De laatste reis

Het gebeurt elk jaar wel een paar keer in ons land: een begrafenis waar helemaal niemand op af komt. Dichters zorgen voor een gedicht bij deze eenzame uitvaarten. Met Frank Starik, Neeltje Maria Min en Anneke Brassinga. Presentatie Alfred Schaffer. Nederlandstalig.

Neeltje Maria Min en Frank Starik - foto Serge Ligtenberg

Informatie

Datum en tijd vrijdag 12 januari 2007 21:40 tot 22:01 uur
Locatie Filmhuis - zaal 7
Prijs € 23,50 (Uitpas € 22,00 CJP/studentenkaart/ooievaarspas € 11,75)

Het gebeurt elk jaar wel een paar keer in ons land: een begrafenis waar helemaal niemand op af komt. Nabestaanden zijn er niet of hebben geen interesse in de dode. De kist gaat de grond in onder het toeziend oog van een ambtenaar van de Sociale Dienst. Dat kon zo niet langer, vonden enkele dichters. Nu zorgen ze voor een gedicht bij deze eenzame uitvaarten. Frank Starik, Neeltje Maria Min en Anneke Brassinga over wat poëzie vermag.

Het kind

Er is een moeder in ons leven, zij is
de grond en weet waarom wij zijn geboren,
zij gaat ons overal vooruit, waar zelf
wij nog niet lopen konden - ook
op onbetreden aarde onderwerelds
al was zij daar te rusten neergelegd,
al werd zij honderd en bijkans ons kind.

jij gaat haar na alsof ze heeft geroepen:
Klara, dochter, kom je wordt gemist.
Was er geen mens of dier om mee te spreken?
De staande klok sloeg elk kwartier, cla-
wetterend refrein van stilte. Twaalf weken
ben je wees geweest - twaalf eeuwen?
Rust nu in vrede, wees voorgoed herenigd.

[Anneke Brassinga]

Alfred Schaffer

(Leidschendam, 1973) is dichter, vertaler en docent aan de Universiteit van Stellenbosch, Zuid-Afrika. Hij debuteerde in 2000 met de dichtbundel Zijn opkomst in de voorstad. In de loop der jaren werden zijn dichtbundels vaak bekroond of genomineerd voor meerdere belangrijke prijzen, en verschenen vertalingen in onder meer Engels, Afrikaans, Frans, Chinees, Indonesisch en Zweeds. Voor de bundel Kooi ontving hij in 2008 de Jan Campert-prijs en de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Zijn werk is soms humoristisch, soms zakelijk en tegelijk vol absurde vondsten. In 2014 verscheen zijn, opnieuw veelbekroonde bundel Mens Dier Ding. In 2021 publiceerde hij de persoonlijke bundel Wie was ik?, waarvoor hij de Herman De Coninckprijs kreeg. Dat zelfde jaar kreeg Alfred Schaffer de P.C. Hooft-prijs, de grootste jaarlijkse oeuvreprijs in de Nederlandse letteren, toegekend.
Alfred Schaffer - foto Luke Kuisis

F. Starik

(Apeldoorn, 1958) is dichter, schrijver, zanger en kunstenaar. Hij debuteerde op zestienjarige leeftijd met de bundel Mot, of de neerslag van de twijfel. Hij studeerde fotografie en mixed media. In 1987 verscheen zijn officiële debuut Nepvuur, spoedig gevolgd door de geruchtmakende bloemlezing Maximaal. Hij richtte in Amsterdam het Starik Museum van kleine werken op. In 1993 verscheen zijn tot dusver enige roman in briefvorm, Mijn Leven Als Museum. Hij was zanger van de Willem Kloos Groep van 1992-2002. Vanaf 2002 verschenen de bundels Simpele Ziel, De grote vakantie (2003), Rode Vlam en De verdwijnkunstenaar (beide 2004). Sinds 2002 beheert Starik de Amsterdamse Poule des Doods, een groep dichters van wisselende samenstelling die bij eenzame uitvaarten gedichten schrijft en voordraagt. Het boek daarover, De eenzame uitvaart, met de gedichten van de deelnemende dichters, verscheen in 2005.
Frank Starik - foto Serge Ligtenberg

Neeltje Maria Min

(Bergen Noord-Holland, 1944) publiceerde op achttienjarige leeftijd gedichten onder het pseudoniem Sophie Perk in het Algemeen Handelsblad. Handelsbladmedewerker en dichter Ed Hoornik nam naar aanleiding van de publicatie contact met haar op. Spoedig daarna werden gedichten van haar hand in het literaire tijdschrift De Gids geplaatst. In 1966 verscheen haar debuutbundel Voor wie ik liefheb wil ik heten bij uitgeverij Bert Bakker. Het werd een van de succesvolste Nederlandse dichtbundels uit de twintigste eeuw, waarvan anno 2003 80.000 exemplaren verschenen zijn, in 21 drukken. In 1985 bracht ze haar tweede bundel uit: Een vrouw bezoeken. De gedichten in de bundel Kindsbeen (1995) werden geprezen om hun heldere gekkigheden.
Neeltje Maria Min - foto Chris van Houts

Anneke Brassinga

(Schaarsbergen, 1948) volgde de opleiding tot literair vertaler aan het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam. In 1974 publiceerde ze haar eerste proza en poëzie onder het pseudoniem A. Tuinman in De Revisor. Ze debuteerde als dichteres in 1987 met de bundel Aurora en als romanschrijfster in 1993 met Hartsvanger. Ze verwierf bovendien bekendheid met haar vertalingen van werken van onder meer Vladimir Nabokov, Oscar Wilde, Sylvia Plath, Jules Verne en W.H. Auden. Haar thema's zijn de natuur en de liefde, maar ook de taal. Om haar rijke woordenschat wordt zij vaak geroemd, evenals om haar taalvaardigheid. In haar gedichten deelt Anneke Brassinga intieme speldenprikken uit. De Nijhoff-prijs 1978 voor haar vertaling van Nabokovs The Gift weigerde Anneke Brassinga in ontvangst te nemen. Ze nam later wel andere prijzen aan zoals de Herman Gorterprijs, de Paul Snoekprijs en de VSB poëzieprijs. Haar poëzie is van meet af aan gunstig onthaald door de meeste critici.
Anneke Brassinga - foto Serge Ligtenberg

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor