Hello, poëzie en muziek

Laat je vervoeren door poëzie uit binnen- en buitenland. Beluister de voordrachten van de dichters, onder wie de genomineerden voor de VSB Poëzieprijs. Dick van der Harst zette speciaal voor Winternachten een gedicht van Adonis op muziek.

Runa Svetlikova - foto Hadewych Veys

Informatie

Datum en tijd vrijdag 15 januari 2016 22:40 tot 23:50 uur
Locatie Theater aan het Spui - Zaal 1
Prijs € 28,50 (UITpas: € 25,-; CJP/Studenten/Ooievaarspas: € 14,25)

Laat je aan het einde van de avond vervoeren door poëzie uit binnen- en buitenland. Beluister de jonge dichters Jeroen van Rooij en Runa Svetlikova en ontmoet geliefde dichters als Adonis en Michael Krüger. Presentatrice Anna Luyten stelt u tevens drie genomineerden voor de VSB Poëzieprijs voor: Geert van Istendael, Maud Vanhauwaert en Pieter Boskma. Dick van der Harst brengt met zijn muzikanten gevarieerde muziek om bij weg te dromen. Speciaal voor Winternachten zet hij een gedicht van Adonis op muziek. Nederlandstalig

Jeroen van Rooij

(Geldrop, 1979) debuteerde in 2010 met De eerste hond in de ruimte, over jongeren die zich nachtenlang te buiten gaan aan techno en xtc, waarin hij thema’s aansnijdt als eenzaamheid, verslaving en relaties. De gebundelde verhalen verschenen eerder in het Vlaamse literaire tijdschrift DW B. Zijn tweede roman, Het licht (2012), die de longlist van de Gouden Boekenuil haalde, ging wederom over een groep vrienden die samen naar muziek luisteren, experimenteren met drugs en seks en eindeloos in de weer zijn met sociale media, totdat hun leven wordt verstoord door een reeks zelfmoorden. In 2014 volgde zijn poëziedebuut Niemand had er enig idee van wat er aan de hand was, dat werd genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. In zijn gedichten roept Van Rooij vaak een ongemakkelijke, geladen sfeer op door citaten uit hun verband te trekken. Hij toont zo een wereld die steeds weer ontsnapt aan onze plannen en verwachtingen.
Jeroen van Rooij - foto Koen Broos

Runa Svetlikova

(België, 1982) debuteerde in 2014 met de dichtbundel Deze zachte witte kamer waarmee ze de Herman De Coninck debuutprijs won en werd genomineerd voor de C. Buddingh'-prijs. Ze treedt regelmatig op en organiseert zelf ook kleine poëziefestivals. Poëzie is voor haar ‘een middel om controle uit te oefenen op wat oncontroleerbaar is, met als wapen een pen, als schild mijn loep’. Ze schrijft over alles: ‘wat ik lees in magazines over psychologie of wetenschap, of iets dat ik zag, een man in pak met gele sneakers… Toch zijn het vooral mensen die me inspireren: zwakheden en neuroses, schoonheid in wat lelijk is: de dood van mijn vader, en het feit dat de vingernagels van mijn dochter dezelfde vorm hebben als die van hem.’ Svetlikova besteedt in Deze zachte witte kamer en op haar website veel aandacht aan de vormgeving. Niet verwonderlijk: ze studeerde behalve taal- en letterkunde namelijk ook grafisch ontwerp.
Runa Svetlikova - foto Hadewych Veys

Maud Vanhauwaert

(België, 1984) noemt zichzelf poëzie-cabaretière. Ze maakt filmpjes, schrijft columns en trekt door Vlaanderen met haar eigen avondvullende programma Het is de moeite om poëzie dichter bij het publiek te brengen. In haar poëziecabaret steekt ze de draak met de traditionele poëzievoordracht die dichters én publiek soms een ongemakkelijk gevoel bezorgt. Vanhauwaert studeerde Woordkunst op het Conservatorium in Antwerpen, waar ze nu ook zelf lesgeeft. Ze schreef columns voor De Morgen en maakte bijdrages voor het cultuurprogramma Bar du Matin op Radio 1. Voor haar debuutbundel Ik ben mogelijk uit 2011 kreeg ze de Vrouw Debuut Prijs. Met haar tweede dichtbundel Wij zijn evenwijdig (2014) kreeg ze de Herman de Coninck Publieksprijs en de Hugues C. Pernathprijs 2015. Ze werd met deze bundel tevens genomineerd voor de VSB Poëzieprijs 2016. In 2012 was ze finalist van het Wereldkampioenschap Poetry Slam en in 2014 van het Leids Cabaret Festival. Voor de Vlaamse tv trok ze in 2014 de straat op om mensen op onverwachte plaatsen te laten kennismaken met poëzie.
Maud Vanhauwaert - foto Koos Breukel

Adonis

(Syrië, 1930) is de lievelingsdichter van burgemeester Aboutaleb van Rotterdam en hij wordt gezien als een kanshebber voor de Nobelprijs voor de Literatuur. Na een studie filosofie in Damascus vertrok hij naar Beiroet en vervolgens naar Parijs. In 1961 verscheen zijn beroemdste dichtbundel De gezangen van Mihyar uit Damascus. Zijn gedichten, essays, brieven en interviews zijn veelvuldig vertaald, vooral in het Frans. Hij brak met de formele structuur in de Arabische poëzie en experimenteerde met vrije verzen en prozagedichten. Adonis schrijft in het Arabisch: ‘Poëzie schrijven in deze taal [...] betekent het onzichtbare ontsluieren en de afgrond van de afwezigheid zichtbaar maken die ons van het onzichtbare scheidt’. Adonis neemt in zijn werk afstand van de islam maar houdt ook het westen een spiegel voor, dat zijn denkers en dichters niet in ere houdt en daarmee het begrip tussen Oost en West in de weg staat. Tijdens het festival verschijnt de eerste bloemlezing van zijn werk in het Nederlands: Wat blijft.
Adonis portret - foto Poetry International

Dick van der Harst

(1959) is componist, arrangeur en musicus die in zijn werk vele invloeden laat samensmelten zoals jazz, klassiek en volksmuziek uit alle hoeken van de wereld. Van 1989-2013 was hij ‘componist in residentie’ van LOD Muziektheater in Gent. Hij maakte onder andere muziektheaterproducties met acteur en regisseur Koen De Sutter en met Alain Platel van Les Ballets C de la B. Ook in zijn eigen volkse fanfare Banda Azufaifo en het hartverwarmende Huis der verborgen muziekjes I & II, brengt hij een keur aan stijlen samen, van Mozart tot Camarón de la Isla. In 2001 kreeg hij de Louis Paul Boon-prijs 'voor zijn maatschappelijk engagement en de binding met de mens die in zijn hele oeuvre terug te vinden is'. Drie jaar later werd hij bekroond met de Grote Theaterfestival Prijs. In 2007 en 2008 was Van der Harst stadscomponist van Gent. Hij maakte verschillende cd’s, o.a. met Sinterklaas-, Kerst- en Nieuwjaarsliederen uit verschillende culturen. Op het Winternachten festival 2016 zal hij als musicus in residence zelf muziek maken en componeren, alsmede musici en muziek uitzoeken voor de verschillende programma's.
Dick van der Harst - foto

Anna Luyten

(België, 1963) is journaliste, filosofe, literatuur- en theaterwetenschapper. Ze interviewde tal van grote namen uit de kunstwereld voor Canvas en was van 2000 tot 2006 juryvoorzitter van De Gouden Uil. Luyten schreef onder meer voor de kranten De Morgen, De Standaard en de tijdschriften Knack, Humo en Vrij Nederland. In opdracht van het festival van Vlaanderen en Klara bewerkte zij een van haar reportages tot operalibretto. Ze maakt deel uit van de vaste kern van 'levend boekenprogramma' Uitgelezen en was gastprofessor kunstfilosofie in The School of Arts in Gent. Als schrijver in residentie in Boekarest schreef ze het cityboek De weg van de mier over een Roemeense chauffeur die zijn geliefde mist nadat ze is gevlucht voor het regime van Ceauşescu. Voor het Vlaams-Nederlands Huis deBuren maakt ze IM (In Memoriam), een meerjarige reeks waarin ze met een bekende gast bespreekt hoe hij of zij na de dood herdacht wil worden.
Anna Luyten

Michael Krüger

(Duitsland, 1943) is schrijver, vertaler en uitgever. Zijn doel in het leven is naar eigen zeggen om ‘mensen te tonen dat een dag zonder gedicht een verloren dag is.’ Wijlen Michael Zeeman noemde hem ‘een romanticus in de era van het cynisme, een lyrische stem van het verlangen’. In 2012 verscheen Voor het onweer, een selectie van zijn poëzie vertaald door Cees Nooteboom, die ook al eerder werk van Krüger vertaalde. In zijn inleiding prees Nooteboom de ‘volstrekt eigen’ stem van Krüger ‘die je meetrekt in een intimiteit, parlandopoëzie van een bedrieglijke eenvoud, waarin veel gezien en veel verteld wordt’. Krüger werkte van 1968-2013 voor de fameuze Duitse uitgever Carl Hanser Verlag waar hij uiteindelijk directeur van werd. Michael Krüger was vanaf 1975 jurylid van de Petrarcaprijs voor Europese dichters. Sinds 2013 bekleedt hij het voorzitterschap van de Bayerischen Akademie der Schönen Künste.
Michael Krüger

Pieter Boskma

(Leeuwarden 1956) studeerde tussen 1977-1984 diverse talen, oost-Aziatische kunstgeschiedenis en antropologie. In 1984 debuteerde hij in eigen beheer met een bundel Virus, virus en eind jaren tachtig sloot hij zich aan bij de Maximalen, een groep dichters die om meer actie in de dichtkunst riepen. Sindsdien schreef hij een tiental bundels maar ook verhalen en novellen. Zijn werk is in diverse talen vertaald. Een van de meest indrukwekkende bundels van zijn hand is De aardse komedie, een enorm 'romangedicht' dat met de grote poëzie uit het verleden wedijvert. Naar aanleiding van de dood van zijn vrouw schreef hij de indrukwekkende rouwbundel Doodsbloei, gevolgd door het extatische lentelied Mensenhand waarin hij een nieuwe vrouw, Hera, tot leven wekt. In de bundel Zelf (2015) verwoordt Pieter Boskma hoe de rouw om zijn vrouw doorwerkt tot in de kern van zijn dichterlijke persoonlijkheid. Hij werd voor deze bundel genomineerd voor de VSB Poëzieprijsd. Boskma’s gedichten zijn vertaald en gepubliceerd in China, Tsjechië, Frankrijk en de Verenigde Staten. In 2012 was hij een van de dichters die deelnam aan de ‘The New York to Pittsburgh and Back Dutch Poetry Tour’. 




Pieter Boksma - foto Koos Breukel

Geert van Istendael

(1947, België) is schrijver en vertaler. Voorheen was hij ook journalist en nieuwslezer bij het Vlaamse televisiejournaal. Grote bekendheid kreeg hij als auteur van goed gedocumenteerde boeken over België en Brussel. In Het Belgisch labyrint (1989) analyseert hij zijn geboorteland op hartstochtelijke en erudiete wijze. In 2005 verscheen Mijn Nederland, als antwoord op de vraag Holland te verklaren voor radeloze Hollanders. Met Verhalen van het Heggeland (1991), maar vooral dankzij Altrapsodie (1997) maakte hij naam als romancier. In zijn poëzie breekt hij met een maatschappij die zichzelf verliest in "de desastreuze modernisering". In meerdere debatten heeft hij aangegeven in een Heel-Nederland, een Benelux, te geloven, waarin de Duitse, Franse en Nederlandse talen en culturen elkaar verrijken. In 2007 publiceerde zijn dochter Judith Vanistendael het stripalbum De maagd en de neger, gebaseerd op een kort verhaal van haar vader over de liefde tussen een economiestudente en een politiek vluchteling uit Togo. Dit jaar werd zijn bundel Het was wat was genomineerd voor de VSB Poëzieprijs 2016.

Geert van Istendael - foto Bart Lasuy

Lieselot de Wilde

(Belgie, 1984) studeerde in Leuven bij Dina Grossberger en Katelijne Van Laethem. Ze wordt gecoacht door Jard van Nes en Catrin Wyn Davies. Ze heeft een voorliefde voor hedendaagse opera en muziektheater maar ze is ook bijzonder actief in het barokrepertoire. Haar eigen barokensemble Bel Ayre, dat in 2011 werd uitgeroepen tot Selected Promising Ensemble op het Festival Laus Polyphoniae (Antwerpen), verzorgde concerten in onder meer Bozar, op de Operadagen Rotterdam en op het Festival van Vlaanderen Mechelen. Ze werkte als soliste samen met onder meer James Wood, Erik Van Nevel, Marcel Pérès, Titus Engel, Il Gardellino en de vocale ensembles Encantar en Psallentes. In 2014 werd ze geselecteerd voor de prestigieuze Luzern Festival Academy waar ze als eerste sopraansoliste zong in Luciano Berio’s Coro onder Sir Simon Rattle. Ze zong en creëerde werken van hedendaagse componisten als Frank Nuyts, Thomas Smetryns en Alain Craens en ze werkte mee aan diverse producties van Het muziek LOD, muziektheater Transparant en de Vlaamse Opera.
Lieselot de Wilde - foto Kurt van der Elst

Wim Konink

(België, 1962) is een veelzijdig performer. Hij is werkzaam in verschillende disciplines zoals muziek- en danstheater, klassiek-hedendaagse en geïmproviseerde muziek. Hij werkte mee aan producties van het Scapino Ballet, Walpurgis, Xynix, Toneelgroep Amsterdam en het Spectra Ensemble. Als slagwerk-solist speelde hij op de belangrijkste hedendaagse muziekpodia in Europa en Australië. In België speelt Wim Konink voornamelijk composities die speciaal voor hem geschreven zijn. Zo hebben onder meer Peter Vermeersch, Luc Brewaeys, Frank Nuyts, Philippe Boesmans en Fredic Rzewski voor hem gecomponeerd. Wim Konink speelde in diverse soloprogramma’s met Quatuor Danel en een duo-programma voor slagwerk met Marcel Andriessen. Als componist schreef hij theatermuziek voor Ensemble Leporello, Teneter en Compagnie Boktor. Wim Konink is als docent verbonden aan het conservatorium van Gent.
Wim Konink - foto Annique Konink-Burms

Reinier Voet

(Amsterdam 1962) studeerde jazz gitaar aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Hij is een bewonderaar van Django Reinhardt, maar laat zich ook inspireren door hedendaagse gitaristen als Jim Hall, Jimmy Raney, Pat Martino, Boulou Ferre en door Oost-Europese (zigeuner)muziek. Reinier Voet werkte met een aantal eigen ensembles (Cravat Quartet, met Hady Mouallem, Deux-Creme-Deux met gitarist Henk de Geus), en trad op met gitaristen Jimmy Rosenberg en Fapy Lafertin, klezmer klarinettist Marcel Salomon, en kunstenaar/violist Armando. Met Dick van der Harst werkte samen voor muziektheatergezelschap Het Muziek LOD. Nu is zijn belangrijkste project Reinier Voet en Pigalle44, waarin hij samenwerkt met gitarist Jan Brouwer.
Reinier Voet - foto Merlijn Doomernik

Guy Danel

(Belgie) is violist en cellist. Hij begon zijn studie bij de beroemde violist Pierre Penassou. Daarna trad hij toe tot diverse strijkensembles, voornamelijk in de klassieke wereld. Als lid van zijn eigen Quatuor Danel speelde hij op de Conversations/Conservations plaat van pianist Kris Defoort. Hij geeft les in kamermuziek op het Conservatorium in Brussel.
Guy Danel - foto Emmanuel Bosteels

Discover

25 augustus 2026

Codes

Jet Steinz over het Ezelsoor