Oost- en West-Indische Winternacht

Astrid Roemer tijdens de Oost- en Westindische Winternacht - foto Taco van der Eb 1998

De derde editie van de Indische Winternacht, deze keer een Oost- en West-Indische Winternacht. Behalve kunstenaars uit Indonesië en Nederland, waren nu ook schrijvers, musici en vertellers uit Suriname en de Nederlandse Antillen uitgenodigd.
In het theaterprogramma was te zien en te horen: gamelan-spel, verhalen van Coen Pronk, Moniek Hoogmoed en Paulette Smit en muziek van Eric Calmes en zijn Antilliaans-Nederlandse band Grupo Zamanakitoki. In het Filmhuis was uniek archiefmateriaal te zien : de allereerste documentaires over Indië, in het begin van deze eeuw gemaakt door J.C. Lammers, in opdracht van het koloniaal instituut. Verder Faya Lobbi , de klassieke documentaire over Suriname uit 1960 van Herman van der Horst, en Ava en Gabriel , de Antilliaanse speelfilm uit 1990 van Felix de Rooy en Norman de Palm.

Informatie

Datum en tijd zaterdag 28 februari 1998 van 20:30 tot 01:30 uur
Locatie Theater aan het Spui & Filmhuis Den Haag

Aart van Zoest

Arahmaiani

(1961, Indonesië) leeft en werkt in Jakarta en Bandung. Ze is dichter, schilder en beeldhouwer. Over de hele wereld is haar werk te zien geweest op tentoonstellingen. Vorig jaar trad ze met veel succes voor het eerst in Nederland op, tijdens Winternachten 1997.
(WN1998)


Arthur Japin

(Haarlem, 1956) won de NS Publieksprijs 2008 met zijn roman Overgave (2007), over de strijd tussen pioniers en Comanche-Indianen in het 18e-eeuwse Texas. Ook zijn roman Vaslav (2010) is geënt op een waar gebeurd verhaal: het dramatische besluit van de legendarische balletdanser Vaslav Nijinski om plots te stoppen met dansen. In 2008 verschenen Japins dagboeken van 2000-2007 in boekvorm onder de titel Zoals dat gaat met wonderen en zijn verhalen werden opnieuw uitgegeven als Singel Pocket. Japin brak in 1997 internationaal door met De Zwarte met het witte hart, een roman over twee 19e-eeuwse Ghanese prinsjes die als Hollanders werden opgevoed. Het werd in meer dan tien talen vertaald en bewerkt tot opera-, dans- en theatervoorstellingen. Voor Een schitterend gebrek (2003) ontving hij de Libris literatuurprijs. Japin studeerde aan de Kleinkunstacademie en was acteur en zanger voor hij ging schrijven. Diverse verhalen van Japin zijn verfilmd. Sinds april 2011 is hij een van de vaste medewerkers van het VARA-programma Kanniewaarzijn.
foto Hermien Lam

Astrid H. Roemer

(Paramaribo, 1947) brak door met Over de gekte van een vrouw, een experimentele roman over de complexiteit van het vrouw-zijn. In de jaren negentig schreef zij drie dekolonisatieromans die zijzelf haar ‘drieling’ noemde: Gewaagd leven (1996), Lijken op liefde (1997) en Was getekend (1999), nu gebundeld als Onmogelijk moederland. Roemer wordt in zowel Suriname als Nederland geprezen om haar lef en eigenzinnigheid in het inmiddels uitgebreide oeuvre van poëzie, proza en theaterteksten. De P.C. Hooftprijs werd haar in 2016 toegekend, en in 2021, voor haar hele oeuvre, de Prijs der Nederlandse Letteren. In 2018 verscheen haar roman Gebroken wit, een indrukwekkend portret van de familie Vanta waarin Surinaamse zeden en normen hun indruk achterlaten. De bloemlezing Ik ga strijden moeder: gekozen gedichten (2021) omvat werk uit haar eerste bundel uit 1970 tot en met poëzie die ze publiceerde van 2015 tot in 2020. In haar jongste roman DealersDochter (2023) verweeft Roemer geraffineerd de levens van vijf personages in thema's als identiteit en de tegenstellingen tussen Suriname en Nederland.
Astrid Roemer - foto Raúl Neijhorst

Basha Faber

Coen Pronk

Coen Pronk

Cynthia Mc Leod

(Suriname, 1936) debuteerde met Hoe duur was de suiker? (1987), de roman die haar op slag de bekendste schrijver van Suriname maakte en die in 2013 werd verfilmd. Als een van de eersten beschreef McLeod de geschiedenis, het slavernijverleden en de kolonisatie van haar land vanuit een Surinaams perspectief. Inmiddels expert op dat gebied geeft ze colleges over het slavernijverleden aan diverse Amerikaanse en Canadese universiteiten, en organiseert ze educatieve tochten langs vroegere Surinaamse plantages en stadswandelingen door Paramaribo. Ze schreef andere historische romans, waaronder De Vrije Negerin Elisabeth, gevangene van kleur (1992), studies, kinderboeken en -musicals. Haar laatste boek, No kwik in het bos (2017) is een jeugdroman over een tienjarig meisje en de gevaren van kwik bij goudwinning. McLeod is een dochter van Johan Ferrier, de eerste president van Suriname.
Cynthia McLeod - Serge Ligtenberg

Frank Martinus Arion

(Curaçao, 1936) studeerde Nederlands in Leiden. Hij doceerde in Amsterdam en werkte van 1975 tot 1981 aan de lerarenopleiding in Suriname. Daarna keerde hij terug naar Curaçao en werd hoofd van het taalbureau Instituto Lingwistiko Antiyano. Hij is oprichter van een Papiamentstalige school op humanistische grondslag: Kolegio Erasmo. Hij schrijft verhalen, essays, poëzie en romans. Zijn succesvolle debuutroman Dubbelspel (1973) wordt momenteel verfilmd. Na Dubbelspel verschenen o.a. de romans Nobele wilden (1979) en De laatste vrijheid (1995), waarvoor hij in 2001 de Cola Debrotprijs kreeg. In november 2001 verscheen de verhalenbundel De eeuwige hond. Zijn meest recente roman, De deserteurs, verscheen in 2006.
Frank Martinus Arion - foto Serge Ligtenberg

Gamelan Ensemble Widosari

Grupo Zamanakitoki

Helga Ruebsamen

(1934, Batavia - Den Haag 2016). Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kwam het gezin Ruebsamen naar Nederland, maar moest onderduiken toen de jodenvervolging begon. Helga Ruebsamen bezocht de HBS en ging daarna werken als journaliste. Voor het dagblad Het Vaderland werkte zij enige jaren in Parijs. Ze debuteerde in 1964 met De kameleon en andere verhalen . In haar verhalen en romans spelen ondergang, verpaupering, uitzichtloosheid, dood en alcoholisme een grote rol. De autobiografische roman Het lied en de waarheid (1997) werd genomineerd voor de Gouden Uil en de Libris Literatuurprijs. Andere belangrijke werken: De heksenvriend (1966), Wonderolie (1970), De ondergang van Makarov (1971), Op Scheveningen (1988), De dansende Kater (1992) en Beer is terug (1999), De bevrijding (1999), Jonge liefde en oud zeer (2001), De verhalen (2001-...). Ze overleed in november 2016 in Den Haag.
Helga Ruebsamen tijdens Winternachten 2005 - foto Serge Ligtenberg

Michaël Zeeman

(1958-2009) was dichter, schrijver en publicist en werkte als vaste columnist voor de Forum-pagina en Cicero van de Volkskrant. Eerder was Zeeman chef kunstredactie bij de Volkskrant en van 2006-2007 correspondent in Rome. Sinds 1997 was hij als adviseur en gespreksleider betrokken bij festival Winternachten. In 2006 verscheen Wie Kan het Paradijs Weerstaan, een briefwisseling met Abdelkader Benali, waarin beide schrijvers van gedachten wisselen over politiek, het leven, de liefde en literatuur. In 2002 ontving Zeeman de Gouden Ganzenveer, vanwege zijn verdiensten voor de Nederlandse literatuur. Zeeman verwierf in de jaren negentig bekendheid als gespreksleider door zijn maandelijkse boekenprogramma 'Laat op de avond na een korte wandeling', dat later 'Zeeman met boeken' ging heten. In 1991 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel Beeldenstorm, waarvoor hij de C. Buddingh-prijs ontving. Zijn tweede bundel, Verhoudingen, verscheen in 1995. In datzelfde jaar publiceerde hij ook de verhalenbundel De Verduistering. In 2009 overleed hij aan de gevolgen van een hersentumor.
Michaël Zeeman - foto Serge Ligtenberg

Monique Hoogmoed

(1969, Paramaribo, Suriname) is actrice, stand-up comediènne, schrijfster, presentator en artieste. Al vroeg vermaakte zij haar klasgenootjes in Suriname met liedjes. Later speelde ze bij het Snatertheater in Amsterdam. Na de middelbare school nam Hoogmoed klassieke zanglessen en figureerde bij de Nederlandse Opera. Ze sloot zich aan bij een Zuid-Amerikaanse dansgroep, waar ze als freelancer ook met anderen danste. Toen stand-comedy ineens een hype was, besloot ze daarin mee te gaan. Daaruit vloeide haar eerste ‘one woman’ show Umaya-vrouw ja. Haar grote bekendheid verwierf zij met het televisieprogramma Surinamers zijn beter dan Marokkanen voor de NPS. Op deze manier hoopte zij een bijdrage te leveren aan de Surinaams/Nederlandse televisiecultuur en integratie. Momenteel houdt Hoogmoed zich bezig met muziek en zang.
WIN 2002
Monique Hoogmoed tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Paula Gomes

Paula Gomes - foto Taco van der Eb 1997

Paulette Smit

(Curaçao, 12 februari 1957) is actrice en toneelschrijfster. Ze speelde onder meer in de televisieserie Medisch Centrum West en Goede tijden, slechte tijden. Ze speelde vele rollen bij Cosmic theater waar ze sinds 2004 artistiek leider van het Hollandse Nieuwe toneelschrijversfestival is. Ze schreef daar onder andere de toneelstukken 'Koorts' en 'Catwalk' en was co-auteur van de theatersoaps ' Disco King en 'Snorder King'. Daarnaast zet ze zich graag in voor de multiculturele samenleving. Haar verdiensten hierin werden in 2006 beloond toen zij benoemd werd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Paulette Smit is bestuurslid van de Werkgroep Caraïbische Letteren van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde in Leiden.
Paulette Smit - foto Sander Nieuwenhuijs

Radhar Panca Dahana

Radhar Panca Dahana

Rudy Kousbroek

(1929, Pematang Siantar, Indonesië - 2010, Leiden) kwam in 1946 naar Nederland. In 1951 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel, Tien variaties op het bestiale. Hij heeft een gevarieerd oeuvre op zijn naam staan, bestaande uit vele tientallen essaybundels over uiteenlopende onderwerpen. Zo schreef hij over ons koloniale verleden, zoals gebundeld in Het Oostindisch kampsyndroom. Terug naar Negri Pan Erkoms (1995) is hier een supplement van. Het biedt een verhelderende kijk op het hoe en waarom van Kousbroeks eigenzinnige visie op het koloniale verleden. In het kader van 400 jaar lang Nederland. Japan maakte Kousbroek de hofreis opnieuw met cineast Hans Keller. Het resultaat is een weergaloze reis door de tijd, vol vondsten en ontdekkingen. Het boek In de tijdmachine door Japan (2000) vormt tevens de achtergrond van de VPRO-film die Hans Keller maakte. Kousbroek overleed in 2010.
Rudy Kousbroek tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Shrinivási

(Suriname, 1926) wordt wel de 'dichter van de ontmoeting' genoemd, omdat hij in zijn werk culturen en mensen samenbrengt. De als Martinus Haridat Lutchman geboren onderwijzer verdiepte zich al jong in zijn Indiase roots. Hij was de eerste dichter die schreef in het Sarnami, de moedertaal van de Hindoestanen in Suriname en Nederland. Hij publiceerde ook enkele gedichten in het Hindi, maar het merendeel van zijn werk is in het Nederlands. Zijn eerste gedichten verschenen in 1952 onder de naam Fernando, maar later koos hij voor de Hindi-naam voor 'bewoner van Suriname': Shrinivási. De dichter bezingt in zijn gedichten de multiculturele inwoners, het klimaat en de natuur van zijn vaderland. Sinds zijn debuut Pratiksha (1968) publiceerde Shrinivási diverse poëziebundels en verhalen die opvallen door hun kwaliteit en muzikale en metaforische taalgebruik. Ook werkte hij mee aan diverse bloemlezingen van de Surinaamse literatuur waaronder Diversity is power (2007). Geert Koefoed maakte in 1984 een grote bloemlezing uit het werk van Shrinavasi: Een weinig van het andere. . In 2007 verhuisde hij weer terug naar Curaçao waar hij jarenlang in het onderwijs had gewerkt. Shrinivāsi overleed in 2019.
Shrinivási - foto Ton van de Langkruis

Toeti Heraty

kwam in de jaren vijftig naar Nederland. Studeerde pschologie in Amsterdam. Kwam in de zeventiger jaren terug in Nederland en studeerde in Leiden filosofie. Promoveerde in Jakarta aan de Universitas Indonesia (filosofie). Was rector van de Academie voor Beeldende Kunst in Jakarta. Is nu hoogleraar filosofie en directrice van een octrooibureau. Ze heeft een belangrijke galerie voor moderne Indonesische kunst in Jakarta. Is lid van het Indonesisch comité voor de mensenrechten.
Toeti Heraty - foto Taco van der Eb 1998

Warih Wisatsana

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor