Schrijversfeest 2013

Joke van Leeuwen - foto Bob Takes

Het festival sluit groots af met het Schrijversfeest in de Koninklijke Schouwburg. Een programma rond de Nederlandse literatuur met optredens van o.a. Joke van Leeuwen, Nico Dijkshoorn, Ronald Giphart, Bart Moeyaert, jazz-zangeres Denise Jannah en pianist en componist Guus Janssen. 

Hoe staat het ervoor met de Nederlandse letteren? Aan het begin van het jaar maken we de balans op. Schrijfster en critica Marja Pruis geeft haar visie op de stand van zaken. Met muziek en voordracht eren we drie grote schrijvers en dichters die ons in 2012 ontvielen. Jazzkoningin en zangeres Denise Jannah zingt een gedicht van Gerrit Komrij, begeleid door gitarist Robby Alberga. Componist en pianist Guus Janssen eert Bernlef met een compositie voor stem en piano. En we luisteren naar een opname van dichter Rutger Kopland. De Curaçaose auteur en acteur Roland Colastica - hij debuteerde vorig jaar met de jeugdroman Vuurwerk in  mijn hoofd -  vertelt ons het verhaal over zijn moedertaal het Papiaments, hoe hij als kind kennismaakte met de Nederlandse literatuur, over het belang van voorlezen en verhalen vertellen.

Uitreiking Haagse literatuurprijzen
Vier schrijvers vallen vandaag in de prijzen: Stephan Enter ontvangt de F. Bordewijk-prijs voor zijn roman Grip, Wouter Godijn de Jan Campert-prijs voor zijn dichtbundel Hoe H.H. de wereld redde, en Lucas Hüsgen de J. Greshoff-prijs voor beschouwend proza voor zijn boek Nazi te Venlo. Multitalent Joke van Leeuwen krijgt de Constantijn Huygensprijs voor haar volledige oeuvre. Met haar theatrale dankwoord sluiten we de middag af: een uniek optreden van deze schrijfster, dichteres, illustratrice en cabaretière. De prijzen worden uitgereikt door de wethouder voor cultuur van Den Haag, Marjolein de Jong.

Een programma in samenwerking met het Nederlands Letterenfonds, Stichting Lezen en de Jan Campert Stichting.

Informatie

Datum en tijd zondag 20 januari 2013 van 14:00 tot 16:30 uur
Locatie Koninklijke Schouwburg
Prijs € 22,50 (UITpas: € 20,-; CJP/Studenten/Ooievaarspas: € 11,25)

Pieter Steinz

(Rotterdam, 1963 - Haarlem 2016) publiceerde in 2010 Grote Verwachtingen. Opgroeien in de letteren in 25 schema’s, waarin hij 25 literaire werken bespreekt en dwarsverbanden legt. Hetzelfde deed hij in Luisteren & cetera met 25 popalbums uit de jaren zeventig. Hij schreef Made in Europe , Steinz – Gids voor de wereldliteratuur (met zijn dochter Jet) en het Boekenweekessay 2015, Waanzin in de wereldliteratuur. In 2010 verscheen ook De Duivelskunstenaar, een reis door Europa op zoek naar Faust.  Eerder verscheen Macbeth heeft echt geleefd, over plekken waar literaire helden hebben gewoond. In Verleden in verf (2011) schetst Steinz de vaderlandse geschiedenis aan de hand van 40 schilderijen. Pieter Steinz werd in 1989 kunstredacteur bij NRC Handelsblad. Van 2005-2011 was hij chef van de boekenbijlage. Steinz studeerde Oude Geschiedenis en Engelse Taal- en Letterkunde. Sinds 2012 was Pieter Steinz directeur van het Nederlands Letterenfonds, tot aan zijn overlijden in augustus 2016.
foto Claartje Cox

Joke van Leeuwen

(Den Haag, 1952) is een alleskunner. Behalve schrijver van proza en poëzie voor kinderen en volwassenen is ze ook illustrator en performer. In 2008 en 2009 was ze stadsdichter van Antwerpen. Haar geïllustreerde roman Alles Nieuw werd geselecteerd voor de shortlist van de Ako Literatuurprijs 2009. De kinderboeken van Van Leeuwen zijn veelvuldig onderscheiden met de Zilveren Griffel, de Gouden Uil en de Woutertje Pieterseprijs. Vooral haar jeugdboek Deesje werd in vele talen vertaald en onderscheiden in het buitenland. De kracht van haar werk is dat ze haar teksten versterkt met prachtige illustraties. De personages van Van Leeuwen lopen vaak met een verwonderde blik door de wereld terwijl ze tegelijkertijd beklemd lijken door de routine van alledag. Van Leeuwens carrière begon in 1978 toen ze het Camarettenfestival won en haar eerste kinderboek publiceerde. Sindsdien was ze te zien in kleine en grotere producties waarin ze cabaret, literatuur en beeld combineert.
Joke van Leeuwen - foto Bob Takes

Roland Colastica

(Curaçao, 1960) is schrijver, toneelschrijver, acteur en docent. Hij debuteerde in de jaren negentig en publiceerde o.a. bundels met verhalen en gedichten zoals Rueda di fe en Djis kant'i Bo/Heel dicht naast mij. Ook schreef hij enkele kinderboeken en trad hij op tijdens boeken- en theaterfestivals in vele landen. Zijn monoloog Ninga bon presenteerde hij met veel succes bij vele gelegenheden. Een andere one-man show van Colastica is Fo'i bo kuenta, een tragikomische mengeling van verhalen, gedichten, sketches, muziek en liederen. Als schrijver en podiumkunstenaar heeft hij in alle werelddelen gewerkt en nam deel aan internationale literatuurfestivals zoals Een zee van verlangen (2001), Winternachten en Krusa Laman in Den Haag, Aruba, Curaçao en Bonaire. In 2006 ontving hij de hoogste culturele onderscheiding van Curaçao, de Cola Debrot Prijs, voor zijn toneelschrijf- en theaterwerk. Hij schreef een roman voor jongeren in het Nederlands: Vuurwerk in mijn hoofd. Momenteel is hij – met dank aan het Nederlands Letterenfonds - writer in residence in Amsterdam om daar te werken aan een roman voor volwassenen.
Roland Colastica voorstelling Verlangen

Marja Pruis

(Amsterdam, 1959) schrijft vanaf haar romandebuut Bloem over de verwachtingen die mannen en vrouwen van elkaar en het leven hebben. Haar roman Atoomgeheimen gaat over intimiteit en over de teloorgang van idealen. De chroniqueur van het hedendaags vrouwenbestaan is ze wel genoemd; ze verkent haar thematiek verder in haar romans De vertrouweling en Zachte riten. Pruis werkt bij De Groene Amsterdammer als literair redacteur en columnist, en schrijft essays over uiteenlopende onderwerpen als humor, verlegenheid en hebzucht. Ze ontving de Jan Hanlo-prijs voor haar essaybundel Kus me, straf me, en de J. Greshoff-prijs voor essayistiek met Genoeg nu over mij. Voor haar columns, gebundeld in Oplossingen, kreeg ze de J. Heldring-prijs. In Boos Meisje. Over vrouwen en frictie schrijft ze over de spagaat waarin meisjes en vrouwen zich bevinden, onder meer met behulp van portretten van door haar bewonderde schrijvers als Renate Rubinstein en Vivian Gornick. In haar onlangs verschenen confronterende roman Huiswerk gaat het over witte privileges en de spanning tussen werkgever en werknemer.
Marja Pruis - foto Bob Bronshoff

Denise Jannah

(Paramaribo, 1956), Nederlandse jazz-zangeres en zangpedagoge van Surinaamse afkomst, trad over de gehele wereld op voor o.a. Nelson Mandela en Bill Clinton. Van 2013-2016 toerde ze door Nederland met ELLA!, over Ella Fitzgerald, een voorstelling die ook in 2017, 100 jaar na de geboorte van Fitzgerald, weer te zien zal zijn. Ze won twee Edisons en stond zeven keer op het North Sea Jazz Festival. Als eerste Nederlandse muzikant sleepte een platencontract binnen bij prestigieuze jazzlabel Blue Note. Denise Jannah trad o.a. op met Chick Corea, Frank Boeijen, het Rosenberg Trio en Willem Breuker. In 2002 zette ze voor Winternachten gedichten op muziek uit Nederland, Suriname, de Antillen, Zuid-Afrika en Indonesië. Hetzelfde programma bracht ze ook tijdens literaire festivals in Utrecht, Suriname, de Antillen, Zuid-Afrika en Indonesië. In 2015 toerde ze door Rusland en was ze in Nederlandse theaters te zien in een muziektheaterstuk over de emancipatiestrijd van twee vrouwen in Suriname.
Denise Jannah - foto Ron Jenner

Ronald Giphart

(Dordrecht, 1965) is schrijver en columnist. Zijn debuutroman Ik ook van jou (1992), werd bekroond met het Gouden Ezelsoor en verfilmd. Ook zijn tweede roman Giph (1993) was een groot succes. In 2004 ontving hij de C.C.S. Crone-prijs voor zijn gehele oeuvre. Giphart studeerde Nederlands en was nachtportier in een ziekenhuis toen hij begon te schrijven. Ook zijn romans Phileine zegt sorry (1996) en Ik omhels je met duizend armen (2000) werden verfilmd. In 2003 schreef hij het Boekenweekgeschenk, de novelle Gala. In november 2012 verscheen De wake, bestaand uit drie vertellingen die met elkaar verweven zijn. Giphart trok in 2005-2006 langs de theaters met Bart Chabot en Martin Bril. Dit seizoen toert hij met het programma Matennaaiers, samen met Nico Dijkshoorn. Hij schreef jarenlang voor Rails en was er ook een tijdje hoofdredacteur. Verder publiceert hij columns in de Volkskrant en het tijdschrift KijK.
Ronald Giphart - foto Merlijn Doomernik

Bart Moeyaert

(België, 1964) schrijft naast (jeugd- en kinder-)romans ook poëzie, scenario’s, korte verhalen en luisterboeken. Hij studeerde Nederlands, Duits en geschiedenis in Brussel, toen hij debuteerde met Duet met valse noten. Het werd bekroond met de prijs van de Vlaamse Kinder- en Jeugdjury. Voor het tijdschrift Flair schreef hij o.m. over zijn grote voorbeeld, Astrid Lindgren. Later werkte hij voor de Standaard en maakte tv-scenario’s en theaterstukken. In 2000 volgde een theatertournee met verhalen uit het boek Broere, over zijn kindertijd, waarmee hij o.a. de Woutertje Pieterse-prijs won. In 2004 maakte hij met het Nederlands Blazers Ensemble De Schepping, een eigen versie van Haydns Schöpfung. In 2003 debuteerde hij als dichter en drie jaar later werd hij stadsdichter van Antwerpen. In 2013 verscheen zijn bewerking van L'Histoire du Soldat, de tekst van Ramuz waarop Stravinsky zijn compositie baseerde. Bart Moeyaert is artistiek intendant van gastland Vlaanderen en Nederland op de Frankfurter Buchmesse in 2016.
Bart Moeyaert - foto Diego Franssens

Guus Janssen

(Heiloo, 1951) is componist, pianist en klavecinist. Hij studeerde aan het Sweelinck Conservatorium. Janssen zoekt naar verwantschappen tussen klassieke muziek en jazz en heeft ook een voorliefde voor improvisatie. Zijn composities werden uitgevoerd door o.a. het ASKO Ensemble, het Mondriaankwartet, het Nieuw Ensemble, het Radio Kamerorkest, het Concertgebouw Orkest en de Ebony Band. Als pianist en klavecinist trad hij op in vele bezettingen met o.a. John Zorn en Gidon Kremer. Sinds begin jaren tachtig leidt hij zijn eigen ensembles, van (piano)trio tot orkest. In de jaren tachtig kreeg hij de Boy Edgar Prijs voor zijn jazz en geïmproviseerde muziek en de Matthijs Vermeulen Prijs voor zijn compositorisch werk. In 2008 kreeg zijn Verstelwerk, gespeeld door het Riverside Orchestra, een ovationeel applaus in Carnegie Hall, New York. In datzelfde jaar was Janssen composer in residence bij het Brabants Orkest en kwam een solo piano-cd uit: Out of frame. En samen met Friso Haverkamp maakte hij vier opera’s.
Guus Janssen - foto Francesca Patella

Lucas Hüsgen

(Weert, 1960), pseudoniem van Lucas de Jong, debuteerde in 1992 met Zeehond in wormgat. Een jaar later volgde de dichtbundel Nevels orgel (nominatie C. Buddingh'-prijs). De bundel Deze rouwmoedige schoonheid (2005) werd genomineerd voor de Ida Gerhardt Poëzie Prijs.

 Volgens de jury is zijn poëzie “zo verleidelijk en geestig dat we losraken van iedere geijkte redeneertrant of poëtische traditie”. Zijn roman Plooierijen van geschik (2007) kwam op de longlists van de Libris Literatuur Prijs en de Gouden Uil. Hüsgen vertaalt Koreaanse poëzie en zijn recente roman De Windbel leest als een road movie door Korea en de virtuele wereld. Hij vertaalt tevens uit het Duits, werkt voor de literaire tijdschriften nY (v/h Yang) en Parmentier en maakt geregeld teksten voor muziekprojecten. Voor Nazi te Venlo (2011), een zoektocht naar het vermeende naziverleden van zijn overgrootvader, ontvangt hij de J. Greshoff-prijs.
Lucas Hüsgen

Stephan Enter

(Rozendaal, 1973), pseudoniem van S.D.V.B. van Schaffelaer, debuteerde in 1999 met de verhalenbundel Winterhanden. Daarna volgde Lichtjaren (2005) en Spel (2007). Zijn doorbraak kwam in 2011 met Grip waarmee hij de F. Bordewijkprijs en de Gouden Boekenuil won. In Dagblad Trouw stond: "Grip is rijk aan ideeën, klassiek, en diepzinnig, kwaliteiten die in het Nederlandse proza van vandaag schaars zijn geworden." Het Reformatorisch Dagblad noemt Enter “een feilloos stilist [...] die met zijn welgekozen zinnen werelden optilt, deze eventjes ronddraait voor je verbaasde ogen, om ze dan weer met speels gemak te laten verdwijnen. Niet door allerlei taalkundige tierelantijntjes, maar gewoon door heel goed en heel precies te schrijven, met afgewogen beeldspraak." Eind 2011 koos De Volkskrant Grip tot een van De-Drie-Beste-Boeken-van-2011. Grip is vertaald in o.a. het Duits, Italiaans en Noors. In 2015 verscheen zijn vierde roman Compassie.
Stephan Enter - foto Martje Keetman

Wouter Godijn

(Amsterdam, 1955) krijgt de Jan Campert-prijs 2012 voor zijn bundel Hoe H.H. de wereld redde. Hij schrijft over ziek zijn, doodgaan en over de kracht van poëzie. Zware onderwerpen vaak, maar toch is Godijn ook onbedaarlijk grappig. Soms is het pure slapstick, dan weer een politieke parabel. Wouter Godijn debuteerde in 1997 met een roman, Witte tongen, maar ontdekte dat zijn kracht toch vooral in de poëzie school. In 2000 publiceerde hij zijn eerste dichtbundel, Alle kinderen zijn van glas. In zijn hele oeuvre valt vooral het contrast tussen het alledaagse en het verhevene op. Godijn werd landelijk bekend toen Gerrit Komrij en Neeltje Maria Min zijn tweede bundel, Langzame Nederlaag, hadden uitverkoren tot eerste keuze van de Poëzieclub. Zijn derde bundel De karpers en de krab werd genomineerd voor de VSB Poëzieprijs. Inmiddels zijn er drie romans en zeven dichtbundels van hem verschenen.
Wouter Godijn - foto Merlijn Doomernik

Nico Dijkshoorn

(Amsterdam, 1960) studeerde Nederlands en aardrijkskunde en werkte als bibliothecaris tot hij in 1999 doorbrak als internetcolumnist. Direct viel zijn grote talent op: de ironische, tegendraadse en vaak ook ontroerende beschrijving van menselijk gedrag. Landelijke bekendheid volgde met zijn sportcolumn in de Volkskrant. Vervolgens werkte hij mee aan o.a. Café de Wereld, Draadstaal en Dit was het Nieuws. Ook schreef hij voor Hard Gras en Muziekkrant OOR. Sinds 2008 is hij huisdichter bij DWDD. In 2007 verscheen zijn Grote GeenStijl Winterboek en publiceerde hij als P. Kouwes de dichtbundel Daar schrik je toch van. Begin 2009 volgde De tranen van Kuif den Dolder, een roman over een fictieve voetbalheld. In 2012 ging hij op theatertournee met met Matennaaiers (met Ronald Giphart). In 2012 scheef hij het boekenweekessay Verder alles goed en in datzelfde jaar verscheen Appelleren, een verzameling voetbalcolumns, en Dijkshoorn kijkt kunst, een bundel gedichten over het kijken naar beeldende kunst.
Nico Dijkshoorn - foto Elselien van der Wal

Ellen Deckwitz

(Deventer, 1982) is dichter, columnist, recensent en presentator op literaire podia, waaronder Writers Unlimited. Voor haar De steen vreest mij (2011) won ze de C. Buddingh’-prijs voor het beste poëziedebuut. Haar bundel Hogere natuurkunde (2019) is deels reisverhaal, deels mythe, deels getuigenis en het resultaat van gesprekken die Deckwitz voerde met mensen wier wortels ook in voormalig Nederlands-Indië liggen. In 2022 verscheen Eerste hulp bij poëzie, een omnibus waarin haar bundels Olijven moet je leren lezen (2020) en Dit gaat niet over grasmaaien (2021) zijn opgenomen. Deckwitz schrijft columns voor NRC Handelsblad, leest in haar NPO Radio Luister-podcast Poëzie vandaag elke werkdagochtend een Nederlands of vertaald gedicht voor, en is een van de drie recensenten van de podcast Boeken FM. Sinds najaar 2025 is ze een van de presentatoren van Nooit meer Slapen, het nachtelijke cultuurprogramma van de VPRO.

Instagram: @la_deck
Ellen Deckwitz - foto Merlijn Doomernik

Jaap Cohen

Jaap Cohen (1980) studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Tussen 2008 en 2011 schreef hij een wekelijkse historische rubriek voor nrc.next, waarin hij het heden met het verleden vergeleek. Hij publiceerde Het bewaren van de oorlog (2007) en What’s New? (2011). Momenteel werkt hij aan een proefschrift over de geschiedenis van de Sefardische familie Jessurun d’Oliveira-Rodrigues Pereira.

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor