Uitreiking Haagse Literatuurprijzen

Winnaars Haagse Literatuurprijzen 2024, vlnr Tomas Lieske, Marieke De Maré, Simone Atangana Bekono, Anaïs Van Ertvelde - illustratie: Literatuurmuseum

De Haagse Literatuurprijzen 2024 waren toegekend aan Tomas Lieske, Simone Atangana Bekono, Marieke De Maré en Anaïs Van Ertvelde. Het Literatuurmuseum en Writers Unlimited organiseerden de feestelijke uitreiking op zaterdagmiddag 25 januari 2025. De presentatie was in handen van Mirjam van Hengel.

De prijzen werden uitgereikt door de Haagse wethouder Saskia Bruines. Elke winnaar werd geëerd met een laudatio in de vorm van een muzikaal of gesproken optreden door onder meer acteur Gijs Scholten van Aschat, schrijver Manon Uphoff, dichter Alfred Schaffer (op video), cellisten Sebastiaan van Eck en Judith Jamin, en de Vlaamse a capella formatie Hella. De Jonge Haagse Stadsdichter 2024, Adelina Ignat, opende de uitreiking met voordacht. Valérie Drost, directeur van het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum sprak het welkomstwoord.

De Constantijn Huygens-prijs, de Haagse Literatuurprijs voor een oeuvre, was toegekend aan Tomas Lieske (pseudoniem van Ton van Drunen, 1943). Met deze prijs bekroonde de jury zijn gehele oeuvre, dat bestaat uit romans, verhalen, gedichten en essays waarin de taal fonkelt, de nieuwsgierigheid bloeit en de verbeelding wordt gevierd.

Simone Atangana Bekono (1991) ontving voor Marshmallow de Jan Campert-prijs 2024, de jaarlijkse prijs voor een dichtbundel. Volgens de jury blijf je na het lezen verbluft en opgeladen achter. Als je marshmallows precies lang genoeg boven een vlam houdt, dan zijn ze perfect: rokerig van buiten, zoet van binnen, een tikkeltje vies en juist daardoor onweerstaanbaar. Dat geldt ook voor deze dichtbundel: het is een explosieve mix van erotische beelden en talige spanning, die nog lang na het lezen in je hoofd blijft plakken.

Aan Marieke De Maré (1985) was de F. Bordewijk-prijs, de jaarlijkse prijs voor het beste Nederlandstalige prozaboek, toegekend voor Ik ga naar de schapen. De jury is van mening dat De Maré met dit dichtwerk laat zien hoe literatuur uitersten kan verenigen. Deze roman spreekt krachtig over mensen die voornamelijk zwijgen, is lichtvoetig en zwaar, en zowel pijnlijk herkenbaar als volkomen vervreemdend. Dit boek is een kleinood om te koesteren.

Anaïs Van Ertvelde (1988) mocht voor Handicap: een bevrijding de J. Greshoff-prijs in ontvangst nemen, de tweejaarlijkse prijs voor een essay of essaybundel. Het is een boek dat ons anders doet kijken naar dat wat we dachten te kennen: handicap. Geen beperking, wel een bevrijding. Van Ertvelde introduceert niet alleen de crip theorie in ons taalgebied, ze herziet ook de taal die we erfden om over lichamen te praten. En met die taal verandert ze ons denken. Handicap is een essay waarvan de jury hoopt dat iedereen de kans krijgt het te lezen.

Aan de Constantijn Huygens-prijs was een bedrag van €12.000,- verbonden. De andere prijzen bedroegen €6.000,-. De jury bestond dit jaar uit: Jeroen Dera, Layla El-Dekmak, Rashif El Kaoui, Laurens Ham, Helma ven Lierop, Valérie Drost (voorzitter), Mathijs Sanders, Jeannette Smit (secretaris/penningmeester) en Sarah Vankersschaever.

Boekhandel De Vries van Stockum was in de foyer aanwezig met een stand waar o.a. de boeken van de bekroonde auteurs en van de andere festivaldeelnemers verkrijgbaar waren!

Uitreiking Haagse Literatuurprijzen was samengesteld door Jet Steinz in opdracht van het Literatuurmuseum en Writers Unlimited. Alle informatie over de laureaten is te vinden op literatuurmuseum.nl.

Informatie

Datum en tijd zaterdag 25 januari 2025 van 15:30 tot 17:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - Zaal 1
Prijs 10,- (t/m 30 jaar / Ooievaarspas)| 12,50 (DenHaagPas)| 15,- (regulier).

Tomas Lieske

(Den Haag, 1943) schrijft romans, verhalen en poëzie. Hij won de VSB Poëzieprijs voor Hoe je geliefde te herkennen, en de Libris Literatuur Prijs voor zijn roman Franklin. Lieske studeert Nederlandse taal- en letterkunde aan de Universiteit Leiden. Na een periode als docent en kunstschilder richt hij zich vanaf zijn 40e op het schrijverschap. In enkele van zijn boeken, waaronder de roman Alles kantelt, komen herinneringen voor aan zijn kinderjaren in het door een bombardement (1945) vernielde deel van de Haagse wijk Bezuidenhout. Recente boeken zijn onder meer de romans Honderd hoge dagen (2020) en Het spettert geluk (2021), en zijn keuze uit eigen poëzie Brandende kevers (2023). Voor Niets dat hier hemelt (2023) ontving hij de F. Bordewijk-prijs. Najaar 2024 verschijnt Wij van de Ripetta, een historische roman rond schilder Caravaggio. Tijdens het Writers Unlimited Festival ontvangt hij de Constantijn Huygens-prijs 2024 voor zijn gehele oeuvre.
Tomas Lieske - foto Mark Kohn

Sebastiaan van Eck en Judith Jamin

hebben vanaf hun eerste ontmoeting in 1977 hun biografieën zowel privé als beroepsmatig synchroon laten lopen; zo studeerden beiden bij Johannes Goritzki aan het Robert Schumann-Institut in Düsseldorf. Daarna namen ze twee jaar les bij Dmitri Ferschtman aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam. Ook hadden beiden lange tijd een orkestbaan: Judith in het Nederlands Ballet Orkest, Sebastiaan bij het Radio Filharmonisch Orkest. Naast hun orkestwerk hebben ze altijd veel kamermuziek gespeeld. Judith bij voorkeur met pianisten, in duo’s en trio’s. Met Klara Würtz en Tilly Keessen nam ze een tweetal cd’s op met romantisch repertoire. Sebastiaan als cellist van het Franciscus Kwartet. Ook vormen ze sinds 1992 samen met het cellisten-echtpaar Gregor Horsch en Pascale Went het Cellokwartet Amsterdam. Met deze ensembles hebben ze talloze concerten gespeeld, radio-opnames gemaakt en cd’s geproduceerd.
Judith Jamin en Sebastiaan van Eck

Gijs Scholten van Aschat

(Doorn, 1959) geniet een grote reputatie voor zijn toneel-, film en televisierollen. Hij ontving de Arlecchino voor Midzomernachtsdroom, de Louis d’Or voor zijn rol in Decadence (Het Nationale Toneel), is onderscheiden met de Johan Kaartprijs en was drager van de Albert van Dalsumring. Hij werd zeer bekend door zijn rollen in de tv-series Pleidooi en Oud geld en ontving het Gouden Kalf voor de speelfilms Cloaca en Tirza. Scholten van Aschat speelde onder andere bij Het Nationale Toneel, Orkater, Het Toneel Speelt en ZT Hollandia. In het seizoen 2010-2011 trad hij toe tot het vaste ensemble van ITA in Amsterdam. Naast acteur is Scholten van Aschat ook schrijver. In 2012 verscheen zijn novelle Beretta Bobcat en hij schreef - samen met regisseur Chris Mitchell - het scenario voor de Nederlandse horrofilm De Poel.
Gijs Scholten van Aschat - foto Huib van Wersch

Mirjam van Hengel

(1967) is schrijver en programmamaker voor onder meer ILFU. In 2014 verscheen haar boek Hoe mooi alles. Leo en Tineke Vroman, een liefde in oorlogstijd, in 2018 gevolgd door haar biografie over Remco Campert, Een knipperend ogenblik, bekroond met de Henriëtte de Beaufortprijs. In 2022 verscheen Dola, over schrijver en danser Dola de Jong. Van Hengel was jarenlang redacteur bij Uitgeverij Van Oorschot en Uitgeverij Querido. Ze verzorgde vele verzameld werkuitgaven en poëziebloemlezingen en schrijft o.a. voor de Volkskrant. Recent verscheen haar meest persoonlijke boek, Ganzentijd, over haar vader en haarzelf als dochter.

Bekijk de website van Mirjam van Hengel
Mirjam van Hengel - foto Keke Keukelaar

Simone Atangana Bekono

(Dongen, 1991) is schrijver van proza en poëzie. Ze schreef columns en essays voor meerdere kranten en tijdschriften en is redacteur bij literair tijdschrift De Revisor. Ze studeerde in 2016 af aan Creative Writing ArtEZ met een bundeling van gedichten en brieven getiteld Hoe de eerste vonken zichtbaar waren. In 2018 werd de bundel bekroond met de Poëziedebuutprijs Aan Zee. Haar debuutroman Confrontaties werd lovend ontvangen en bekroond met de Hebban Debuutprijs, de Anton Wachterprijs en het Beste boek voor jongeren. In 2022 schreef Simone voor het Brabants Boek Present de novelle Zo hoog de zon stond. In 2024 verscheen haar tweede poëziebundel Marshmallow, waarvoor ze de Jan Campert-prijs kreeg toegekend.
Simone Atangana Bekono - foto Lin Woldendorp

Anaïs Van Ertvelde

(België, 1988) geeft les aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Gent. Ze publiceerde columns en opiniestukken in onder meer De Morgen, De Standaard, Knack, NRC en de Volkskrant. In 2017 debuteerde ze met Vuile lakens. Een hedendaagse visie op seksualiteit. In Zorgangst (2022) vertelt Anaïs zes verhalen over ouderdom, handicap en bdsm waarin ze onze - al dan niet gegronde - angsten voor zorg, afhankelijkheid en hulpeloosheid verkent. Na jaren van onderzoek naar gender en seksualiteit verlegde ze haar focus naar handicap. Ze ontvangt voor Handicap: een bevrijding de J. Greshoff-prijs 2024, de tweejaarlijkse prijs van de gemeente Den Haag voor een essay of essaybundel. De jury: 'Het is een boek dat ons anders doet kijken naar handicap. Van Ertvelde introduceert de crip theorie in ons taalgebied en ze herziet de taal die we erfden om over lichamen te praten. En met die taal verandert ze ons denken.'
Anaïs Van Ertvelde - foto Sanne van den Elzen

Marieke De Maré

(Brugge, 1985) schrijft, performt en regisseert theater. Haar romandebuut Bult (2020) speelt zich af op een heuvel waar een jonge vrouw, een oude vrouw en een lange, slanke man wonen. In alles wat ze (niet) doen, gaat het heel vaak over de dood. Bult is een weemoedig, soms grappig en onthecht verhaal waaruit een verlangen spreekt om ergens mee in het reine te komen. Ik ga naar de schapen (2024), haar tweede roman, is een verhaal over zwijgen, kijken, vasthouden en loslaten. De Maré krijgt de F. Bordewijk-prijs 2024, de jaarlijkse prijs van de gemeente Den Haag voor het beste Nederlandstalige prozaboek, toegekend voor Ik ga naar de schapen. “Een kleinood om te koesteren”, zegt de jury. “Deze roman spreekt krachtig over mensen die voornamelijk zwijgen, is lichtvoetig en zwaar, en zowel pijnlijk herkenbaar als volkomen vervreemdend.” De uitreiking vindt plaats tijdens het Writers Unlimited Festival.
Marieke De Maré - foto Paul Willaert

Adelina Ignat

(Roemenië, 2009) is de Haagse Jonge Stadsdichter van 2024. Haar winnende gedicht Bubbel gaf tijdens de finale de doorslag. Adelina groeide op in een huis vol boeken en poëzie, en leest graag. Ze speelt ook piano: die muzikaliteit is terug te horen in haar poezie. De finale van de Jonge Stadsdichter scholenwedstrijd, een initiatief van Gemeente Den Haag, Bibliotheek Den Haag, Huis van Gedichten en het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum, vond plaats tijdens Nationale Gedichtendag in de Centrale Bibliotheek. Adelina kreeg begeleiding in schrijven en voordragen van dichter Diann van Faassen en trad op bij verschillende evenementen.
Adelina Ignat

Manon Uphoff

(Utrecht, 1962) is een Nederlands schrijver, scenarist en beeldend kunstenaar. Zij debuteerde in 1995 met de verhalenbundel Begeerte die werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs, de Anton Wachterprijs en de ECI prijs. Het titelverhaal werd bekroond met de Rabobank Lenteprijs voor literatuur. Haar eerste roman Gemis (1997) werd genomineerd voor de Libris Literatuurprijs. Haar meest recente boek, Vallen is als Vliegen (2019), stond op de shortlist van de Bookspot Literatuurprijs 2019 en op de shortlist voor de Libris Literatuurprijs 2020. De roman werd door NRC Handelsblad en Humo de beste Nederlandstalige roman van 2019 genoemd en eindigde als eerste in de eindejaarsspiegel van kranten en tijdschriften, bijeengebracht door boekhandel Athenaeum. Uphoff was redacteur van het literair tijdschrift De Revisor en bestuurslid en voorzitter van PEN Nederland. Als scenarist schrijft zij het speelfilmscenario Een Groot Geweld (Topkapi Films).
Manon Uphoff - foto Céline Simons

Hella

is een jonge a capella band uit België. Vier vrouwenstemmen vermengen zich in warme, heldere en kleurrijke harmonieën. Hun muziek is gewijd aan het hervertellen van oude verhalen en melodieen in het Nederlands. Ze verweven traditionele muziek met hedendaagse muziek en produceren een geluid dat de rijkdom en schoonheid van de stem laat horen. In januari 2024 werd Hella geëerd met de Flanders Folk Award als meest veelbelovende band, als erkenning voor hun potentieel en unieke geluid. “Hella, dat zijn vier krachtige vrouwenstemmen die harmonieus meanderen tot een bijna mystieke entiteit. Zonder de ondersteuning van instrumenten slagen de vier zangeressen erin om een vol geluid te produceren dat een geheel nieuwe wereld creeert.” - Jury Flanders Folk Awards 2024
A capella formatie Hella (België)

Valérie Drost

is directeur-bestuurder van het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum, voorzitter van de Jan Campert-stichting en ambtelijk secretaris van Stichting P.C. Hooft-prijs voor letterkunde. Het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum, waar Drost sinds 2024 directeur is, is een bruisend familiemuseum dat jaarlijks 150.000 bezoekers trekt. Naast familiemuseum is het ook de plaats waar het nationaal literair erfgoed vanaf 1750 tot heden beheerd wordt. Het (rijks)museum stelt zijn archief beschikbaar voor onderzoek en ook dankzij het online museum LiteratuurLab maken nieuwe generaties kennis met ons literaire verleden.
Valérie Drost, directeur-bestuurder van het Literatuurmuseum.

Alfred Schaffer

(Leidschendam, 1973) is dichter, vertaler en docent aan de Universiteit van Stellenbosch, Zuid-Afrika. Hij debuteerde in 2000 met de dichtbundel Zijn opkomst in de voorstad. In de loop der jaren werden zijn dichtbundels vaak bekroond of genomineerd voor meerdere belangrijke prijzen, en verschenen vertalingen in onder meer Engels, Afrikaans, Frans, Chinees, Indonesisch en Zweeds. Voor de bundel Kooi ontving hij in 2008 de Jan Campert-prijs en de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Zijn werk is soms humoristisch, soms zakelijk en tegelijk vol absurde vondsten. In 2014 verscheen zijn, opnieuw veelbekroonde bundel Mens Dier Ding. In 2021 publiceerde hij de persoonlijke bundel Wie was ik?, waarvoor hij de Herman De Coninckprijs kreeg. Dat zelfde jaar kreeg Alfred Schaffer de P.C. Hooft-prijs, de grootste jaarlijkse oeuvreprijs in de Nederlandse letteren, toegekend.
Alfred Schaffer - foto Luke Kuisis

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor