Copyright Nederland - debat

Bert Paasman, Cynthia McLeod en Ruben Severina in 'Copyright Nederland' - foto Serge Ligtenberg

Een debat met panel en publiek. De discussie werd geopend door Barryl Biekman, voorzitter van het Landelijk Platform Slavernijverleden. Daarop volgde een levendig debat over geschiedschrijving. Volgens Biekman schreven de witte historici leugens over de geschiedenis van 'de West'. Paasman verdedigde de moderne geschiedschrijvers en hield een pleidooi voor het samenbrengen van 'zwarte' en 'witte' visies op de geschiedenis in één bundel. Vanuit de zaal werd opgeroepen tot een gezamenlijke inspanning van zwarte en witte historici tot herschrijven van de geschiedenis.

Informatie

Datum en tijd zaterdag 18 januari 2003 van 15:00 tot 17:30 uur
Locatie Theater aan het Spui

Barryl Biekman

(1950, Paramaribo, Suriname) studeerde Pedagogiek aan de Rijksuniversiteit Leiden. Ze is lid van de politieke partij D66 en is nu al ruim dertig jaar actief op diverse terreinen in de politiek. Biekman is de auteur van het D66-initiatiefvoostel Diversiteitsbeleid: etnisch culturele minderheden bij de provincie Zuid-Holland. Ze pleit onder andere voor een goed en toegankelijk aanbod bij algemene instellingen voor mensen met meer dan alleen een Nederlandse cultuur. Ze is voorzitter van het Landelijk Platform Slavernijverleden.
WIN 2002
Barryl Biekman

Bert Paasman

(Hoogeveen, 1939) promoveerde in 1984 op de discussie over de slavenhandel en slavernij, gevoerd in literaire en andere teksten (ca. 1625-1825). Paasman is sinds 1962 docent Nederlandse Historische en Moderne Literatuur aan de Universiteit van Amsterdam, met specialisaties Verlichting, koloniale-, postkoloniale- en migrantenliteratuur en Nederlands als bronnentaal. Hij is redacteur van reeksen en tijdschriften op het gebied van Verlichting en Oost- en West-Indische letteren. Hij verzorgde gastdocentschappen aan universiteiten en hogescholen in onder meer Indonesië, Zuid-Afrika en Suriname. Paasman is emeritus hoogleraar koloniale en postkoloniale cultuur- en literatuurgeschiedenis van de Universiteit van Amsterdam.
Bert Paasman tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Ruben Severina

(Curaçao, 1956) was jarenlang het gezicht van de Antilliaanse gemeenschap in Nederland. Hij kwam in 1989 naar Nederland om te studeren en wilde daarna terug naar Curaçao. Hij bleef hier echter vanwege zijn jonge gezin en vond een nieuwe missie: de belangenbehartiging van Arubanen en Antillianen in Nederland. Met de stichting SPLIKA zette hij zich in voor de bevordering van het Papiamentu, de taal die hij ook doceert. Vervolgens was hij jarenlang voorzitter van het MAAPP, het platform voor de maatschappelijke participatie van Antillianen en Arubanen in Nederland. Bij zijn afscheid op 1 maart 2009 kreeg hij de MAAPP-award Mi ta yuda uitgereikt, een nieuwe onderscheiding die voortaan elk jaar op Severina’s verjaardag zal worden toegekend aan mensen die zich hebben ingezet voor de Antilliaanse en Arubaanse gemeenschap. Ruben Severina zat enige tijd voor de PvdA in de gemeenteraad van Zoetermeer en hij is thans voorzitter van HAAB (Haags Antilliaans Arubaans Beraad).
Ruben Severina tijdens Winternachten 2005 - foto Serge Ligtenberg

Edwin Marshall

(1949, Paramaribo, Suriname) doorliep de middelbare school in Suriname. Vervolgens vertrok hij naar Nederland om in Utrecht psychologie te studeren. Marshall ging daarna werken op het Ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling in zijn geboorteland. Vijf jaar later reisde hij weer af naar Nederland. Hij ging rechten studeren in Rotterdam. Tegenwoordig is hij werkzaam bij Stichting Leerplan Ontwikkeling Nederland als projectleider bij de ontwikkeling van het Educatief Masterplan voor Suriname, Nederlandse Antillen en Aruba. Maatschappelijk is Marshall bijzonder actief. Naast vice-voorzitter van Surinaams Inspraakorgaan en Stichting Minderheden Organisaties in Overijssel, is hij bestuurslid van NINSEE (dynamisch monument slavernijverleden). Tevens is Marshall secretaris van het openbaar onderwijs in Enschede.
WIN 2002
Edwin Marshall tijdens Winternachten 2003 - foto Serge Ligtenberg

Gibi Bacilio

(Curaçao, 1950) is dichter en voordrachtskunstenaar. Hij studeerde filosofie en theologie in Colombia en Nederland. In Utrecht rondde hij zijn studies af aan de Akademie voor Expressie door Woord en Gebaar en was daar docent dramatische expressie. Hij woont op Curaçao. Bacilio is zeer actief in het (straat)toneel, met name in Grupo di Teatro Foro, waarvan hij in de jaren zeventig en tachtig de artistiek leider was. Hij produceerde en presenteerde culturele televisieprogramma's en bekwaamde zich verder in de voordracht van orale literatuur en geschreven ritmische poëzie, het genre dat hij zelf schrijft. Bacilio schrijft over het koloniale verleden, de indianen, de slavernij en de dominante en verwarrende opstelling van Nederland. Maar er is ook veel tederheid en erotiek in zijn werk. Zijn gedichten zijn gepubliceerd in verscheidene boeken en tijdschriften. In 2000 verscheen de dichtbundel Kueru Marká.
Gibi Bacilio - foto Serge Ligtenberg

Cynthia Mc Leod

(Suriname, 1936) debuteerde met Hoe duur was de suiker? (1987), de roman die haar op slag de bekendste schrijver van Suriname maakte en die in 2013 werd verfilmd. Als een van de eersten beschreef McLeod de geschiedenis, het slavernijverleden en de kolonisatie van haar land vanuit een Surinaams perspectief. Inmiddels expert op dat gebied geeft ze colleges over het slavernijverleden aan diverse Amerikaanse en Canadese universiteiten, en organiseert ze educatieve tochten langs vroegere Surinaamse plantages en stadswandelingen door Paramaribo. Ze schreef andere historische romans, waaronder De Vrije Negerin Elisabeth, gevangene van kleur (1992), studies, kinderboeken en -musicals. Haar laatste boek, No kwik in het bos (2017) is een jeugdroman over een tienjarig meisje en de gevaren van kwik bij goudwinning. McLeod is een dochter van Johan Ferrier, de eerste president van Suriname.
Cynthia McLeod - Serge Ligtenberg

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor