Schrijversfeest

Vlnr Gideon Samson, Stefan Hertmans, Marente de Moor, Paul Demets | Schrijversfeest - foto Chris van Houts (Samson), Juergen Bauer (De Moor), Stephan Vanfleteren (Demets)

Het Schrijversfeest is een feestelijk programma met voordracht en muzikale optredens rond de uitreiking van de vier literaire prijzen van de gemeente Den Haag door Robert van Asten, wethouder van Cultuur. Als laudatiogevers ziet en hoort u schrijver en filosoof Joke Hermsen, dichter Tjitske Jansen en NRC-literair redacteur Thomas de Veen. Muzikale odes worden uitgevoerd door klassiek accordeonist Oleg Lysenko, componist en pianist Tijn Wybenga en trompettist Alistair Payne. Dichter Jasper Albinus draagt het openingsgedicht voor en de presentatie is in handen van Noraly Beyer. 

Een vast onderdeel is de finale van het educatieproject Spot on Young Poets: de finalisten, Haagse scholieren, dragen gedichten voor die ze tijdens workshops op school schreven, onder wie ook Mirle Wittekoek, die vorig jaar de Jonge Campert-prijs won. De aanwezigen bepalen wie van de genomineerden ditmaal deze prijs voor een jonge Haagse dichter wint.

Schrijver, dichter en essayist Stefan Hertmans ontvangt de Constantijn Huygens-prijs voor zijn hele oeuvre. Hertmans brak in 2013 bij het grote publiek door met de roman Oorlog en terpentijn. Het boek is een fijnzinnige en intense ode aan zijn grootvader, die opgroeide in armoede, als frontsoldaat diende in de Eerste Wereldoorlog en zijn grote liefde vroeg verloor. Het verdriet daarover verwerkte hij door te schilderen.

Hertmans behoorde al veel langer tot de gerespecteerde schrijvers van het Nederlandse taalgebied. Sinds zijn debuut in 1981 met het experimentele prozaboek Ruimte heeft hij, volgens de jury, een oeuvre opgebouwd dat vrijwel alle genres bestrijkt. Zijn verzamelde poëzie beslaat ongeveer duizend pagina’s, gebundeld verschenen onder de titel Muziek voor de overtocht. Zijn proza omvat romans, verhalen, een reisboek en essays. Hij schreef ook theaterteksten en publiceerde belangwekkende monografieën over filosofie en beeldende kunst.

Paul Demets (1966) krijgt de Jan Campert-prijs voor zijn poëziebundel De Klaverknoop, een spetterende bundel waarin elk beeld beladen en betekenisvol is, zonder dat deze poëzie ondoordringbaar wordt. Demets’ grote verdienste is dat hij de taal weet te knopen zonder de lezer in te snoeren. Deze gedichten blijven zinderend hangen.

Marente de Moor (1972) ontvangt de F. Bordewijk-prijs voor haar roman Foon. De tragische pogingen van de mens om de natuur te bedwingen, te begrijpen en te sturen, raken de kern van het oeuvre van De Moor. Er spreekt een grote liefde voor de wetenschap uit en een diep doorvoeld besef van de vergeefsheid van het menselijk streven. Resoluut leidt De Moor haar lezers naar de rand van het bos, in de wetenschap dat er vroeg of laat iets zal gebeuren dat de beren tevoorschijn roept. Foon is een met meesterhand geschreven ideeënroman over de mens die het mysterie van het bestaan steeds moeilijker kan verdragen, van een van de eigenzinnigste auteurs van het Nederlands taalgebied.

Aan Gideon Samson (1985) is voor zijn boek Zeb. de tweejaarlijkse Nienke van Hichtum-prijs toegekend. De buitenissigheden in Zeb. worden opgediend als glasheldere logica in een verder volkomen realistische omgeving. Ontregeling brengt het vooral aan in de hoofden van de lezers. Die ontregeling is vrolijk, grappig en speels, maar daaronder schuilt een onheilspellend gevoel van vervreemding. Met Zeb. voegt Samson een uniek absurdistisch geluid toe aan de Nederlandse jeugdliteratuur.
 
Een programma in samenwerking met de Jan Campert-Stichting / Literatuurmuseum.

Informatie

Datum en tijd zondag 19 januari 2020 van 14:30 tot 16:00 uur
Locatie Theater aan het Spui - Zaal 1
Prijs 15,-
12,50 (Uitpas)
7,50 (CJP, Studenten, Ooievaarspas)

Stefan Hertmans

(België, 1951) is schrijver van poëzie, romans, essays, theaterteksten en korte verhalen. Hij debuteerde in 1981 en heeft inmiddels meer dan 30 titels op zijn naam staan, waaronder bekroonde werken als de dichtbundel Muziek voor de overtocht (1995) en de romans Gestolde wolken (1988) en Naar Merelbeke (1994) Hij brak internationaal door met Oorlog en terpentijn (2013). Van deze familiekroniek zijn inmiddels meer dan 250.000 exemplaren verkocht en het boek verschijnt inmiddels in 24 talen. Het is gebaseerd op een paar schriften die de schrijver kreeg van zijn grootvader. De reconstructie begint in een Gentse volksbuurt rond 1900 en krijgt een onvoorziene wending in de Grote Oorlog. Hertmans doceerde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen en gaf wereldwijd lezingen aan universiteiten. Aan Hertmans is de Constantijn Huijgens-prijs 2019 toegekend voor zijn oeuvre.
Stefan Hertmans

Aad Meinderts

(1957) is directeur van het Literatuurmuseum in Den Haag en voorzitter van de Jan Campert-stichting. Hij studeerde Nederlands in Leiden en werkte vanaf 1982 voor de toen Letterkundig Museum geheten instelling die zorgt voor het nationale literaire erfgoed. Hij maakte er tentoonstellingen over onder anderen Remco Campert, Miep Diekmann en Cees Nooteboom. Van 2002 tot 2005 was hij directeur van het Haags Historisch Museum/Museum de Gevangenpoort te Den Haag, daarna van Stichting Lezen. In 2009 keerde hij als directeur terug bij het Literatuurmuseum. Meinderts publiceerde over de schrijvers Anna Blaman, Emmy van Lokhorst en Sonja Witstein. Verder schreef hij Een literaire roadtrip: in 30 dagen langs 100 schrijversgraven (2010), ‘Uit geil en bloed bestaat dit rotte leven!’: Max Kijzer (1893-1944) (2021) en In gekroonde stoeten (2022).
Aad Meinderts - foto Serge Ligtenberg

Noraly Beyer

(Willemstad, 1946), geboren op Curaçao uit Surinaamse ouders, was redacteur/presentator van het NOS Journaal (1985-2009) en de Wereldomroep (1983-2008). Ze speelde rollen in theatervoorstellingen als Ajax, Hemel boven Berlijn, Medea, De Vagina Monologen en De Afscheidsmonologen en ze schrijft zelf ook toneelstukken. Daarnaast presenteert ze regelmatig debatten en publiceert ze columns. In 2009 ontving ze de Cosmic Award voor haar rol als pleitbezorger voor meer diversiteit in de Nederlandse media. Herinneringen aan haar jeugdjaren in Curaçao werden door John Leerdam opgetekend in De Antillen en ik (2008). In 2018 speelde ze de rol van verteller in The Passion.
foto Serge Ligtenberg

Oleg Lysenko

(Oekraïne, 1974), virtuoos accordeonist, woont sinds 2002 in Nederland. Hij werd opgeleid aan de muziekacademies van Poltava, Kiev en Enschede. In 1999 bracht hij zijn eerste CD Awakening uit met werk van o.a. Vivaldi, Bach, Pachelbel en Piazolla. Hij specialiseerde zich aan Codarts Rotterdam in Argentijnse tango op bayan en bandoneon. Hij won in Nederland als solist de Nationale Accordeoncompetitie 2005 met zijn vertolking van Victor Vlasovs ‘Vijf gezichten op het land van de Goelag archipel’, tevens het titelstuk van zijn in 2012 verschenen CD Gulag. Hij heeft een voorliefde voor genre-overschrijdende projecten waarbij beeldende kunst, literatuur en muziek elkaar aanvullen en in elkaar overvloeien. Zulke projecten ontwikkelde hij onder meer met schrijver en beeldend kunstenaar Armando, beeldhouwer en tekenaar Koenraad Tinel en met schrijvers, journalisten en filmmakers, waaronder Stefan Hertmans, Cherry Duyns en Peter d’Hamecourt. Voor zijn dubbel-CD De Sneeuwstorm (2022) arrangeerde en speelde Lysenko op bayan de muziek van Georgi Sviridov bij Alexander Poesjkins gelijknamige verhaal, voorgedragen door de met de Martinus Nijhoffprijs bekroonde Poesjkin-vertaler Hans Boland. Met inzamelacties en benefietvoorstellingen brengt Oleg geld bijeen om een ambulance te bekostigen voor de Oekraïense regio Poltava, waar zijn familie vandaan komt.
Oleg Lysenko

Marente de Moor

(Den Haag, 1972) maakte grote indruk met de romans die ze tot nu schreef. In 2007 debuteerde Marente met De overtreder. In 2011 won ze de AKO Literatuurprijs met De Nederlandse maagd, waarin een 18-jarige in 1936 op zoek gaat naar het oorlogsverleden van haar vader. Roundhay, tuinscene (2013) vertelt over Louis Le Prince, die lang voor Edison en Lumière al een filmpje maakte. De Moor studeerde in Sint-Petersburg aan de theaterschool, werkte in Rusland als verslaggever en schreef onder meer voor De Groene Amsterdammer. In 1999 werden haar columns gebundeld onder de titel Petersburgse vertellingen. Haar roman Foon (2018), die zich afspeelt rond een verlaten huis in de bossen bij Sint-Petersburg, werd bekroond met de Jan Wolkers-prijs voor beste natuurboek en met de F. Bordewijk-prijs.
Marente de Moor - foto Juergen Bauer

Joke Hermsen

(Middenmeer, 1961) is schrijver en filosoof gespecialiseerd in vrouwelijke auteurs en filosofen. Ze promoveerde op Belle van Zuylen, Lou Andreas-Salomé en Ingeborg Bachmann en publiceerde later o.a. boeken over Hannah Arendt en andere vrouwelijke denkers. Ze debuteerde als romanschrijver met Het dameoffer over een dochter die een liefdesverhaal van haar moeder ontdekt. Daar op volgde de historische roman Tweeduister over T.S Eliot en Virginia Woolf. In 2009 verscheen haar met 20 herdrukken zeer succesvolle essaybundel Stil de tijd - Pleidooi voor een langzame toekomst. Daarna volgden onder meer de roman Blindgangers (2014), het essay Melancholie van de onrust voor de Maand van de Filosofie in 2017, de roman Rivieren keren nooit terug (2018) en het essay Het tij keren met Rosa Lusemburg en Hannah Arendt (2019).
Joke Hermsen - foto Koos Breukel

Paul Demets

(België, 1966) ontving de Jan Campert-prijs voor zijn poëziebundel De Klaverknoop, waarin hij op zoek gaat naar de mens en elk beeld beladen en betekenisvol is, zonder dat de poëzie ondoordringbaar wordt. Voor zijn debuut De papegaaienziekte (1999) ontving hij in 2001 de Prijs voor Letterkunde van de provincie Oost-Vlaanderen. Hij dicht niet alleen, maar is ook poëzierecensent voor De Standaard, Awater, Poëziekrant en Ons Erfdeel, en essayist. Demets’ bundel De bloedplek (2011) werd bekroond met de Herman de Coninckprijs, zowel door de jury als door het publiek. Van begin 2016 tot eind 2019 was Demets plattelandsdichter van Oost-Vlaanderen. Voorjaar 2020 verschijnen naar aanleiding daarvan twee poëziebundels. En hij werkt aan een biografie van de Vlaamse schrijver en schilder Paul Snoek. Over poëzie schreef hij in Vrij Nederland: “Ik wil nu vooral poëzie zien, horen, voelen en smaken. Close watching, listening, feeling, tasting.”
Paul Demets - foto Stephan Vanfleteren

Gideon Samson

(Den Haag, 1985) ontving in 2019 niet alleen de Gouden Griffel maar ook de tweejaarlijkse Nienke Van Hichtum-prijs voor zijn kinderboek Zeb.: “Met Zeb. voegt Samson een uniek absurdistisch geluid toe aan de Nederlandse jeugdliteratuur,” aldus de jury. Zijn debuut Niks zeggen! uit 2007 kreeg de Vlag en Wimpel, met Ziek (2009) werd hij de jongste winnaar van een Zilveren Griffel ooit. De jeugdthriller Zwarte zwaan, over te gast zijn op je eigen begrafenis, werd beloond met een Zilveren Griffel. Hij kreeg de Gouden Lijst voor het young adult-boek Overspoeld, dat hij baseerde op gesprekken met tsunami-overlevende Julius ’t Hart. In 2016 verscheen Eilanddagen, dat ook bekroond werd met de Vlag en Wimpel. Voor zijn oeuvre geldt dat er, hoe absurdistisch ook, altijd een filosofische ondertoon in zit.
Gideon Samson - foto Chris van Houts

Tijn Wybenga

(1993) studeerde met een 9,5 af voor Jazz Compositie aan het Conservatorium van Amsterdam. Met zijn 14 leden tellende Collectief AM.OK (Amsterdams Modern Orkest) slaat Wybenga op een innovatieve manier bruggen tussen hedendaagse jazz-, klassieke- en electronische muziek. Hiervoor werd de jazzpianist, arrangeur en componist genomineerd voor de Rogier van Otterloo Award 2017. In 2015 won Wybenga de eerste prijs op het Prinses Christina Compositie Concours.
Tijn Wybenga

Tjitske Jansen

(Barneveld, 1971) is dichter en schrijver. In 2003 verscheen haar overrompelende poëziedebuut Het moest maar eens gaan sneeuwen. Ze heeft een opleiding tot docent drama afgerond waarbij ze haar hart heeft verloren aan jeugdtheater. Die verbondenheid met jeugd komt ook terug in haar poëzie, die – ofschoon niet specifiek voor deze doelgroep geschreven – vaak enthousiaste reacties van kinderen ontlokken. In 2009 werd haar bundel Koerikoeloem (2007), een persoonlijke geschiedenis met sprookjesachtige observaties, bekroond met de Anna Bijns Prijs. In haar prozadebuut Voor altijd voor het laatst (2015) is Jansen al even persoonlijk, scherpzinnig en ontroerend.
Tjitske Jansen

Alistair Payne

is een trompettist en componist geboren in Zuid-Schotland. Na les te hebben gehad in de Schotse professionele scene ging hij aan het Conservatorium in Amsterdam studeren. Momenteel woont hij in Amsterdam en studeert hij met musici als Yaniv Nachum, Ruud Breuls, Jasper Blom en Reinier Baas.
Alistair Payne - foto Peter van Esch

Jasper Albinus

(Utrecht, 1997) treedt op als dichter en spoken word-artiest. Hij sloot zich in 2017 aan bij Poetry Circle, het platform voor performende schrijvers en schrijvende performers, en nam in 2018 deel aan het ontwikkeltraject Slow Writing Lab van het Nederlands Letterenfonds. In zijn werk maakt hij vraagstukken rondom identiteit, geschiedenis en politiek voelbaar. Soms staat hij op een literair festival, dan weer in het theater of hij levert een poëtische bijdrage aan een debat. Zo was hij te zien op Oerol, tijdens Brainwash, Writers Unlimited en in de Melkweg.
Jasper Albinus - foto: Renée Hilhorst

Thomas de Veen

(1986) is literair redacteur bij NRC Handelsblad, de krant waaraan hij sinds 2011 verbonden is als recensent jeugdliteratuur en Nederlandse fictie. Voordien studeerde hij geschiedenis en Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam en schreef hij over literatuur voor de weekkranten Kidsweek en 7Days. Hij nam zitting in literaire jury’s en leverde bijdragen voor diverse tijdschriften, essaybundels en het boek Het ABC van Annie MG; van de A van Abeltje tot de Z van Ziezo, een kleurrijk naslagwerk onder redactie van Joke Linders.
Thomas de Veen

Robert van Asten

(Voorburg, 1978) is sinds juni 2018 wethouder Mobiliteit, Cultuur en Strategie in het College van B&W in Den Haag. Naast deze portefeuilles is hij ook bestuurder op het gebied van bibliotheken, monumenten en erfgoed. Verder is hij stadsdeelwethouder van Segbroek. Voor zijn aantreden als wethouder was Van Asten vanaf 2014 gemeenteraadslid voor D66, vanaf 2015 als fractievoorzitter. Hij studeerde fiscaal recht in Leiden en werkte vervolgens bij onder meer Deloitte en Vistra.
Robert van Asten, wethouder Mobiliteit, Cultuur en Strategie van de Gemeente Den Haag - foto Martijn Beekman

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor