.
Amitav Ghosh - foto Ivo van der Bent

Kamran Nazirli

(Azerbeidzjan, 1958) is in Azerbeidzjan bekend als schrijver en vertaler van Engelse literatuur in het Azeri, een taal die nauw verwant is aan het Turks. Nazirli schreef sinds 1997 verschillende romans en verhalen. De maatschappij is een spiegel van de politiek uit 1999 werd bekroond met de prestigieuze Azerbeidzjaanse Hassan Zardabi prijs, genoemd naar de oprichter van de eerste krant in het Azeri, die in 1875 verscheen. Een van de verhalen van Nazirli die in het Engels zijn vertaald is The Old Baby, over een gevluchte Azerbeidzjaanse familie die probeert te overleven. Kamran Nazirli vertaalde werken van Engelse en Amerikaanse schrijvers in het Azeri, waaronder romans en gedichten van Edgar Allan Poe, Lord Byron en Oscar Wilde.
Kamran Nazirli

Gündüz Vassaf

(Turkije, 1946) wordt door Orhan Pamuk 'de spreekbuis van onze fantasieën, de vrijste geest van ons proza' genoemd. In zijn scherpzinnige werk behandelt Vassaf uiteenlopende thema’s als arbeidsmigratie, geschiedschrijving– en vervalsing en het failliet van het kapitalisme. Vassaf, behalve schrijver ook een internationaal gerespecteerd psycholoog, verweeft verhalen met essayistische passages en filosofie en psychologie met literatuur. Vassaf is een leidend figuur in het publieke debat in Turkije. Hij heeft sinds 1997 een wekelijkse column in de krant Radikal. Een bundeling van deze columns verscheen in 2008 in boekvorm onder de titel Turkije, waar ben je?. De hel zij geloofd (1992), over de uitwerking van totalitarisme in het dagelijks leven, was een bestseller in Turkije en verscheen ook in het Engels. In 2008 werd het boek in het Russisch vertaald. Wij moeten nog gehoord worden uit 1983 werd in 2003 opnieuw uitgegeven en is vertaald in het Frans en het Duits. Het is een pionierswerk met scherpe observaties van Turkse arbeiderskinderen in West-Europa. Zijn meest recente boek is Mostari: A Bridge Keeper’s Diary, over de Mostar brug, die in de oorlog werd vernietigd en recent werd herbouwd. Het is in Vassaf's woorden 'een roman, een episch gedicht, en een love story van een voorbijganger die verliefd wordt op de brug'.
Gündüz Vassaf - foto Serge Ligtenberg

Raj Mohan

(Suriname, 1962) publiceerde in 2008 zijn eerste dichtbundel Bapauti / Erfenis, een verdieping van de songs van zijn album Kantráki / Contractarbeider. In 2011 volgde de bundel Tihá / Troost met liedteksten van zijn popalbum Daayra. De zanger, dichter en componist - met wortels in India waar zijn voorouders vandaan komen, geboren in Suriname, en zijn thuisland Nederland - dicht en zingt over maatschappelijke thema's maar ook zaken die in Hindoestaanse en Indiase kringen als taboe gelden. Mohan schrijft in het Sarnámi, de taal van de Hindoestanen in Suriname en Nederland. Hij is oprichter en artistiek leider van muziekformaties zoals het Raj Mohan Ensemble, Vistar en Shai'rana, waarmee hij optreedt in binnen- en buitenland. Hij speelt en zingt composities gebaseerd op eigen teksten en op gedichten van hedendaagse Urdu-dichters, in de (licht)-klassieke Noord-Indiase traditie.
Raj Mohan

Shrinivási

(Suriname, 1926) wordt wel de 'dichter van de ontmoeting' genoemd, omdat hij in zijn werk culturen en mensen samenbrengt. De als Martinus Haridat Lutchman geboren onderwijzer verdiepte zich al jong in zijn Indiase roots. Hij was de eerste dichter die schreef in het Sarnami, de moedertaal van de Hindoestanen in Suriname en Nederland. Hij publiceerde ook enkele gedichten in het Hindi, maar het merendeel van zijn werk is in het Nederlands. Zijn eerste gedichten verschenen in 1952 onder de naam Fernando, maar later koos hij voor de Hindi-naam voor 'bewoner van Suriname': Shrinivási. De dichter bezingt in zijn gedichten de multiculturele inwoners, het klimaat en de natuur van zijn vaderland. Sinds zijn debuut Pratiksha (1968) publiceerde Shrinivási diverse poëziebundels en verhalen die opvallen door hun kwaliteit en muzikale en metaforische taalgebruik. Ook werkte hij mee aan diverse bloemlezingen van de Surinaamse literatuur waaronder Diversity is power (2007). Geert Koefoed maakte in 1984 een grote bloemlezing uit het werk van Shrinavasi: Een weinig van het andere. . In 2007 verhuisde hij weer terug naar Curaçao waar hij jarenlang in het onderwijs had gewerkt. Shrinivāsi overleed in 2019.
Shrinivási - foto Ton van de Langkruis

Gilda Dannarag

(Suriname, 1951) is voordachtskunstenares, zangeres, dichteres en actrice. Ze verhuisde in 1968 op zeventienjarige leeftijd naar Nederand, maar begon pas op 44-jarige leeftijd gedichten te schrijven die ze regelmatig voordraagt voor publiek. Op 15 november 2008 ging in het Kratertheater de voorstelling Nobody like Gilda, beng, beng in première. Het is een poëtische en muzikale vertelling over haar levensreis met zeer diverse muzikale invloeden, van Surinaamse klanken en jazz tot klassiek. Het verstrijken van de tijd en de inzichten die dat met zich meebrengt is een van de vaste thema's in haar werk, zoals in Adem: ‘Met trage tred, tegenslagen spiegelend ontleden, daar waar wijsheid en oprechtheid samenvloeien zal waarheid binnentreden, rimpels van het leven zullen spreken’.
Gilda Dannarag - foto Hellen J. Gill

Philip Rademaker

(Curaçao, 1944) is behalve dichter ook acteur, voordrachtskunstenaar, regisseur en schilder. Zijn gedichten vallen op door het beeldende en bloemrijke gebruik van het Papiaments. Philip (ook wel bekend als Fifi) Rademaker publiceerde behalve poëzie ook verschillende essays en korte verhalen. In 2000 verscheen Bos di Buriku (Ezelgebalk), een bundel met 37 gedichten die in 2008 opnieuw werd uitgegeven in een speciale editie voor het voortgezet onderwijs op Curaçao. In 2006 maakte hij samen met Sinaya R. Wolfert het fotoboek Otrabanda, a timeless poem of Curaçao, over een wijk in Willemstad.
Philip Rademaker (Fifi Rademaker)

Tanja Fraai

(Bussum, 1971) is radio- en televisiemaakster bij Radio Nederland Wereldomroep. Ze studeerde Spaanse Taal en Letterkunde en specialiseerde zich in de Caribische literatuur. Fraai groeide op in een multicultureel gezin. Haar vader is Antilliaans en haar moeder werd geboren in Nederlands-Indië.
Tanja Fraai - foto Fred Vloo

Christiaan Weijts

(Leiden, 1976) zijn debuutroman Art. 285 (2006) was een eclatant succes. Hij kreeg er drie prestigieuze literaire prijzen voor en het werd genomineerd voor de AKO-Literatuurprijs. Art. 285 gaat over de Leidse pianoleraar en achtergrondpianist Sebastiaan Steijn die wordt aangeklaagd en veroordeeld wegens stalking. Weijts doorspekt zijn verhaal met actuele gebeurtenissen, taalgebruik en trivia. Dat is ook het geval in zijn tweede roman, Via Capello 23 (2008). Ook hier komt een van de hoofdpersonen in de juridische problemen door zijn contacten met vrouwen, maar ditmaal is de plaats delict het toeristische Venetië. Weijts speelt in zijn romans graag met feit en fictie. ‘Het schrijven van een roman heeft iets weg van het demonteren van de werkelijkheid om deze vervolgens opnieuw te monteren in een wereld van woorden’, zei hij daarover. Weijts was jarenlang redacteur en columnist van het Leids Universiteitsweekblad Mare en is momenteel columnist bij nrc.next en de Groene Amsterdammer. Zijn Mare-columns zijn gebundeld in Sluitingstijd (2003). 'Het valse seizoen', het nieuwe boek van Christiaan Weijts, vertelt het verhaal van drie musici, die allemaal te maken krijgen met de duistere macht van muziek, en gedwongen worden, hun levens radicaal om te gooien.
Christiaan Weijts - foto Peter Boer

Biguine Balade

speelt swingende latin-muziek. Bandleider Alain Anglionin werd geboren op Martinique en kreeg de muziek daar met de paplepel ingegoten. Inmiddels woont Anglionin ruim twintig jaar in Nederland maar in zijn muziek blijft de percussionist, zanger, gitarist en componist trouw aan de Cariben. Hij leidt verschillende muziekgroepen en geeft workshops. Inmiddels heeft hij een breed repertoire opgebouwd van eigen stukken en lang vergeten evergreens uit het Caribische gebied. Met zijn sextet Biguine Balade brengt hij onweerstaanbare feestmuziek.
Biguine Balade

Blue Flamingo

(Oss, 1969) is het alias van Ziya Ertekin. Hij is van huis uit modeontwerper en had altijd archeoloog willen worden, maar hij werd schatgraver. Overal op de wereld stroopt hij marktjes af op zoek naar 78-toerenplaatjes uit het begin van de twintigste eeuw: jazz-exotica en Caribische muziek uit de jaren dertig en veertig en mambo’s en rumba’s uit de jaren vijftig. De eerste editie van zijn cd 78 r.p.m., die in 2008 verscheen, was binnen een mum van tijd uitverkocht. Als je naar zijn muziek luistert, waan je je op het ene moment in een vooroorlogse Cubaanse nachtclub en dan weer op een Frans dorpsplein of in een rokerige jazzclub in New Orleans. ‘Ultieme dansmuziek, maar dan wat ouder’, noemt dj Blue Flamingo zijn muziek zelf.


Blue Flamingo - foto Jan van de Ven

Manar

neemt het publiek mee naar de markten van Marrakech waar kooplui na gedane zaken hun trommels pakken en liedjes en raps improviseren over de liefde en het leven. Deze traditionele muziek, die Dekka el Marrakchia (letterlijk slagwerk uit Marrakech) wordt genoemd, ontstond in kleinere steden als Taroudant en Ouarzate en werd door handelaren meegenomen naar het economische hart van Zuid-Marokko, Marrakech. De zes leden van Manar hoorden deze muziek tijdens hun kindertijd in Marokko en introduceerden deze stijl in Nederland. Daarnaast speelt Manar gnawa: opzwepende rituele soefi-muziek van de nazaten van voormalige slaven uit West-Afrika die in Marokko waren neergestreken.
muziekgroep Manar

Connie Palmen

(St. Odiliënberg, 1955) zoekt in haar werk steeds de grens op tussen feit en fictie. Ze krijgt bekendheid met haar debuut De wetten (1991). Haar volgende romans De vriendschap (1995) en I.M. (1998) worden ook bestsellers. Ze publiceert daarna Geheel de uwe (2004), Lucifer (2007) en Logboek van een onbarmhartig jaar (2011). Palmen schreef meerdere essaybundels zoals Een kleine filosofie van de moord (2004), Het geluk van de eenzaamheid (2009) en Het drama van de afhankelijkheid (2017). Veel van haar romans zijn gebaseerd op gebeurtenissen in haar eigen leven, haar essays zijn juist verhalender dan gewoonlijk. In 2023 publiceert ze Voornamelijk vrouwen, persoonlijke essays over elf vrouwen en één man die op een eigengereide manier hun leven vormgeven. Palmen gaat met ze in gesprek, daagt ze uit, ontdekt verschillen en overeenkomsten met haar eigen leven. Haar meermaal bekroonde werk is ook internationaal succesvol en vertaald in twintig talen.
Connie Palmen - foto: Fjodor Buis

Namgyal Lhamo

(Nepal, 1956), bijgenaamd de Nachtegaal van Tibet, wordt gezien als een van de beste zangeressen van Tibet hoewel ze zelf nooit in dit bergland heeft gewoond. De eerste Tibetaanse liederen leerde ze van haar moeder. Al als kleuter viel zij op door haar bijzondere stemgeluid en op haar achtste werd ze toegelaten tot het Tibetan Institute of Performing Arts (TIPA) in India, opgericht door de Dalai Lama. Zij specialiseerde zich in klassieke zang en volksmuziek en werd al snel één van de belangrijkste operazangeressen van het instituut. Namgyal Lhamo bespeelt ook traditionele instrumenten, zoals de dranyen (Tibetaanse luit) en de gumang (een Tibetaans snaarinstrument). Ze heeft diverse cd’s met eigen composities gemaakt. In 2008 verscheen Highland Supernova, waarop ze haar unieke stemgeluid combineert met rockmuziek. In 2007 werd zij uitgeroepen tot de beste zangeres bij de uitreiking van de Tibetaanse muziekprijzen. Sinds 1980 woont ze in Nederland.
Namgyal Lhamo - foto Paul Cypert

Margreet Dorleijn

(1956) werkt als taalwetenschapper aan de UvA en is gespecialiseerd in Turkse literatuur, etnische variëteiten van het Nederlands, tweetaligheid en taal en identiteit. Zij vertaalde samen met Hanneke van der Heijden onder meer Ik heet Karmozijn en Sneeuw van Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk en het Luizenpaleis van Elif Shafak. Ook stelde het tweetal de bloemlezing Moderne Turkse Verhalen samen.
Margreet Dorleijn - Patricia Weijburg

Herman Koch

(Arnhem, 1953) brak in 2009 internationaal door als schrijver met de roman Het Diner die wekenlang op de bestsellerlijst van The New York Times stond, uitkwam in 37 landen, werd bewerkt voor toneel en werd verfilmd. Het zwartgallige verhaal, over jongens uit een goed milieu die een zwerfster vermoorden, gaat vooral over de vraag in hoeverre je als ouders verantwoordelijk bent voor de wandaden van je kind. Pubergedrag was ook hoofdthema van zijn debuutroman Red ons, Maria Montanelli (1989). In Zomerhuis met zwembad (2011) liet Koch opnieuw zien hoe makkelijk geslaagde mensen in de problemen kunnen komen. Telkens zeggen of doen zijn personages iets anders dan je verwacht. Dat is ook weer het geval in de verhalenbundel Korte geschiedenis van het bedrog (2013). In zijn meest recente roman Geachte heer M. richt hij zijn pijlen op Nederlandse schrijvers. Koch is ook columnist en bekend als acteur en bedenker van Jiskefet.
Herman Koch - foto Mark Kohn

Arthur Japin

(Haarlem, 1956) won de NS Publieksprijs 2008 met zijn roman Overgave (2007), over de strijd tussen pioniers en Comanche-Indianen in het 18e-eeuwse Texas. Ook zijn roman Vaslav (2010) is geënt op een waar gebeurd verhaal: het dramatische besluit van de legendarische balletdanser Vaslav Nijinski om plots te stoppen met dansen. In 2008 verschenen Japins dagboeken van 2000-2007 in boekvorm onder de titel Zoals dat gaat met wonderen en zijn verhalen werden opnieuw uitgegeven als Singel Pocket. Japin brak in 1997 internationaal door met De Zwarte met het witte hart, een roman over twee 19e-eeuwse Ghanese prinsjes die als Hollanders werden opgevoed. Het werd in meer dan tien talen vertaald en bewerkt tot opera-, dans- en theatervoorstellingen. Voor Een schitterend gebrek (2003) ontving hij de Libris literatuurprijs. Japin studeerde aan de Kleinkunstacademie en was acteur en zanger voor hij ging schrijven. Diverse verhalen van Japin zijn verfilmd. Sinds april 2011 is hij een van de vaste medewerkers van het VARA-programma Kanniewaarzijn.
foto Hermien Lam

Rachida Lamrabet

(Marokko, 1970) is fictie- en toneelschrijver, advocaat en docent. Ze won in 2008 de Vlaamse debuutprijs met haar roman Vrouwland (2007), over jongeren die dromen van een beter leven. In 2006 werd Lamrabets verhaal Mercedes 207 ook al bekroond met de Kif Kif Literatuurprijs. In 2008 verscheen haar korte verhalenbundel Een kind van god, in 2011 gevolgd door de roman De man die niet begraven wilde worden, bekroond met de Ultima voor literatuur, de Vlaamse staatsprijs voor cultuur. In haar werk spelen kwesties als identiteit, geloof, migratie en de positie van minderheden een belangrijke rol. Haar roman Vertel het iemand (2018) gaat over het leven van een Berber-jongen en over het verzwegen, aandeel van Marokkaanse soldaten in de Eerste Wereldoorlog. Lamrabet maakt deel uit van het schrijverscollectief Fixdit, dat het bewustzijn over genderongelijkheid in de letteren wil vergroten. Ze is ook praktijkassistent voor discriminatierecht aan de Legal Clinic van de Rechtenfaculteit van de Universiteit van Gent en doceert aan het Odisee College in Brussel.
Rachida Lamrabet - foto Koen Broos

P.F. Thomése

(Doetinchem, 1958 ) is een zeer veelzijdig schrijver die steeds weer andere registers opentrekt. Soms is zijn toon serieus, zoals in Schaduwkind (2003) - over de dood van zijn dochtertje. Het werd een bestseller en vertaald in meer dan 15 talen. In J. Kessels, The Novel uit 2009 tapt hij uit een heel ander vaatje. Dat is een soort persiflage op de harde misdaadroman, waarin een van de favoriete bijfiguren in Thoméses werk, J. Kessels, er sigaretten rokend en frikadellen verslindend op los leeft. Het boek werd in 2015 verfilmd met Frank Lammers en Fedja van Huêt in de hoofdrollen. In De onderwaterzwemmer (2015), over het leven van Tin die als kind zijn vader kwijtraakte in een donkere oorlogsnacht, laat hij zien dat alleen de mens zelf het noodlot kan keren. Thomése ontving in 1991 de AKO-Literatuurprijs voor Zuidland en in 2012 de Bob den Uyl Prijs voor Grillroom Jeruzalem.
P.F. Thomése - foto Tessa Posthuma de Boer

Koen Kleijn

(Harderwijk, 1963) is plaatsvervangend hoofdredacteur en chef cultuur van De Groene Amsterdammer. Hij studeerde kunstgeschiedenis en is coauteur van een aantal boeken over de stads- en bouwgeschiedenis van Amsterdam en de geschiedenis van de Nederlandse bouwkunst. Momenteel werkt hij aan een boek over Paleis Soestdijk en een boek over cultureel ondernemerschap in Amsterdam. Voor de Groene Amsterdammer schreef hij onder andere artikelen over globalisering van de beeldende kunsten in Peking, Vilnius, Istanbul en Liverpool en boek- en filmrecensies. Kleijn was voorheen eindredacteur documentaires bij IdtV en maakte voor de NPS programma’s over 19e en 20e-eeuwse klassieke muziek.
Koen Kleijn

Naima el Bezaz

(Marokko, 1974) haar motto luidt: ‘Taboes zijn er om doorbroken te worden’ en dat is haar met haar nieuwe roman Het Gelukssyndroom (2008) opnieuw gelukt. In dit verhaal geeft de Marokkaanse Layla steeds verder toe aan haar sombere gevoelens tot ze zich realiseert dat haar stervende vriendin, de blonde Marit, haar nodig heeft. De roman is gebaseerd op El Bezaz’ eigen ervaringen. De schijfster raakte in een depressie - in de moslimgemeenschap vaak een taboe - na de dood van een vriendin en bedreigingen naar aanleiding van haar boek De Verstotene. Deze roman werd door haar uitgever ‘de Turks Fruit van de moslimgemeenschap’ genoemd vanwege de felle maatschappijkritiek en expliciete seksscènes. De boeken van El Bezaz zijn erg populair op middelbare scholen. Haar roman Minnares van de Duivel werd in 2002 in één klap een bestseller nadat ze een erotische passage had voorgelezen in het programma Kopspijkers van Jack Spijkerman.
Naima el Bezaz - Winternachten 2002 - foto Serge Ligtenberg

Tijs Goldschmidt

(Amsterdam, 1953) is evolutiebioloog en schrijver. In zijn essays presenteert hij zich als de missing link tussen alfa en bèta. Steeds weer plaatst hij de wetenschap in een breder cultureel kader. Zijn essays verschenen onder andere in Vis in Bad (2014) en in Kloten van de engel (2007). In september 2016 verschijnt bij Seven Stories Press in New York een bundel met zijn essays onder de titel The Other Left Side. Goldschmidt vertrok na zijn studie vijf jaar naar Tanzania om daar in het Victoriameer cichliden (baarsachtige vissen) te bestuderen. Die studie mondde uit in een proefschrift en een boek waarin hij zijn wetenschappelijke bevindingen combineerde met persoonlijke ervaringen, Darwins hofvijver (1994). Het boek werd vertaald in onder andere het Engels, Frans, Duits, Japans en Chinees. Goldschmidt besloot in 1993 om zijn universitaire carrière op te geven om zich volledig te wijden aan zijn schrijverschap. In 2007 hield hij de Huizingalezing in Leiden onder de titel Doen alsof je doet alsof. Sinds 2009 is hij adviseur van de Rijksakademie van Beeldende kunsten in Amsterdam.
Tijs Goldschmidt - foto Hans Aarsman

Maxim Februari

(Coevorden, 1963) werd geboren als Marjolijn Drenth. Hij is behalve schrijver ook ethicus, kunsthistoricus en jurist. Maxim Februari verstaat de kunst om morele dilemma’s en juridische vraagstukken te verpakken in lichtvoetig proza. “Het moet spannend en onderhoudend zijn. Als je een pamflet schrijft wil niemand het lezen”, zei hij daarover. Zijn roman De literaire kring (2007), over de moraal van de Nederlandse culturele elite, werd zeer positief ontvangen. Kort na verschijning ontving hij de Frans Kellendonk-prijs 2008 voor zijn gehele oeuvre. Van 2001-2010 schreef Februari columns voor de Volkskrant. Een deel van die columns werd gebundeld in Park Welgelegen, Notities over Morele Verwarring (2004). In zijn voor een Gouden Uil genomineerde dissertatie Een Pruik van Paardenhaar & Over het Lezen van een Boek (2000) neemt hij de relatie tussen economie en ethiek onder de loep. Tegenwoordig schrijft hij een wekelijkse column voor de opiniepagina van NRC Handelsblad, die - met enkele Volkskrant-columns - werden gebundeld in Ons soort mensen (2011). In 2013 verscheen De maakbare man, notities over transseksualiteit.
Maxim Februari - foto Merlin Daleman

Funda Müjde

(Turkije, 1961) is actrice, cabaretière, discussieleider, presentatrice én columniste. Ze werd bekend vanwege haar hoofdrol in de film Julia’s geheim en rollen in tv-series als Vrouwenvleugel, Medisch Centrum West en Zeg ‘ns AAA. Van 1999 tot 2012 schreef ze een column in De Telegraaf waarin ze blijk gaf van een humoristische en kritische kijk op de interculturele Nederlandse maatschappij. Sinds een auto-ongeluk in 2007 moet ze een rolstoel gebruiken. Funda Müjde schrijft, acteert en presenteert zoals zij is, met een eigen kijk op politieke en maatschappelijke thema’s, soms provocerend, altijd met humor. In 2016 en 2017 keerde ze terug in het theater met Funda Draait Door, waarin ze de reis van haar leven bespreekt.
Funda Mujde - foto Mariel Kolmschot

Pieter Steinz

(Rotterdam, 1963 - Haarlem 2016) publiceerde in 2010 Grote Verwachtingen. Opgroeien in de letteren in 25 schema’s, waarin hij 25 literaire werken bespreekt en dwarsverbanden legt. Hetzelfde deed hij in Luisteren & cetera met 25 popalbums uit de jaren zeventig. Hij schreef Made in Europe , Steinz – Gids voor de wereldliteratuur (met zijn dochter Jet) en het Boekenweekessay 2015, Waanzin in de wereldliteratuur. In 2010 verscheen ook De Duivelskunstenaar, een reis door Europa op zoek naar Faust.  Eerder verscheen Macbeth heeft echt geleefd, over plekken waar literaire helden hebben gewoond. In Verleden in verf (2011) schetst Steinz de vaderlandse geschiedenis aan de hand van 40 schilderijen. Pieter Steinz werd in 1989 kunstredacteur bij NRC Handelsblad. Van 2005-2011 was hij chef van de boekenbijlage. Steinz studeerde Oude Geschiedenis en Engelse Taal- en Letterkunde. Sinds 2012 was Pieter Steinz directeur van het Nederlands Letterenfonds, tot aan zijn overlijden in augustus 2016.
foto Claartje Cox

Elsbeth Etty

(Hulshorst, 1951) ontving in 2008 de Anne Vondelingprijs voor politieke journalistiek vanwege haar scherpe analyses van maatschappelijke problemen. Etty is journaliste in de ruimste zin van het woord. Naast redacteur en columnist bij NRC Handelsblad is ze veelvuldig te gast op radio en tv. In 2007 debuteerde ze als romanschrijfster met Maak jezelf maar klaar, waarin Ada, een van de personages uit Harry Mulisch' De ontdekking van de hemel, hoofdfiguur is. Elsbeth Etty promoveerde cum laude aan de Universiteit Utrecht met een biografie over Henriëtte Roland Holst, Liefde is heel het leven niet (1996). Haar columns voor NRC Handelsblad verschenen onder de titels In het gras(1998), Een koe op zolder (2001), Tijdgenoot (2002) en Chilling! (2008). Haar recensies werden gebundeld in Dames gaan voor. Van Hella Haasse tot Connie Palmen (1999). Elsbeth Etty is bijzonder hoogleraar Literaire Kritiek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en werkt nu aan de biografie van dichter en tekstschrijver Willem Wilmink.
Elsbeth Etty - foto Serge Ligtenberg

Behsat Üvez

(Ankara, 1959) zingt en speelt traditionele Turkse muziek maar houdt ook van uitstapjes naar de jazz en geïmproviseerde muziek. Üvez speelde in Turkije jarenlang bij diverse dansgroepen en orkesten - zoals het Staatsensemble van Ankara - voor hij in 1989 naar Nederland kwam. Hij bespeelt traditionele Turkse snaarinstrumenten als de baglama (ook wel saz genoemd), de cura, de tar, de cümbüs en de ud en diverse percussie-instrumenten. Üvez is niet alleen een groot kenner van Turkse muziek maar ook van andere mediterrane ritmes zoals Balkanmuziek. Hij speelt in diverse ensembles en samen met klarinettist Steven Kamperman richtte hij het ensemble Barana & Co op, waarmee hij Turkse klanken vermengt met jazz, wereldmuziek en improvisatie. Üvez is muziekdocent in Groningen en Hoogezand en geeft regelmatig muziekworkshops.
Behsat Üvez by Ivar Pelt

DJ mps PILOT

(Beek, 1968) alias Horst Timmers studeerde muziekwetenschap in Amsterdam en raakte tijdens de colleges etno-musicologie gefascineerd door wereldmuziek. Sinds 2002 is mps PILOT een van Nederlands’ bekendste Tropical/World DJ’s en producers. Door zijn interesse voor grensverleggende dance, zijn vele reizen in Europa, West Afrika, het Midden-Oosten en Azië is mps PILOT diep in de eigentijdse mondiale muziek gedoken. In alle mogelijke richtingen en tussen allerlei verschillende moderne genres ontstaan kruisbestuivingen en afsplitsingen, die door hem in kaart worden gebracht. Hij trad op in bekende clubs als Paradiso en de Melkweg en op festivals als Mysteryland, Dancevalley, Oerol, Lowlands, North Sea Jazz en het Vlaamse Sfinks. Zijn reizen als DJ brachten hem ondermeer naar Le Festival au Desert in Mali, Les Nuits Atypiques de Koudougou in Burkina Faso, het Jaipur Festival in Rajasthan en Sziget in Hongarije.
DJ mps PILOT - foto Hans van der Woerd

Tierra Caliente

is door de Mexicaanse schrijver Carlos Fuentes ‘de meeste authentieke Mexicaanse muziekgroep in Europa’ genoemd. Tierra Caliente begon in 1986 als een gelegenheidsbandje tijdens koninginnedag. Initiatiefnemer Ramón Balderas Sánchez had zoveel succes met zijn zonnige feestklanken van trompetten, violen en gitaren dat de groep meteen werd uitgenodigd door radio en tv. Inmiddels bestaat de mariachiband ruim twee-entwintig jaar. Nog steeds baseert Tierra Caliente zich op de traditionele Mexicaanse dansmuziek (sones jalisciences), boerenliedjes (rancheras) en romantische balades (boleros) maar de band maakt ook regelmatig uitstapjes naar de jazz en de salsa. Pura alegria wordt dit door Tierra Caliente genoemd, 100% feest dus, of gewoon puur plezier!
Tierra Caliente

Palio-Parea

Palio-Parea voert het publiek met zijn muziek mee naar een rokerig Grieks cafeetje aan het begin van de twintigste eeuw waar op de bouzouki en de baglama wordt gespeeld. Palio-Paréa (letterlijk ‘oude vrienden bij elkaar’) is een groep muzikanten uit Nederland die al sinds 1992 Griekse muziek maken. Componist/arrangeur Loek Schrievers laat zich vooral inspireren door de rembetika, oude Griekse stadsliederen over de zelfkant van het leven, en door het werk van de Griekse dichter K.P. Kavafis. Hun laatste cd Nachten in Attarin, waarin muziek en zang de weemoed uit de gedichten van Kavafis versterken, is – ook in Griekenland - enthousiast ontvangen. Met Margôt Schenk, Loek Schrievers, Carel van Rijn, Osama Abdulrasol en Azzedine Jazouli.
Palio-Parea 

Hassnae Bouazza

(Marokko, 1973) is journalist, columnist, vertaler, researcher en programmamaker. Ze publiceert in diverse media (waaronder NRC en Linda) en heeft haar eigen online glossy voor bourgondische cultuurminnaars, Aicha Qandisha. Ze stelde een bundel samen met verhalen over Arabische vrouwen, Achter de Sluier (1999); in 2013 verscheen haar boek Arabieren kijken, over ‘gewone’ mensen in de Arabische wereld. Ze maakte tv-programma's voor diverse omroepen, waaronder de documentaireserie Seks en de Zonde (met Femke Halsema). Samen met Michelin-sterrenkok Soenil Bahadoer schreef ze Spicy Chef (2020) en Streetfood (2022), twee culinaire boeken met verhalen en Surinaams-Indiase recepten. In 2022 verschenen ook van haar hand: haar ‘levenswerk’ (in Bouazza’s eigen woorden) Een koffer vol citroenen, een requiem voor en portret van haar moeder en Arbeidsmigranten in Nederland.
Hassnae Bouazza - foto Ruud Pos

Alain de Botton

(Zürich, 1969) schrijft boeken en maakt tv-programma’s waarin hij alledaagse problemen aan de kaak stelt met behulp van de ideeën van klassieke schrijvers en filosofen. Zijn jongste wapenfeit is de oprichting van The School of Life in Londen in augustus 2008. Het idee van De Botton hierachter is om het bestaande universitaire onderwijs te ‘reorganiseren en te richten op het leven (…) en mensen met behulp van cultuur een gevoel van richting en wijsheid te geven.’ De Botton brak in 1997 internationaal door met de bestseller Hoe Proust je leven kan veranderen gevolgd door De troost van de filosofie (2000). In beide boeken bekijkt De Botton gevoelens als liefde, vriendschap, jaloezie en verlangen door de bril van denkers als Seneca, Nietzsche, Stendhal en Proust. De Botton verhuisde op zijn twaalfde naar Londen waar hij filosofie en geschiedenis studeerde. Hij schrijft columns voor verschillende Engelse kranten waaronder The Independent on Sunday. Al zijn boeken zijn vertaald in het Nederlands.
Alain de Botton

Sams

(Sint Eustasius, 1955) is zanger, componist, percussionist en ngonispeler. Aanvankelijk speelde en zong hij vooral in reggaebands maar in de jaren tachtig raakte hij in de ban van de djembémuziek. Om zijn techniek te verbeteren ondernam hij regelmatig reizen naar Afrika waar hij in de leer ging bij de grote meesters van de djembé-muziek. Op een van zijn eerste reizen hoorde hij de klanken van de ngoni, en ook dit instrument leerde hij bespelen. De ngoni is een van de oudste snaarinstrumenten van Afrika, gemaakt van een kalebas, een stuk hout en visdraad. Sams richtte vervolgens zijn eigen ngoniband op en legde zich vooral toe op de Afrikaanse muziek. Inmiddels is hij ook weer teruggekeerd naar zijn oude liefde, de reggae. Sams treedt regelmatig op in binnen- en buitenland met Sams Reggaeband en Sams N’goniband. Ook geeft hij workshops djembé op scholen.
Tijdens Winternachten 2009 treedt hij op zaterdagmiddag samen op met zijn broer, bassist Jeffrey Sams, en met het onafscheidelijke steelpan duo Cornel Brown en Leroy James, allen afkomstig van Statia.
Victor Sams

Bernlef

(1937-2012) is het pseudoniem van Hendrik Jan Marsman. Sinds zijn debuut in 1960 verschenen er bijna jaarlijks romans, dichtbundels, novelles en essays van zijn hand. In de necrologie die hij onlangs schreef voor In Memoriam van het Vlaams Huis de Buren bekende hij dat hij veel respect heeft voor andere schrijvers die diepgravende omvangrijke romans schrijven. “Zelf ben ik een componist van kamermuziek. Meer dan vierstemmig zit er bij mij niet in”, aldus Bernlef. In zijn laatste roman De een zijn dood verkent de schrijver een nieuw genre: de thriller. In 2008 schreef hij het boekenweekgeschenk De Pianoman, een verhaal met veel raakpunten met Hersenschimmen waarmee hij in 1984 doorbrak. Beide romans zijn geschreven in zijn kenmerkende stijl: zonder ‘rimram en poespas’, maar met een ‘heldere, klare lijn’. Hersenschimmen werd verfilmd en als toneelstuk uitgevoerd. In 1984 ontving hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn hele oeuvre en in 1987 de AKO Literatuurprijs voor Publiek geheim. Als vertaler heeft Bernlef tal van Amerikaanse en Zweedse dichters in Nederland geïntroduceerd, onder wie de Zweedse dichter en Nobelprijswinnaar 2011 Tomas Tranströmer, van wie hij het volledige werk vertaalde. Hij overleed in oktober 2012.
Bernlef - foto Serge Ligtenberg

Wim Brands

(Brummen, 1959 – Amsterdam, 2016) was dichter, journalist en presentator. Hij debuteerde op jonge leeftijd als dichter in Hollands Maandblad. Sindsdien verschenen met enige regelmaat poëziebundels van hem, zijn laatste - 's Middags zwem ik in de Noordzee - in 2014. Na publicatie van zijn eerste dichtbundel Inslag (1985) begon hij als interviewer bij de VPRO, waar hij programma’s maakte over literatuur en filosofie. Hij was onder andere eindredacteur bij het programma De Avonden en bij Radio 6. Sinds 2005 sprak hij ook op televisie met schrijvers in het VPRO-programma Boeken. Naast programmamaker en dichter was hij ook bloemlezer. Hij stelde Briefgeheimen (2007) samen, een kleurrijke compilatie briefkaarten gekoppeld aan een website waarop mensen hun diepste geheimen kunnen prijsgeven. In 2012 verscheen Overkomst dringend gewenst, zijn bloemlezing uit het werk van dichter Jan Emmens. Samen met zijn dochter Nikki stelde Wim Brands in 2015 de bloemlezing samen Nederlandse literatuur van de 21e eeuw: de nieuwe schrijvers van het nieuwe millennium, waarin zij van de zestig in hun ogen belangrijkste schrijvers een verhaal of romanfragment opnamen. Samen met Jeroen van Kan stelde hij Nederland: een objectief zelfportret in 51 voorwerpen (2015) samen, waarvoor zij vijftig schrijvers uitnodigden om Nederland te typeren aan de hand van een voor hen betekenisvol voorwerp. Wim Brands was een van de dichters van 'De eenzame uitvaart', die een laatste, poëtisch afscheid bieden voor onopgemerkte overledenen en dat bij de uitvaart voorlezen.
Wim Brands - foto Serge Ligtenberg

Neske Beks

(Antwerpen, 1972) is schrijver, transdisciplinair kunstenaar, film- en theatermaker. Ze debuteerde met De Kleenex Kronieken (2014) een familie- en dorpskroniek rond Priscilla, dochter van een Vlaamse vader en een Senegalese moeder, en publiceerde het kinderboek Sala & Monk (2020). In Echo - essays, speeches en brieven (2021) legt ze de vinger op de zere plek. Niet alleen is de witte blik in onze samenleving nog steeds dominant, zwarte vrouwen delven dubbel het onderspit: ze zijn niet wit en ze zijn geen man. Beks toont hoe stelselmatig het niet gezien en gehoord worden is. Haar essay De kleine Morrison: een wegwijzer in het lezen van haar werk vanuit Zwart perspectief (2023) biedt lezers van Toni Morrison, de in 2019 overleden beroemdste vrouwelijke zwarte schrijver en Nobelprijs voor literatuur-winnaar, inzicht in haar leven en werk. Beks laat zien dat Morrison in alles wat ze doet uitnodigt tot zélf kritisch nadenken over taal, structuur, macht, gender, ras, recht en onrecht, zwart-zijn, de witte blik en de betekenis van orale en geschreven verhalen.
Neske Beks - foto Marianna Borau

Mathijs Deen

(Hengelo, 1962) is radiojournalist en schrijver. Zijn meest recente boek is het in 2013 verschenen De Wadden, een poëtische geschiedenis van de Waddeneilanden. Zijn verhalenbundel Brutus heeft honger uit 2011 werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs. Met eten als leidraad hopt Deen door de wereldgeschiedenis. De 44 historische verhaaltjes zijn fijne miniatuurtjes van nauwelijks anderhalve pagina. Na zijn studie Nederlands in Groningen werkte Deen enige jaren voor Radio Noord. Zijn radiocolumns uit die tijd zijn gebundeld in twee uitgaven. Sinds 2001 is Deen programmamaker bij de VPRO radio, waar hij het historische radioprogramma OVT presenteert. Een aantal historische documentaires die hij voor de VPRO maakte, is uitgegeven als luisterboek. Ook de radioserie De lange weg naar Darwin verscheen op cd en als podcast. Deen was programmacoördinator van het Winternachten Festival tussen 2009 en 2011.
Mathijs Deen

Pieter van den Blink

(Amsterdam, 1966) is journalist en neerlandicus. Hij was van 2006-2008 adjunct-hoofdredacteur bij Vrij Nederland, maar werkt sinds enkele maanden freelance voor onder andere VN, Radio 1 en de VPRO. Van 2000-2005 was Van den Blink correspondent voor diverse media in Parijs. Hij schrijft met name over Frankrijk, de Franstalige wereld en literatuur, maar werkt momenteel samen met portretfotograaf Koos Breukel aan een boek over Volendam. In 2007 verscheen 121 rue de Lille, vijftig jaar geschiedenis van het Institut Néerlandais in Parijs.
Pieter van den Blink by Christien Jaspars

Stine Jensen

(Denemarken, 1972) is een Deens/Nederlandse filosofe, literatuurwetenschapper en publiciste. Ging haar werk aanvankelijk over liefde en kwaad in relaties tussen mens en dier en mens en mens, nu richt ze de blik naar binnen met Go East, over haar zoektocht naar spiritualiteit en Mag ik je wat vragen over lust en liefde, een werkboek om je levensgeluk te vergroten. Turkse vlinders (2005) ging over haar eigen ervaringen met interculturele liefdesrelaties. Leugenaars (2006) was een filosofische zoektocht naar latin lovers, oplichters en andere duistere figuren. In haar eerste roman, Dokter Jazz (2009), vormen de cultuurverschillen tussen Oost en West opnieuw het leidmotief. Voor tv maakte ze series over filosofie en Scandinavië. Haar kinderboekendebuut Lieve Stine, weet jij het? leverde haar in 2015 een Zilveren Griffel op.
Stine Jensen - foto Amber Beckers

Yasmine Allas

(Somalië, 1967) ontvluchtte haar geboorteland en belandde in 1987 in Nederland. Aanvankelijk wilde ze actrice worden, maar inmiddels is ze vooral bekend als schrijfster. In haar roman Een nagelaten verhaal (2009) beschrijft ze een jonge vrouw die na 23 jaar terugkeert naar haar geboorteland. Het wordt een emotioneel weerzien, wanneer blijkt dat het land is verwoest en er weinig meer van haar verleden te zien is. Yasmine Allas mengt zich regelmatig in het publieke debat in Nederland. Haar boek Ontheemd en toch thuis (2006) is een verzameling essays over het leven in multicultureel Nederland, die eerder in de Volkskrant verschenen. Ze neemt hierin geen blad voor de mond en weet de vinger vaak op de zere plek te leggen. Godsdienstfanatisme is in haar ogen de splijtzwam van de samenleving. Maatschappelijke misstanden spelen al een rol in haar werk vanaf haar debuutroman Idil, een meisje (1998). Hierin beschrijft ze het zware leven van een meisje in Somalië en stelt ze vrouwenbesnijdenis aan de kaak.
Yasmine Allas - foto Mark Kohn

Paul van der Gaag

(Den Haag, 1958) is sinds 2002 eindredacteur/presentator van het VPRO-radioprogramma OVT, een twee uur durend programma over de historische achtergronden van de actualiteit, over nieuw verschenen historische boeken, over films, herdenkingen en alles wat verder met geschiedenis te maken heeft. Met live gesprekken, reportages, columns en in het laatste half uur de wekelijkse documentaire. Hij is al sinds 1992 bij OVT betrokken als programmamaker en werkte in het verleden als freelancer ook voor andere omroepen als de VARA en de IKON.
Paul van der Gaag - foto Serge Ligtenberg

Jan Baeke

(Roosendaal, 1956) is dichter en vertaler. Baeke’s poëziebundel Groter dan de feiten kreeg lovende kritieken en werd genomineerd voor de VSB Poëzieprijs. In deze bundel neemt hij de lezer in vaak dubbelzinnige filmische gedichten mee naar een zonovergoten maar beklemmende mediterrane provinciestad waar weemoed, onbehagen en liefde op de loer liggen. Baeke debuteerde in 1997 met de bundel Nooit zonder paarden. Het werk van Baeke is beïnvloed door filmers als Luis Buñuel en Andrej Tarkovksi en dichters als Ingeborg Bachmann en Jaap Kaplinski. Werk van Baeke is vertaald in het Engels en het Frans. Sinds 2009 is hij verbonden aan Poetry International in Rotterdam. 
Jan Baeke ontvangt de Jan Campert-prijs 2016 voor Seizoensroddel. De jury: "Zo vanzelfsprekend als de gedichten van Jan Baeke klinken, zo weinig soepel is de wereld die hij beschrijft in zijn meesterlijke bundel. Veel beschutting is er niet te vinden in deze onbehagelijke poëzie, maar wel de troost van het besef dat we allemaal de weg kwijt zijn.
Jan Baeke - foto Keke Keukelaer

Carel de Haseth

(Curaçao, 1950) is dichter, apotheker en politicus. Zijn beroemdste werk Katibu di Shon (Slaaf en Meester) verscheen in 1988 al in het Papiaments, maar kwam pas in 2002 in het Nederlands uit en is in 2007 in het Duits vertaald. In deze roman vertelt De Hasseth het verhaal van de slavenopstand op Curaçao in 1795 vanuit het perspectief van een meester en een slaaf die als twee vrienden samen zijn opgegroeid. In 1989 kreeg de schrijver voor dit boek de Cola Debrotprijs, de hoogste culturele onderscheiding van Curaçao. De Haseth debuteerde in 1969 met de dichtbundel 3 dagen vóór Eva en schreef daarna nog diverse andere poëziebundels. De Haseth behoorde tot de groep die in 1993 de Partido Antia Restruktura (PAR) oprichtte, de partij van oud-premier Miguel Pourier. Van 1994–2004 was hij met verschillende onderbrekingen gevolmachtigd minister van de Nederlandse Antillen. Momenteel is hij raadsadviseur van de Nederlandse Antillen en jurylid van de Libris Literatuur Prijs 2009.
Carel de Haseth tijdens Winternachten 2004 - foto Serge Ligtenberg

Selim Temo

(Turkije, 1972) werd geboren in de zuid-oostelijke Koerdische regio Batman. Hij oogstte veel lof met zijn tweedelige anthologie van de Koerdische poëzie die in 2007 verscheen en waar hij jarenlang aan had gewerkt. Temo selecteerde de gedichten niet alleen maar vertaalde ze ook zelf in het Turks. Behalve vertaler is Temo ook dichter en schrijver. Sinds 1995 verschenen er drie bundels van zijn hand waarmee hij in 1997 de Yasar Nabi Nayir prijs in de wacht sleepte. De drie bundels Ah! Tamara (1995), Ugultar (2000) en Kirgin Nehirler Meseli (1997) verschenen in 2008 in een heruitgave. Ook zijn roman Çiftlere Cinayet Dersleri (letterlijk: Lessen in moord voor echtparen) uit 1998 werd bekroond. Temo debuteerde in 1994 met een toneelstuk en studeerde etnologie aan de Universiteit van Ankara.

Kees 't Hart

(Den Haag, 1944) is schrijver en dichter. In zijn roman De Keizer en de astroloog (2008) komt leerling-psychiater Simon als astroloog aan het hof van keizer Wilhelm II in Doorn te werken en verzeilt daar in absurde situaties. In 2000 ontvangt hij de Multatuliprijs voor zijn roman De Revue (1999) en de Ida Gerhardt Poëzieprijs voor Kinderen die leren lezen. In 2014 verschijnt Teatro Olimpico, over Nederlandse theatermakers die hun voorstelling in Italië proberen op te voeren. Wederzijds (2017) is een satire over buurthulp en in het historische en humoristische De ziekte van Weimar (2019) reist een man uit Franeker naar Weimar voor een ontmoeting met Goethe. VICTORIEN, ik hou van je (2021) is een bundel 'verhalen en ontboezemingen'; in 2023 verschijnt zijn derde dichtbundel Vogelkerkhof.
Kees 't Hart - foto Euf Lindeboom

Katinka van der Kooij

(1981) tekende en schreef al veel toen ze een klein kind was. Ze was nog maar tien jaar toen ze een van haar geïllustreerde verhalen opstuurde naar Vrij Nederland en meteen in de prijzen viel. Na publicatie van diverse korte verhalen in Hollands Maandblad verscheen in oktober 2008 haar eerste bundel Zonder uitgang. In de twaalf verhalen van deze bundel speelt ze met de waarneming van de lezer door via een geheel eigen beeldspraak een hele wereld op te roepen. Van der Kooij ging op haar achttiende psychologie studeren om de gedachten van haar personages beter te kunnen doorgronden. Tijdens haar studie raakte ze geboeid door de vraag hoe het brein de buitenwereld in persoonlijke ervaringen vertaalt. Momenteel werkt ze als aio in Utrecht aan een onderzoek over de invloed die context heeft op de waarneming van 3D-vorm.

Hélène Gelèns

(Bergschenhoek, 1967) debuteerde in 2006 met de dichtbundel Niet beginnen bij het hoofd, maar ze trad al sinds 2000 op bij diverse literaire festivals. Zo nam ze in 2002 deel aan Poetry International. Gelèns schrijft komische, lichtvoetige gedichten met een serieuze ondertoon waarbij de nadruk vaak ligt op de liefde en de taal en het dichten zelf. Haar stijl kenmerkt zich door veel herhaling en cadans. Gelèns studeerde sterrenkunde, neerlandistiek, geschiedenis en wijsbegeerte, maar alleen wijsbegeerte rondde ze af. Voor haar debuut publiceerde ze al gedichten en essays in literaire tijdschriften - zoals Krakatau en De Tweede Ronde -, bloemlezingen en filosofische uitgaven.
Hélène Gelèns - foto Mark van der Zouw.

Petra Possel

(Harderwijk, 1963) is presentatrice van het NPS-radioprogramma Kunststof over kunst, cultuur en media. Petra Possel reist veel en een van haar geliefde plekken is het eiland Curaçao. Daar raakte ze geïnteresseerd in het leven van de Antilliaanse schrijver Tip Marugg. In haar boek Niemand is een eiland; Het leven van Tip Marugg in zestien gesprekken tekent ze de verhalen op van mensen die Marugg goed kenden en gaat ze na of de mythes rondom de schrijver kloppen. Possel schreef daarnaast diverse reisboeken, zoals de Wereldwijzer Curaçao. Momenteel werkt ze aan een gids over La Palma, La Gomera en Hierro. Voor Possel in 2001 Kunststof ging presenteren, werkte ze voor de culturele radiorubrieken Opium (AVRO) en Ophef en Vertier (VARA). Ook schreef ze recensies voor het Parool.
Petra Possel - foto Serge Ligtenberg

Chantal Mouffe

(Charleroi, 1943) heeft zich als politicologe gespecialiseerd in de politieke theorie. In haar werk bekritiseert Mouffe de huidige westerse consensusdemocratie. Haar boek Over het politieke (2008) laat zien hoe gevaarlijk het is om alle politieke verschillen onder het tapijt te vegen. Uiteindelijk zal iedereen die zich niet thuis voelt in het nieuwe ‘posttraditionele tijdperk’ zijn stem verheffen en dat zal leiden tot extremistische uitwassen, zo betoogt ze. Als voorbeelden neemt ze de opkomst van Haider in Oostenrijk en het succes van Fortuyn in paars Nederland, maar ook de oorlog in Irak. In de jaren zestig was Mouffe actief in de studenten- en feministische beweging. In 1985 publiceerde ze samen met Ernesto Laclau Hegemony and Socialist Strategy, een invloedrijk boek waarin ze een lans breekt voor radicale pluralistische democratie. Mouffe is professor aan de Universiteit van Westminster en doceerde ook aan andere Europese universiteiten, in de VS en Latijns-Amerika.
Chantal Mouffe

Ashwani Saith

(India) is sinds 1981 hoogleraar rurale economie aan het Institute of Social Studies in Den Haag. Daarnaast is hij hoogleraar Ontwikkelingsvraagstuken aan de London School of Economics. Saith studeerde in de jaren zestig economie in Delhi en Cambridge en begon in 1969 als junior researcher aan de Universiteit van Delhi. In zijn 40-jarige academische loopbaan heeft hij een groot aantal boeken en artikelen geschreven over hervorming en ontwikkeling, vooral toegespitst op agrarische ontwikkeling in diverse Aziatische landen. Ook publiceert hij regelmatig over internationale en binnenlandse migratie, met name in India en China. Een van zijn laatste werken is ICT’s and Indian Social Change (2008), waarin hij samen met twee andere wetenschappers de effecten van de informatietechnologie op de ontwikkeling van India onder de loep neemt.
Ashwani Saith

Aart G. Broek

(Maasland, 1954) woonde van 1981-2001 op Curaçao waar hij zich verdiepte in de cultuur van de Antillen en in de dikwijls conflictueuze relatie van de westerse wereld met de niet-westerse wereld en de oorzaken van geweld. Hij publiceerde diverse boeken en artikelen over Antilliaanse schrijvers, waaronder Met liefde behandelen, een hommage aan Boeli van Leeuwen. Eind januari verschijnt De hemel is van korte duur, het verzameld werk van Tip Marugg waar hij samen met G.W. Rutgers aan werkte. In 2007 publiceerde hij De terreur van schaamte, brandstof voor agressie, waarin hij kritische kanttekeningen plaatst bij de cultusrealisering van geweld en het gebrek aan een menselijke benadering van agressie en geweld. Broek is zelfstandig adviseur en onderzoeker en werkt parttime voor het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden aan een onderzoeksproject over de politiegeschiedenis van Suriname en de Nederlandse Antillen en Aruba.

Aart G. Broek - foto Marijke Schweitz

Nelleke Noordervliet

(Rotterdam, 1945) schrijft romans, verhalen, essays, lezingen en columns met een sterke historische interesse. Ze debuteerde met Tine of de dalen waar het leven woont (1987), een fictieve biografie van de eerste vrouw van Multatuli. Haar De naam van de vader werd in 1994 bekroond met de Multatuliprijs. Ze schreef Pelican Bay (2002) over het slavernijverleden in de Cariben en in Nederland. In 2012 verscheen de roman Vrij man, het verhaal van een arts/jurist in de 17e eeuw en in 2013 de essaybundel Schatplicht. Haar roman Aan het eind van de dag (2016) is zowel een portret van een carrièrevrouw, als een tijdsbeeld van de tweede helft van de 20e eeuw. De val van Thomas G. (2020) gaat over de uitgever van een controversieel boek. Haar oeuvre is bekroond met de Constantijn Huygens-prijs 2018.
Nelleke Noordervliet - foto Harry Cock

Naema Tahir

(Groot-Brittannië, 1970) kwam op haar negende met haar Pakistaanse ouders naar Nederland. Ze studeerde rechten en werkte vervolgens voor diverse ministeries, de UNHCR en de Raad van Europa in Straatsburg. In 2006 besloot ze echter om in Nederland te gaan wonen en zich hier met name aan haar schrijverschap te wijden. In het najaar van 2008 verscheen haar bundel moslimsprookjes Groenkapje en de bekeerde wolf, waarin ze de botsing der beschavingen humoristisch op de hak neemt. In Eenzaam heden (2008) vertelt een migrantenkind over haar gevoel van ontworteldheid. Tahir debuteerde in 2005 met de non-fictiebundel Een moslima ontsluiert, waarin ze thema’s als zelfkritiek bij moslims en vrouwenemancipatie behandelt. Haar fictiedebuut Kostbaar bezit (2006), een bundel vrijmoedige erotische verhalen, was een groot succes. Tahir mengt zich regelmatig in het publieke debat. Haar opiniestukken verschijnen onder meer in de Volkskrant en NRC Handelsblad. In 2008 was ze een van de genodigden in het VPRO-televisieprogramma Zomergasten.
foto Liesbeth Kuipers

Geert Mak

(Vlaardingen, 1946) is jurist en schrijver. Na een reeks boeken over de vaderlandse- en de wereldgeschiedenis brak hij in 1991 door met Hoe God verdween uit Jorwerd, over de teloorgang van de Europese boerencultuur. Acht jaar later verscheen De eeuw van mijn vader, een geschiedenis van het twintigste-eeuwse Nederland, deels gebaseerd op zijn eigen familiegeschiedenis. In 1999 reisde Mak door Europa en schreef daar elke dag een notitie over in NRC Handelsblad. Die reizen vormden de basis voor zijn internationale bestseller In Europa, waar een 35-delige tv-serie van werd gemaakt. Tot en met april 2016 is de toneelbewerking van In Europa te zien bij NT Gent. In Reizen zonder John (2013) treedt Mak in de voetsporen van John Steinbeck en kijkt hij wat Europa en de VS nog bindt. De veelvuldig gelauwerde Mak was journalist, docent staatsrecht en vreemdelingenrecht en bijzonder hoogleraar grootstedelijke vraagstukken. In 2015 ontving hij de Gouden Ganzenveer vanwege zijn betrokkenheid bij de nationale en internationale geschiedenis en actualiteit.
Geert Mak - foto Merlijn Doomernik

Dansend de nacht in: Tierra Caliente

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 00:00 tot 01:30 uur
Locatie Theater aan het Spui - foyer
Prijs Winternachten vrijdagavond
Tierra Caliente  - foto Serge Ligtenberg
Uitswingen met warmbloedige mariachi muziek van Tierra Caliente. Het enthousiaste optreden van deze groep werd zeer gewaardeerd door het nog aanwezige publiek op de vrijdagnacht. Met trompetten, violen en gitaren bracht Tierra Caliente – naast jazz en salsa mexicana – vooral traditionele muziek uit Mexico, zoals sones jaliciences (traditionele dansmuziek) en boleros (romantische liederen). Meer details bekijken

Foyer: Boeken, Kunst en Muziek

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 20:00 tot 00:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - foyer
Prijs Winternachten vrijdagavond
Tsaed Bruinja voert actie voor Dichter des Vaderlands met een vliegticket voor Gerrit Komrij
Flamenco, Balkan beats, volvette Afro-sounds en Oosterse klanken: DJ mps PILOT nam het publiek mee op een wereldwijde muziekreis.

Ook in de foyer: kunstzinnige fake door derdejaarsstudenten van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten Den Haag, boekenverkoop, signerende schrijvers, drankjes en (fake) hapjes. Meer details bekijken

Film: The Fake Trade

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 20:00 tot 21:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs Winternachten vrijdagavond
The Fake Trade
Een goedkope Rolex, Prada jeans voor weinig, Ray-ban zonnebrillen voor een habbekrats, het kan allemaal dankzij de ‘fake industry’. Het produceren van namaak is de snelst groeiende criminele industrie ter wereld geworden. Regisseur Nick Hornby maakte de documentaire The Fake Trade over deze industrie en de vaak beangstigende consequenties ervan. Want niet alleen luxeartikelen worden nagemaakt, er zijn ook valse medicijnen. Meer details bekijken

Wintercafé 1: Herman Koch

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs Winternachten vrijdagavond
Herman Koch- foto Serge Ligtenberg
Het nieuwe Wintercafé op Winternachten is een goede formule gebleken! Een plek op het festival waar alle ruimte is voor voordracht en korte, informele interviews. Met talloze schrijvers uit binnen- en buitenland. Met muziek, je kon er een glas drinken en de presentatoren zorgden voor een ongedwongen sfeer.
Op vrijdagavond bood het Wintercafé een programma in vier delen.
In deel 1 bracht Herman Koch de stemming er gelijk in: hij schreef speciaal voor het Wintercafé een Korte Geschiedenis van het Bedrog. Hij vertelt hoe hij vanaf zijn vroegste jeugd een fictieve wereld verzon. Soms is het gewoon leuker om te liegen. En wat is schrijven anders dan liegen? Willen we geloven in Kochs leugens? Dit programma kwam tot stand in samenwerking met DeBuren in Brussel, die Kochs verhaal opnam als ‘radioboek’ en wereldwijd uitzendt. Nederlandstalig.
De zanger, componist en percussionist Victor Sams bespeelde de ngoni. De bijzondere klank van dit oude snaarinstrument uit Afrika, gemaakt van een kalebas, een stuk hout en sim, brengt je in mysterieuze sferen. Hij werd begeleid door Nathan Klumperbeek op akoestische bas. Meer details bekijken

Connie Palmens State of the Novel: 'Fake it till you make it'

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Connie Palmen - foto Serge Ligtenberg
'De non-fictie heeft de werkelijkheid als referentieel kader en doet, schatplichtig aan de wetten van het genre, een andere belofte aan de lezer dan de literatuur. Non-fictie belooft de beschrijving van een bestaande werkelijkheid en wordt door die werkelijkheid gedicteerd. De roman belooft de lezer fictie. Of een roman op de werkelijkheid is gebaseerd, doet er voor de roman niet toe. De roman is fictie en fictie is een onderlinge afspraak over het onechte. Op elke pagina zal de roman laten zien dat ze maakwerk, poièsis is. Met het prijsgeven van zijn glorieuze en trotse verbeelding, van zijn pogingen om te doen alsof hij in de schoenen van een ander staat, probeert de roman de werkelijkheid van de fictie zo genadeloos mogelijk te onthullen'. Aldus Connie Palmen in haar speciaal voor Winternachten geschreven State of the Novel: 'Fake it till you make it'.

Na haar openingstekst sprak zij met Christiaan Weijts, die zich in zijn romans Art. 285b en Via Cappello 23 een getalenteerd manipulator van woorden en waarheid toont. Kees ’t Hart trad op als gesprekleider.
De volledige tekst van 'Fake it till you make it' is te vinden op Meer details bekijken

'Travellers Tales'

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 20:10 tot 21:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Laksmi Pamuntjak, Mathijs Deen en Nury Vittachi - foto Serge Ligtenberg
In de satirische columns op zijn site ‘The Curious Diary of Mr. Jam’ speelt Nury Vittachi (Hongkong) met stereotype beelden van Oost en West. In het programma 'Travellers Tales' discussieerde hij met de Indonesische schrijfster Laksmi Pamuntjak over hoe westerlingen en Aziaten elkaar zien. Laksmi Pamuntjak, schrijfster en dichteres, is een van de weinige auteurs in haar land die in het Engels schrijft. Zij typeert haar positie als ‘de Dubbele Ander’. Het gesprek werd geleid door Mathijs Deen. Meer details bekijken

Wintercafé 2: Maskerades

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 21:10 tot 22:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs Winternachten vrijdagavond
Gerrit Komrij en een scholier-dichter - foto Serge Ligtenberg
Leerlingen van Haagse middelbare scholen déden het gewoon: ze beklommen het podium in het Wintercafé en droegen hun gedichten voor onder de titel Maskerades. Ter voorbereiding kregen ze in de klas dichter Jan Baeke op bezoek, ze lazen en analyseerden poëzie en schaafden aan eigen woorden. Niet alleen Gerrit Komrij was onder de indruk van de dichtende scholieren: het programma onderdeel was één van de hoogtepunten van de vrijdagavond. Meer details bekijken

True Fiction - gesprek met Amitav Ghosh

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 21:10 tot 22:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Amitav Ghosh - foto Serge Ligtenberg
Amitav Ghosh is een van de bekendste schrijvers van India. Met zijn laatste roman Zee van papaver, in januari in Nederland verschenen en op Winternachten gepresenteerd, sleepte hij een nominatie
voor de Bookerprize in de wacht. Het is het eerste deel van een trilogie over het koloniale verleden van Azië en speelt aan de vooravond van de eerste Opiumoorlog. Onder grote publieke belangstelling ging Bas Heijne in gesprek met de auteur over zijn literaire werk. Meer details bekijken

Muziek: Palio-Paréa

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 21:10 tot 22:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
foto Serge Ligtenberg
De Nederlandse band Palio-Paréa bracht Griekse muziek ten gehore met een voorliefde voor het gebruik van traditionele instrumenten zoals de bouzouki en baglamas. De groep bestaat uit Margôt Schenk, Loek Schrievers, Carel van Rijn en Azzedine Jazouli. Meer details bekijken

De Fake-filmkeuze van Jan Baeke

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 21:10 tot 22:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs Winternachten vrijdagavond
Jan Baeke - foto Keke Keukelaer
Hoe speelfilms en documentaires ingezet worden voor politieke manipulatie: daarover ging de Filmkeuze van Jan Baeke. Jan Baeke is dichter en programmamaker bij het Filmmuseum in Amsterdam. De drie woorden ‘in scène gezet’ leidden hem bij de keuze van filmfragmenten: van Kurt Gerrons gedwongen positieve Theresienstadt-document en het werk van Eisenstein tot de moderne satire Wag the dog en de films van Michael Moore. Baeke ging over zijn filmkeuze in gesprek met Paul van der Gaag. Meer details bekijken

Wintercafé 3: Metamorfoses

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 22:10 tot 23:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs Winternachten vrijdagavond
Petra Possel, Hassnae Bouazza en Youssouf Amine Elalamy - foto Serge Ligtenberg
In het programma Metamorfoses kwamen drie auteurs op het podium die allen een handje hebben van transfiguratie en metamorfoses. Gündüz Vassaf (Turkije) liet de stad Istanbul aan het woord. Nury Vittachi (Hongkong) gaf satirische voorbeelden van Oost-West metamorfoses. En de Marokkaanse auteur Youssouf Amine Elalamy vertelde een verhaal waarin de gedaanteverwisselingen over elkaar heen buitelen. Meer details bekijken

Muziek: Namgyal Lhamo

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 22:10 tot 23:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
foto Serge Ligtenberg
Namgyal Lhamo is met recht een vedette in haar geboorteland Tibet. Vanaf haar achtste volgde zij een opleiding in klassieke zang en dans aan het TIPA in India, en werd met haar bijzondere stem al snel één van de belangrijkste operazangeressen van het instituut. Namgyal bespeelt diverse traditionele instrumenten, zoals de dranyen (luit) en de gumang (snaarinstrument). Zij gaf een enerverend solo optreden voor een aangenaam verrast en muisstil Winternachten publiek. Meer details bekijken

How Illusions Can Change Your Life - met Alain de Botton

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 22:10 tot 23:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Alain de Botton  - foto Serge Ligtenberg
Is de illusie een bron van geluk? Deze vraag stelde filosofe en columniste Stine Jensen aan Alain de Botton. In zijn nieuwste boek Ode aan de arbeid, dat bij Winternachten werd gepresenteerd, zoekt hij het geluk in de arbeid. ‘Ons werk zal in elk geval een perfecte zeepbel hebben gevormd om onze drang naar perfectie op te projecteren.’ In zijn bestsellers Hoe Proust je leven kan veranderen en De troost van de filosofie gaf De Botton al tips om met behulp van schrijvers als Nietzsche, Stendhal en Proust meer van het leven te genieten. Meer details bekijken

Film: Orson Welles' F for Fake

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 22:10 tot 23:30 uur
Locatie Filmhuis - zaal 6
Prijs Winternachten vrijdagavond
F for Fake
De laatste film die Orson Welles completeerde is de klassieker F for Fake, ook bekend als Nothing But the Truth. Dit hoogst persoonlijke filmessay over echt en onecht, over nepbiografieën en kunstvervalsingen bleek nog niets aan waarde te hebben verloren. F for Fake is het speelse meesterwerk van een filmer die zelf beroemd werd door zijn ‘nep’ radiodocumentaire War of the worlds over een invasie van Marsbewoners, die destijds (1938) in de VS duizenden de straat op bracht. Meer details bekijken

Wintercafé 4: Je weet niet wat je ziet

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 23:10 tot 00:00 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs Winternachten vrijdagavond
Petra Possel, Hassnae Bouazza, Katinka van der Kooij en Tijs Goldschmidt - foto Ser
Twee wetenschappers over de vraag ‘wat is de functie van ons manipulatieve brein?’ Psychologe Katinka van der Kooij onderzoekt hoe ons brein de realiteit nonstop vervalst. In haar recent gepubliceerde verhalendebuut Zonder uitgang maakt ze dankbaar gebruik van het voorstellend en invullend vermogen van de mens. Evolutiebioloog Tijs Goldschmidt schreef in zijn nieuwste boek Kloten van de engel het verhaal ‘Koko en Kafka’, over het manipuleren van de werkelijkheid in quasiwetenschappelijke dierendocumentaires. Beiden lazen voor uit hun werk en bogen zich over de vraag of we zonder manipulatie kunnen overleven. Meer details bekijken

Waar gebeurd

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 23:10 tot 00:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - grote zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Koen Kleijn, Naima el Bezaz, Gerrit Komrij, P.F. Thomése - foto Serge Ligtenberg
Hedendaagse lezers hunkeren naar waar gebeurde verhalen. In de boekhandels stapelen de boeken met literaire non-fictie zich op en de jury van de AKO-literatuurprijs zette nooit eerder zoveel nonfictie op de nominatielijst. Wat is de aantrekkingskracht van dit genre voor de lezer én de schrijver? En: hoe waar is non-fictie eigenlijk? Hoe bewaakt de schrijver de grens naar het pure verzinsel? Hierover debatteerden Gerrit Komrij, Kristien Hemmerechts, Naima el Bezaz en P.F. Thomése, met praktijkvoorbeelden uit eigen non-fictie. Komrij opende met het schotschrift Onechte Billen. Het schotschrift werd in de week na Winternachten gepubliceerd in de Groene Amsterdammer. Koen Kleijn trad op als gespreksleider. Meer details bekijken

The Fake Nation

Informatie

Datum en tijd vrijdag 16 januari 2009 23:10 tot 00:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - kleine zaal
Prijs Winternachten vrijdagavond
Margriet de Moor en José Eduardo Agualusa  - foto Serge Ligtenberg
Drie schrijvers over nationale identiteit en nationalisme en hoe zij hier tegenin schrijven. Margriet de Moor schreef in een essay over ‘een kitscherig geloof in de eigen mythe’ van ‘openheid, tolerantie en vrijdenkerij’. De Turkse schrijfster en columniste Perihan Magden neemt met haar eigenwijze taalgebruik machthebbers zoals het leger op de hak en hoopt dat zij hiermee bijdraagt aan verdere democratisering van haar land. José Eduardo Agualusa speelt in zijn werk een subliem spel met werkelijkheid en fictie en creëert zo een nieuw beeld van zijn land Angola. Zijn roman De vrouwen van mijn vader werd tijdens Winternachten gepresenteerd. Gesprekleider was Pieter van den Blink. Meer details bekijken

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor